Archief 745
Inventaris 745-281
Pagina 221
Dossier 26
Jaar 1939
Stadsarchief

Handgeschreven brief (verzoekschrift).

4 januari 1939. Van: C.W. (Carel Wilhelm) Schoor, wonende aan de Ten Katestraat 86 huis, Amsterdam.

Origineel

Handgeschreven brief (verzoekschrift). 4 januari 1939. C.W. (Carel Wilhelm) Schoor, wonende aan de Ten Katestraat 86 huis, Amsterdam. [Stempel en handgeschreven bovenaan:]
№ 28 / 3 / 1 M. 1939 5/7 A'dam 4/1. 39.

[Rechtsboven, aantekening in ander handschrift:]
mi. Inop.

[Brieftekst:]
Mijnheer.

Gaarne zou ik willen dat
uw de standplaats Lindegracht.
verkoop Jongensbroeken op naam
van Blouwers. Schoor. over zou
willen schrijven op mijn
naam Carel Wilhelm Schoor.
daar ik van mijn vrouw
Wettelijk gescheiden ben en
zij woonachtent is 's Gravenhage
en geen gebruik van de plaats
maakt

[Kantlijn links, in ander handschrift:]
Kan alleen
als vrouw
't goed
vindt.
ayp [?]

[Afsluiting:]
Hoogachtent.
C. W. Schoor
Ten Katestraat.
86 huis
(A'dam * Inhoud: De heer Carel Wilhelm Schoor verzoekt de betreffende instantie (waarschijnlijk de marktmeester of de gemeente Amsterdam) om een standplaats op de Lindegracht op zijn naam te zetten. De standplaats staat op dat moment geregistreerd onder de naam "Blouwers. Schoor.", waarbij Blouwers vermoedelijk de achternaam van zijn ex-vrouw is.
* Motivering: De afzender voert aan dat hij wettelijk gescheiden is van zijn vrouw. Zij is verhuisd naar Den Haag ('s Gravenhage) en maakt geen gebruik meer van de marktplaats voor de verkoop van jongensbroeken.
* Taalgebruik: Het document bevat enkele archaïsche spellingen en grammaticale vormen die typerend zijn voor die tijd of het opleidingsniveau van de schrijver, zoals "uw" in plaats van "u", "woonachtent" voor "woonachtig" en "Hoogachtent".
* Ambtelijke opmerking: De aantekening in de kantlijn is cruciaal voor de afhandeling: "Kan alleen als vrouw 't goed vindt." Dit geeft aan dat, ondanks de scheiding, de toestemming van de oorspronkelijke vergunninghoudster (de ex-vrouw) juridisch noodzakelijk was voor de overdracht. Dit document biedt een inkijkje in de dagelijkse praktijk van de Amsterdamse markthandel vlak voor de Tweede Wereldoorlog. De Lindegrachtmarkt in de Jordaan was (en is) een bekende marktlocatie. Het document illustreert hoe persoonlijke omstandigheden, zoals een echtscheiding en verhuizing naar een andere stad, directe gevolgen hadden voor de administratieve afwikkeling van bedrijfsvergunningen. Het toont tevens de bureaucratische zorgvuldigheid van de gemeente, die de rechten van de oorspronkelijke vergunninghoudster beschermde door haar expliciete goedkeuring te eisen voor de overdracht.

Samenvatting

  • Inhoud: De heer Carel Wilhelm Schoor verzoekt de betreffende instantie (waarschijnlijk de marktmeester of de gemeente Amsterdam) om een standplaats op de Lindegracht op zijn naam te zetten. De standplaats staat op dat moment geregistreerd onder de naam "Blouwers. Schoor.", waarbij Blouwers vermoedelijk de achternaam van zijn ex-vrouw is.
  • Motivering: De afzender voert aan dat hij wettelijk gescheiden is van zijn vrouw. Zij is verhuisd naar Den Haag ('s Gravenhage) en maakt geen gebruik meer van de marktplaats voor de verkoop van jongensbroeken.
  • Taalgebruik: Het document bevat enkele archaïsche spellingen en grammaticale vormen die typerend zijn voor die tijd of het opleidingsniveau van de schrijver, zoals "uw" in plaats van "u", "woonachtent" voor "woonachtig" en "Hoogachtent".
  • Ambtelijke opmerking: De aantekening in de kantlijn is cruciaal voor de afhandeling: "Kan alleen als vrouw 't goed vindt." Dit geeft aan dat, ondanks de scheiding, de toestemming van de oorspronkelijke vergunninghoudster (de ex-vrouw) juridisch noodzakelijk was voor de overdracht.

Historische Context

Dit document biedt een inkijkje in de dagelijkse praktijk van de Amsterdamse markthandel vlak voor de Tweede Wereldoorlog. De Lindegrachtmarkt in de Jordaan was (en is) een bekende marktlocatie. Het document illustreert hoe persoonlijke omstandigheden, zoals een echtscheiding en verhuizing naar een andere stad, directe gevolgen hadden voor de administratieve afwikkeling van bedrijfsvergunningen. Het toont tevens de bureaucratische zorgvuldigheid van de gemeente, die de rechten van de oorspronkelijke vergunninghoudster beschermde door haar expliciete goedkeuring te eisen voor de overdracht.

Gerelateerde Documenten 2