Archief 745
Inventaris 745-278
Pagina 182
Dossier 11
Jaar 1939
Stadsarchief

Ambtelijk advies / Memorandum.

Van: Waarschijnlijk een marktmeester of administratief ambtenaar (ondertekening lijkt op J. Knouhuijs).

Origineel

Ambtelijk advies / Memorandum. Waarschijnlijk een marktmeester of administratief ambtenaar (ondertekening lijkt op J. Knouhuijs). Advies op No 25/190/M 39.

Den Weled. Inspecteur
v/h Marktwezen
Alhier.

In verband met bijgaand verzoek van Ph. Arons, v.k. 4521 a.C.,
diene het volgende:
Sedert eenige maanden neemt de heer Arons een losse plaats
in op de A-markt.
Alsregel geschiedt zulks tezamen met een vrouw, die door
de alhier dienstdoende marktambtenaren werd aangezien
voor Mw. Arons-Kattenburg, zijn echtgenoote.
Zulke vergissingen zullen mogelijk blijven, zoolang
de inschrijving op de sollicitantenlijst kan geschieden
zonder overlegging van foto’s, op welke inlevering reeds
eenige malen door mij is aangedrongen om toewijzing
van plaatsen aan niet-rechthebbenden tot een ~~mini-~~
~~naam~~ mum te beperken.
Toevalligerwijze kwam mij echter ter oore, dat Arons
met zijn vrouw in onmin leeft en is zijn verzoek
een gevolg van deze bekendheid.
Uit bijgaand schrijven blijkt echter, dat de assis-
tente, die verzoeker wenscht, in feite zijn compag-
non is, waarvoor geen toestemming als assistente
wordt verleend, zoodat m.i. het verzoek dient te
worden afgewezen.

Amst. 26 Oct ’39
[handtekening] * Kern van de zaak: Een marktkoopman, Ph. Arons, heeft een verzoek ingediend om iemand als zijn "assistente" te laten registreren voor zijn staanplaats op de "A-markt".
* De verwarring: De marktambtenaren dachten dat de vrouw met wie hij werkte zijn echtgenote was (Mw. Arons-Kattenburg). De schrijver merkt op dat Arons en zijn vrouw echter gescheiden van tafel en bed leven ("in onmin").
* De conclusie: Na onderzoek blijkt de beoogde assistente geen helper te zijn, maar een zakelijk partner ("compagnon"). Volgens de geldende marktvoorschriften is het niet toegestaan een compagnon als assistente te registreren.
* Beleidsmatig punt: De schrijver gebruikt deze casus om een breder punt te maken: hij pleit opnieuw voor de verplichting van pasfoto's bij inschrijvingen om dit soort identiteitsverwarring en misbruik van plaatsen te voorkomen.
* Taalgebruik: Formeel, ambtelijk Nederlands uit de vooroorlogse periode (bijv. "ter oore komen", "m.i." - mijns inziens, "diene het volgende"). Opvallend is de correctie bij het woord "minimum", waarbij de schrijver schijnbaar moeite had met de reeks 'i'- en 'm'-poten in het cursief. Dit document dateert van oktober 1939, kort na het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog in Europa, maar vóór de Duitse inval in Nederland. In Amsterdam was het Marktwezen een strak gereguleerde tak van de gemeentelijke overheid. De genoemde namen, Arons en Kattenburg, zijn veelvoorkomende Joodse achternamen in de Amsterdamse marktwereld van die tijd.

Het document geeft een inkijkje in de dagelijkse administratieve controle op de markten, waarbij de persoonlijke omstandigheden van marktkooplui (zoals huwelijkse twisten) relevant konden zijn voor hun zakelijke rechtspositie. De roep om foto-identificatie past in een bredere trend van toenemende bureaucratisering en identificatieplicht in de jaren dertig.

Samenvatting

  • Kern van de zaak: Een marktkoopman, Ph. Arons, heeft een verzoek ingediend om iemand als zijn "assistente" te laten registreren voor zijn staanplaats op de "A-markt".
  • De verwarring: De marktambtenaren dachten dat de vrouw met wie hij werkte zijn echtgenote was (Mw. Arons-Kattenburg). De schrijver merkt op dat Arons en zijn vrouw echter gescheiden van tafel en bed leven ("in onmin").
  • De conclusie: Na onderzoek blijkt de beoogde assistente geen helper te zijn, maar een zakelijk partner ("compagnon"). Volgens de geldende marktvoorschriften is het niet toegestaan een compagnon als assistente te registreren.
  • Beleidsmatig punt: De schrijver gebruikt deze casus om een breder punt te maken: hij pleit opnieuw voor de verplichting van pasfoto's bij inschrijvingen om dit soort identiteitsverwarring en misbruik van plaatsen te voorkomen.
  • Taalgebruik: Formeel, ambtelijk Nederlands uit de vooroorlogse periode (bijv. "ter oore komen", "m.i." - mijns inziens, "diene het volgende"). Opvallend is de correctie bij het woord "minimum", waarbij de schrijver schijnbaar moeite had met de reeks 'i'- en 'm'-poten in het cursief.

Historische Context

Dit document dateert van oktober 1939, kort na het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog in Europa, maar vóór de Duitse inval in Nederland. In Amsterdam was het Marktwezen een strak gereguleerde tak van de gemeentelijke overheid. De genoemde namen, Arons en Kattenburg, zijn veelvoorkomende Joodse achternamen in de Amsterdamse marktwereld van die tijd.

Het document geeft een inkijkje in de dagelijkse administratieve controle op de markten, waarbij de persoonlijke omstandigheden van marktkooplui (zoals huwelijkse twisten) relevant konden zijn voor hun zakelijke rechtspositie. De roep om foto-identificatie past in een bredere trend van toenemende bureaucratisering en identificatieplicht in de jaren dertig.

Locaties

Amsterdam ("Amst.").

Gerelateerde Documenten 3