Gedrukte publicatie (waarschijnlijk een rapport of handboek over landbouw-economie).
Personen op deze lijst
De parser heeft deze regels uit de scan gehaald. Gekoppelde personen linken door naar hun dossier.
Transcriptie
Gedrukte publicatie (waarschijnlijk een rapport of handboek over landbouw-economie). [Pagina 24]
24
Wanneer wij nu, vergelijkend, de productiekosten voor verschillende citrusproduceerende landen opstellen naast Suriname, dan komen wij tot het volgende beeld:
Tabel 12 $^9$).
(De cijfers voor Suriname werden bijgevoegd.)
Vergelijkende kosten per kist (in £)
| Pales. | Spanje | Braz. | Cal. | Z.Afr. | Sur. | |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Veldkisten | 2/0 | 1/0 | 1/4 | 2/9 | 2/6 | -/6 |
| Verpakking etc. | 3/6 | 3/0 | 2/8 | 2/2 | 2/9 | 2/7 |
| Binnenlandsch vervoer | - | - | -/10 | -/8 | 1/3 | -/5 |
| Overzeesche vracht | 1/2 | 1/1 | 3/6 | 3/8 | 2/11 | 2/6 |
| Andere overzeesche kosten incl. commissie | 1/9 | 1/6 | 1/6 | 1/6 | 1/6 | 1/1 |
| Invoerrechten | 2/6-1/- | 2/6-1/- | 2/6 | 2/6 | - | -/11 |
| Totaal | 10/11-9/5 | 9/1-7/7 | 12/4 | 13/3 | 10/11 | 8 |
Het blijkt uit deze cijfers, dat wij, behalve Spanje gedurende een zekeren tijd van het jaar, het goedkoopste op de Europeesche markt verschijnen. Men bedenke echter, dat de kosten — behalve voor Suriname — berekend zijn voor de Engelsche markt.
Indien Suriname ook 2/6 aan invoerrechten op de Engelsche markt zou moeten betalen, dan zouden de totaalkosten worden 7/1 + 2/6 = 9/7, wij zouden dan ongeveer even duur als Palestina zijn. Het is van belang hierbij te bedenken, dat Suriname nog aan het begin der Citruscultuur staat en dus op meerdere posten nog besparen kan, als alles eens met groote hoeveelheden, goed georganiseerd zal werken. Suriname zal door vermindering der verpakkingskosten en vracht, niet alleen goedkooper op de Nederlandsche maar zelfs op de Engelsche markt kunnen leveren, dan haar concurrenten Brazilië, Californië en Zuid-Afrika.
Het is duidelijk, dat een toenemende oogst deze cijfers eveneens gunstig kan beïnvloeden en zeer zeker zal dit het geval zijn, indien de oogst per vlakte-eenheid tot het bereikbare maximum zal stijgen. Als dan tevens de andere kosten gedrukt kunnen worden, dan zal het wellicht mogelijk zijn de totaalkosten niet te verhoogen, terwijl de gunstige relatie tusschen de veldkosten en de oogstbehandelingskosten eveneens gehandhaafd moet worden.
Nauwgezette proefnemingen en waarnemingen zullen ons moeten leeren, hoe, op de verschillende grondsoorten, de oogst-quantiteit op de meest economische wijze te beïnvloeden is. Het is
[Pagina 25]
25
van belang in dit verband er op te wijzen, dat bijna overal ter wereld, de citruscultuur onder toevoeging van organische- en kunstmest wordt gedreven. Allereerst wordt de eisch eener goede structuur aan den bodem gesteld. Stahel en Müller $^{12}$) (pag. 23), die ook de lichtere gronden van Suriname onderzochten, schrijven hierover: „moeten dus de binnenlandsche gronden, wat het gehalte aan voedingsstoffen aangaat, beslist als arm worden aangemerkt, hun structuur, meer in het bijzonder die der meer leemachtige gronden, is beter dan die der vruchtbare klei van het kustgebied. Bij een jaarlijks herhaalde zware bemesting met alle voor den plantengroei noodige voedingsstoffen, liefst gecombineerd met groenbemesting, blijken deze terreinen inderdaad behoorlijken cultuurgrond te leveren"..... Op grond van deze, voor de citruscultuur zeer positieve, uitspraak zullen belangrijke gegevens juist op dit punt b. v. in Dirkshoop verkregen kunnen worden.
Daarnaast moet echter ook zeer veel aandacht aan de oogstkwaliteit worden gegeven. Door ziektebestrijding en verfijning der cultuur zal het uiterlijk van het fruit verbeterd moeten worden, zooals reeds vroeger werd betoogd, en het maximum bereikt moeten worden, dat dit fruit toelaat. Verdere selectie zal, zoo mogelijk, de standaard van het fruit moeten verbeteren. Gezien de bijzondere waarde welke heden ten dage aan het uiterlijk van fruit toegekend wordt, zal aan dit punt zeer bijzondere zorg moeten gegeven worden.
Door een gunstige oplossing van het transportvraagstuk zal ook het percentage rot fruit, dat aan de markt komt, tot een minimum teruggebracht moeten worden.
Het eenvoudigste is het, om met koelschepen te verschepen. Goed ingerichte koelschepen van fruittransport, die dus een installatie voor „air-conditioning" hebben, d.w.z. een installatie, waarbij gekoelde lucht door de ruimen geblazen wordt op een constante temperatuur, met een vrij constant CO2- gehalte en een eveneens constant gehouden relatieve luchtvochtigheid, voldoen het best aan de eischen van dit transport. Hierbij mag echter niet vergeten worden, dat de eventueel aanwezige zwammen of schimmels in het fruit, door de lagere temperaturen niet gedood worden, doch dat slechts hun groei wordt vertraagd en in sommige gevallen practisch - hoewel nimmer geheel - wordt stop gezet. Bovendien weten wij thans, $^{19}$) mede door eigen, nog niet gepubliceerde, onderzoekingen, dat het koelen van het fruit dit steeds beschadigd. De schade moge zeer gering zijn in de meeste gevallen, het percentage, waarin een merkbare schade optreedt, is echter niet gering en kan al naar de rijpheid van het fruit op het oogenblik, dat de koeling begon tusschen 5 en 30% varieeren. Bemerkbaar wordt deze schade meestal pas, nadat het fruit * Economische positionering: De auteur betoogt dat Suriname een sterke concurrentiepositie heeft op de citrusmarkt vanwege relatief lage productiekosten (£ 8 per kist vergeleken met £ 13/3 voor Californië). Suriname profiteert van lagere invoerrechten en lagere "veldkosten".
* Landbouwkundige uitdagingen: Ondanks de vruchtbare klei in het kustgebied, zijn de binnenlandse gronden arm aan voedingsstoffen. Er wordt gepleit voor zware bemesting en groenbemesting om de structuur te verbeteren, waarbij verwezen wordt naar proeven in Dirkshoop.
* Kwaliteit en Transport: De tekst benadrukt dat een goedkoop product niet genoeg is; de visuele kwaliteit (uiterlijk) moet omhoog door ziektebestrijding. Tevens is de logistiek cruciaal: koelschepen met "air-conditioning" (controle over temperatuur, CO2 en vochtigheid) zijn nodig om rot tegen te gaan, hoewel koeling zelf ook schade aan het fruit kan toebrengen (tussen 5% en 30%). Dit document stamt uit een periode waarin Suriname (toen nog een Nederlandse kolonie) haar landbouw trachtte te diversifiëren. De citruscultuur werd gezien als een veelbelovend exportproduct voor de Europese (met name de Nederlandse en Engelse) markt. De verwijzing naar Stahel en Müller duidt op wetenschappelijk onderzoek door Gerold Stahel, een bekende botanicus en directeur van het Landbouwproefstation in Suriname in de vroege 20e eeuw. De tekst reflecteert de transitie van kleinschalige teelt naar een meer geïndustrialiseerde, wetenschappelijk onderbouwde exportsector, waarbij transporttechniek (koeling) en bodemverbetering de belangrijkste knelpunten waren.
Samenvatting
- Economische positionering: De auteur betoogt dat Suriname een sterke concurrentiepositie heeft op de citrusmarkt vanwege relatief lage productiekosten (£ 8 per kist vergeleken met £ 13/3 voor Californië). Suriname profiteert van lagere invoerrechten en lagere "veldkosten".
- Landbouwkundige uitdagingen: Ondanks de vruchtbare klei in het kustgebied, zijn de binnenlandse gronden arm aan voedingsstoffen. Er wordt gepleit voor zware bemesting en groenbemesting om de structuur te verbeteren, waarbij verwezen wordt naar proeven in Dirkshoop.
- Kwaliteit en Transport: De tekst benadrukt dat een goedkoop product niet genoeg is; de visuele kwaliteit (uiterlijk) moet omhoog door ziektebestrijding. Tevens is de logistiek cruciaal: koelschepen met "air-conditioning" (controle over temperatuur, CO2 en vochtigheid) zijn nodig om rot tegen te gaan, hoewel koeling zelf ook schade aan het fruit kan toebrengen (tussen 5% en 30%).
Historische context
Dit document stamt uit een periode waarin Suriname (toen nog een Nederlandse kolonie) haar landbouw trachtte te diversifiëren. De citruscultuur werd gezien als een veelbelovend exportproduct voor de Europese (met name de Nederlandse en Engelse) markt. De verwijzing naar Stahel en Müller duidt op wetenschappelijk onderzoek door Gerold Stahel, een bekende botanicus en directeur van het Landbouwproefstation in Suriname in de vroege 20e eeuw. De tekst reflecteert de transitie van kleinschalige teelt naar een meer geïndustrialiseerde, wetenschappelijk onderbouwde exportsector, waarbij transporttechniek (koeling) en bodemverbetering de belangrijkste knelpunten waren.