Archief 745
Inventaris 745-367
Pagina 78
Jaar 1941
Document
Stadsarchief

Gedrukt verslag of rapport (technisch/bestuurlijk).

Administratieve Lijst Gedrukt nvt 9 persoonsregels
gedrukt 9 controle nodig

Personen op deze lijst

De parser heeft deze regels uit de scan gehaald. Gekoppelde personen linken door naar hun dossier.

9 controle nodig Regels met lagere zekerheid of OCR-/transcriptiewaarschuwing
# Naam Adres Markt Product Zekerheid Waarschuwing Actie Bronregel
1 Grondsoort. in %. 60% lagere parse-zekerheid; geboortedatum niet eenduidig
| Grondsoort. | Oppervlakte in ha. | in %. | |
2 Klei . . . . . . . . . . . 49 (33,2) 60% lagere parse-zekerheid; geboortedatum niet eenduidig
| Klei . . . . . . . . . . . | 28.000 | 49 | (33,2) |
3 Zware zavel . . . . . . . . 16,6 (26,2) 60% lagere parse-zekerheid; geboortedatum niet eenduidig
| Zware zavel . . . . . . . . | 9.500 | 16,6 | (26,2) |
4 Lichte zavel . . . . . . . . 8,7 (20,8) 60% lagere parse-zekerheid; geboortedatum niet eenduidig
| Lichte zavel . . . . . . . . | 5.000 | 8,7 | (20,8) |
5 Kleihoudend zand . . . . . . 24,4 (16,6) 60% lagere parse-zekerheid; geboortedatum niet eenduidig
| Kleihoudend zand . . . . . . | 14.000 | 24,4 | (16,6) |
6 Kleiarm zand . . . . . . . . 1,3 ( 1,3) 60% lagere parse-zekerheid; geboortedatum niet eenduidig
| Kleiarm zand . . . . . . . . | 750 | 1,3 | ( 1,3) |
7 Veen . . . . . . . . . . . ( 1,8) 60% lagere parse-zekerheid; geboortedatum niet eenduidig
| Veen . . . . . . . . . . . | — | — | ( 1,8) |
8 Keileem . . . . . . . . . . ( 0,1) 60% lagere parse-zekerheid; geboortedatum niet eenduidig
| Keileem . . . . . . . . . . | — | — | ( 0,1) |
9 Totaal . . . . . . . . 100 (100) 60% lagere parse-zekerheid; geboortedatum niet eenduidig
| Totaal . . . . . . . . | 57.250 | 100 | (100) |

Transcriptie

Gedrukt verslag of rapport (technisch/bestuurlijk). [Pagina 36]

gehouden met de bezwaren, welke het maken van een breed afwate-
ringskanaal op hoog peil door de bestaande streek zal opleveren. Zoo-
als reeds is opgemerkt, is tusschen Edam en Schardam het rand-
kanaal alleen voor de scheepvaart noodig. De goedkoopste oplossing
bleek nu verkregen te worden door den aanleg van een 600 tons
kanaal in den polder van Edam tot Oosterleek, eventueel, wanneer
een binnendijks randkanaal wordt gemaakt tot Blokkerhoek. Wel
zal de scheepvaart hier eenige vertraging ondervinden door het af- en
opschutten naar en van den polder en zal deze met schutwater
worden belast, maar de weg voor de doorgaande vaart wordt zoodanig
bekort, dat bij deze oplossing een belangrijk voordeel voor de scheep-
vaart zal worden verkregen. Een poldervaart zal een korte verbinding
van den doorgaanden vaarweg met Hoorn tot stand moeten brengen.
Evenals bij het middenkanaal zal het met het oog op beperking van
de kosten der polderkaden wel gewenscht zijn het randkanaal, dat
tot Schardam zal moeten doorloopen, bij hooge IJsselmeerstanden
nabij Enkhuizen te kunnen afsluiten. Bij deze oplossing zal Schardam
het zuidelijkste punt zijn, waar IJsselmeerwater ingelaten zal kunnen
worden. Het zal dan noodig zijn om van daaruit eenige wateren in
Noordholland geschikt te maken voor transport van ingelaten water
naar het zuiden.

Oppervlakte en geaardheid van den polder. Wanneer het buiten-
dijksche randkanaal Schardam—Enkhuizen, dat een oppervlakte van
1850 ha beslaat, zou worden gemaakt, zal de oppervlakte van den
polder 57 250 ha bedragen.
Het volgend staatje geeft een overzicht van de in den Zuidweste-
lijken polder te verwachten grondsoorten; de tusschen haakjes ge-
plaatste cijfers geven de percentages van de betreffende grondsoort
in den Noordoostelijken polder.

Grondsoort. Oppervlakte in ha. in %.
Klei . . . . . . . . . . . 28.000 49 (33,2)
Zware zavel . . . . . . . . 9.500 16,6 (26,2)
Lichte zavel . . . . . . . . 5.000 8,7 (20,8)
Kleihoudend zand . . . . . . 14.000 24,4 (16,6)
Kleiarm zand . . . . . . . . 750 1,3 ( 1,3)
Veen . . . . . . . . . . . ( 1,8)
Keileem . . . . . . . . . . ( 0,1)
Totaal . . . . . . . . 57.250 100 (100)

36

[Pagina 37]

Uit dit staatje blijkt, dat de geaardheid der gronden in den Zuid-
westelijken polder nog eenigszins gunstiger is dan die in den Noord-
oostelijken; de oppervlakte der zwaardere gronden bedraagt ruim 65 %
der totale oppervlakte, tegen bijna 60 % in den Noordoostelijken pol-
der; voor de lichte zavel en het kleihoudende zand bedragen deze
cijfers rond 33 % en ruim 37 % voor de overige gronden van mindere
waarde 1,3 % en 3,2 %.
Ook in den Zuidwestelijken polder maken de gronden weder een
zeer gelijkmatigen indruk, hetgeen een groot voordeel voor de cultuur
oplevert.

Wat de indeeling van den polder betreft zullen in het algemeen
dezelfde grondslagen gelden als bij den Noordoostelijken polder. De
kavelgrootte, het polderpeil, de ligging en afmetingen van kanalen,
tochten en slooten, het tracé der polderwegen, al deze onderwerpen
zijn voor dien polder uitvoerig bestudeerd en de op grond daarvan ge-
kozen oplossingen zullen ook voor den Zuidwestelijken polder gevolgd
dienen te worden, aangezien zich te dien aanzien geen nieuwe ge-
zichtspunten hebben voorgedaan. Nader onder oogen moet worden
gezien de verdeeling in polderafdeelingen.
Het terrein beneden 4,60 m — N.A.P. met een totale oppervlakte
van 1600 ha bestaat voor het overgroote deel uit zand en lichte zavel,
voor welke grondsoorten een iets hooger polderpeil toelaatbaar is dan
voor de zwaardere gronden, waaruit de polder in hoofdzaak bestaan
zal. Bij de bepaling van het polderpeil van de laagste afdeeling zal
daarom een bodemligging van 4,60 m — N.A.P. als maatstaf gelden.
(Het diepste gebied in den polder ligt thans op 4,80 m — N.A.P.)
De aard der grondlagen doet verwachten, dat de aanvankelijke in-
klinking ongeveer overeen zal komen met de voor den Noordooste-
lijken polder berekende, zoodat in het algemeen op een klink van
ongeveer 30 cm moet worden berekend. Voor de zandige gronden zal
dit bedrag iets minder zijn. Daarom zal het polderpeil van de diepste
afdeeling voorloopig kunnen worden bepaald op 6,30 m — N.A.P.,
d.i. tenminste 1,40 m onder het (ingeklonken) maaiveld in het
laagste deel.
Het gebied met een hoogere ligging dan 2,80 m — N.A.P. vormt
slechts een vrij smalle strook langs den westrand van den polder,
benevens een aantal verbrokkelde stukken op het Enkhuizerzand.
Eerst de dieptelijn van 3,80 m — N.A.P. leidt tot een aaneengesloten
haakvormig hoog gedeelte in het noorden en westen naast een lageren

37 * Inhoud: Het document bespreekt technische aspecten van de geplande 'Zuidwestelijke polder' (de latere Markerwaard). Op pagina 36 wordt ingegaan op de scheepvaartverbindingen (randkanalen) langs de kust van Noord-Holland (Edam, Schardam, Hoorn, Enkhuizen). Tevens wordt een kwantitatieve analyse gegeven van de bodemkwaliteit (klei, zavel, zand) in vergelijking met de Noordoostpolder.
* Technische aspecten: Er wordt gedetailleerd gesproken over waterpeilen ten opzichte van N.A.P., de verwachte inklinking van de bodem (ca. 30 cm) en de noodzaak om verschillende polderpeilen te hanteren op basis van de grondsoort.
* Stijl en Terminologie: Formele, beleidsmatige toon met vakjargon uit de waterbouwkunde en bodemkunde (schutwater, zavel, inklinking, dieptelijn). De spelling is de zogenaamde spelling-Marchant (gebruik van 'den', 'gezocht', 'zoodanig'), wat duidt op een publicatiedatum voor 1947. Dit fragment is afkomstig uit een rapport over de voortgang of planning van de Zuiderzeewerken, waarschijnlijk uit de jaren '30 of vroege jaren '40 van de 20e eeuw. De 'Zuidwestelijke polder' waarnaar verwezen wordt, is de Markerwaard. In de oorspronkelijke plannen van Lely was dit een van de vier grote polders die uit het IJsselmeer gewonnen zouden worden.

Interessant is de vergelijking met de Noordoostpolder (drooggevallen in 1942), die hier als referentiekader dient voor zowel bodemgesteldheid als de inrichting (kavelgrootte, wegennet). Terwijl de Noordoostpolder, Oostelijk Flevoland en Zuidelijk Flevoland daadwerkelijk zijn gerealiseerd, is de Markerwaard uiteindelijk nooit volledig ingepolderd. Alleen de Houtribdijk (Lelystad-Enkhuizen) getuigt nog van deze grootse plannen. Het document biedt dus een waardevolle inkijk in de ambitieuze landaanwinningsplannen die de Nederlandse kaart definitief hadden moeten veranderen.

Samenvatting

  • Inhoud: Het document bespreekt technische aspecten van de geplande 'Zuidwestelijke polder' (de latere Markerwaard). Op pagina 36 wordt ingegaan op de scheepvaartverbindingen (randkanalen) langs de kust van Noord-Holland (Edam, Schardam, Hoorn, Enkhuizen). Tevens wordt een kwantitatieve analyse gegeven van de bodemkwaliteit (klei, zavel, zand) in vergelijking met de Noordoostpolder.
  • Technische aspecten: Er wordt gedetailleerd gesproken over waterpeilen ten opzichte van N.A.P., de verwachte inklinking van de bodem (ca. 30 cm) en de noodzaak om verschillende polderpeilen te hanteren op basis van de grondsoort.
  • Stijl en Terminologie: Formele, beleidsmatige toon met vakjargon uit de waterbouwkunde en bodemkunde (schutwater, zavel, inklinking, dieptelijn). De spelling is de zogenaamde spelling-Marchant (gebruik van 'den', 'gezocht', 'zoodanig'), wat duidt op een publicatiedatum voor 1947.

Historische context

Dit fragment is afkomstig uit een rapport over de voortgang of planning van de Zuiderzeewerken, waarschijnlijk uit de jaren '30 of vroege jaren '40 van de 20e eeuw. De 'Zuidwestelijke polder' waarnaar verwezen wordt, is de Markerwaard. In de oorspronkelijke plannen van Lely was dit een van de vier grote polders die uit het IJsselmeer gewonnen zouden worden.

Interessant is de vergelijking met de Noordoostpolder (drooggevallen in 1942), die hier als referentiekader dient voor zowel bodemgesteldheid als de inrichting (kavelgrootte, wegennet). Terwijl de Noordoostpolder, Oostelijk Flevoland en Zuidelijk Flevoland daadwerkelijk zijn gerealiseerd, is de Markerwaard uiteindelijk nooit volledig ingepolderd. Alleen de Houtribdijk (Lelystad-Enkhuizen) getuigt nog van deze grootse plannen. Het document biedt dus een waardevolle inkijk in de ambitieuze landaanwinningsplannen die de Nederlandse kaart definitief hadden moeten veranderen.

Metadata

TypeGedrukt verslag of rapport (technisch/bestuurlijk).
Lijsttypeadministratieve lijst
Scopeadministratie
Schriftgedrukt
Handschriftnvt
Confidence90%