Archief 745
Inventaris 745-278
Pagina 104
Dossier 90
Jaar 1939
Stadsarchief

Ambtelijk advies/memo.

13 oktober 1939 (ondertekening); 25 oktober 1939 (registratie/afhandeling). Van: Ambtenaar van het Marktwezen (Handtekening G.J. Moeshaker of vergelijkbaar). Aan: Den Heer Inspecteur van het Marktwezen, Amsterdam.

Origineel

Ambtelijk advies/memo. 13 oktober 1939 (ondertekening); 25 oktober 1939 (registratie/afhandeling). Ambtenaar van het Marktwezen (Handtekening G.J. Moeshaker of vergelijkbaar). Den Heer Inspecteur van het Marktwezen, Amsterdam. Top links:
Advies op 25/10/11 M 39.

Top rechts:
Den Heer Inspecteur
v/h Marktwezen
Alhier.

Body:
In verband met bijgaand verzoek van
P.M. Wonkers, pl. uit A.C., diene het volgende:
Herhaalde malen heeft Wonkers vóórdien
verzocht alleen des Zaterdags van zijn vaste
plaats gebruik te maken.
Thans verzoekt hij zulks opnieuw.
Gezien het groot aantal kooplieden, dat
precies hetzelfde wenscht als door Wonkers
gevraagd wordt, terwijl bovendien het inwilligen
van het verzoek in dit en toekomstige gevallen
het marktverband absoluut schaadt, dient mi.
het verzoek te worden afgewezen.

Onderaan:
Amst. 13 Oct 39
[Handtekening] De brief is een krachtig geformuleerd ambtelijk advies tot afwijzing van een herhaald verzoek. Marktkoopman P.M. Wonkers, die een vaste standplaats had op de Albert Cuypmarkt ("A.C."), wilde de verplichting om dagelijks aanwezig te zijn beperken tot enkel de zaterdag.

De adviseur baseert zijn negatieve advies op twee fundamentele principes van marktbeheer:
1. Precedentwerking: Het inwilligen van het verzoek zou leiden tot een vloedgolf aan soortgelijke aanvragen van andere kooplieden, wat onbeheersbaar zou zijn.
2. Organisatorisch belang ("Marktverband"): Het is voor het voortbestaan en de aantrekkingskracht van een dagmarkt cruciaal dat de bezetting constant blijft. Gaten in de bezetting op doordeweekse dagen zouden de structuur en de commerciële waarde van de markt als geheel ("het marktverband") ernstig aantasten.

De afkorting "mi." in de laatste zin staat voor "mijns inziens". Het document biedt een inkijkje in de strikte regulering van de Amsterdamse markten aan de vooravond van de Tweede Wereldoorlog (oktober 1939). De Albert Cuypmarkt was in die tijd een vitale bron van voedselvoorziening en werkgelegenheid. De gemeente Amsterdam (Marktwezen) hanteerde strenge regels voor standplaatshouders om te voorkomen dat de markt zou verslechteren. Kooplieden probeerden vaak hun vaste lasten te drukken of andere werkzaamheden te combineren door alleen op de meest lucratieve dag (zaterdag) aanwezig te zijn, maar de overheid waakte streng over de continuïteit van de dagmarkt.

Samenvatting

De brief is een krachtig geformuleerd ambtelijk advies tot afwijzing van een herhaald verzoek. Marktkoopman P.M. Wonkers, die een vaste standplaats had op de Albert Cuypmarkt ("A.C."), wilde de verplichting om dagelijks aanwezig te zijn beperken tot enkel de zaterdag.

De adviseur baseert zijn negatieve advies op twee fundamentele principes van marktbeheer:
1. Precedentwerking: Het inwilligen van het verzoek zou leiden tot een vloedgolf aan soortgelijke aanvragen van andere kooplieden, wat onbeheersbaar zou zijn.
2. Organisatorisch belang ("Marktverband"): Het is voor het voortbestaan en de aantrekkingskracht van een dagmarkt cruciaal dat de bezetting constant blijft. Gaten in de bezetting op doordeweekse dagen zouden de structuur en de commerciële waarde van de markt als geheel ("het marktverband") ernstig aantasten.

De afkorting "mi." in de laatste zin staat voor "mijns inziens".

Historische Context

Het document biedt een inkijkje in de strikte regulering van de Amsterdamse markten aan de vooravond van de Tweede Wereldoorlog (oktober 1939). De Albert Cuypmarkt was in die tijd een vitale bron van voedselvoorziening en werkgelegenheid. De gemeente Amsterdam (Marktwezen) hanteerde strenge regels voor standplaatshouders om te voorkomen dat de markt zou verslechteren. Kooplieden probeerden vaak hun vaste lasten te drukken of andere werkzaamheden te combineren door alleen op de meest lucratieve dag (zaterdag) aanwezig te zijn, maar de overheid waakte streng over de continuïteit van de dagmarkt.

Gerelateerde Documenten 3