Getypte brief op officieel briefpapier met handgeschreven kanttekeningen en handtekening.
Origineel
Getypte brief op officieel briefpapier met handgeschreven kanttekeningen en handtekening. 9 maart 1939. M. Ortje, Secretaris van de Kooplieden- en Marktkramersbond „MERCURIUS”. De WelEd. Heer Directeur van het Marktwezen, Jan van Galenstraat, Amsterdam W. [Briefhoofd]
KOOPLIEDEN- EN MARKTKRAMERSBOND
„MERCURIUS”
SECRETARIAAT: M. ORTJE
NIEUWE ACHTERGRACHT 101 - TELEF. 50081
POSTGIRO 254334 - AMSTERDAM-CENTRUM
OPGERICHT 23 DEC. 1898
GOEDGEKEURD BIJ VERSCHILL. KONINKLIJKE BESLUITEN
AANGESLOTEN BIJ DE NED. BOND VAN MARKTKOOPLIEDENVER.
AMSTERDAM, 9 Maart 1939
[In de linkermarge en over het nummer, handgeschreven in paars/blauwe inkt:]
No 33 / 8 / 3 M. 1939 40/3
[Daarnaast onleesbare paraaf/notitie, mogelijk 'no. dd 3/5']
Den WelEd. Heer Directeur
van het Marktwezen.
Jan van Galenstraat
Amsterdam W.
WelEd. Heer,
Hierbij sturen wij U een klacht van ons lid J. van Os over den marktmeester den heer Wolff.
Wij verzoeken U beleefd deze zaak te onderzoeken en ons te berichten, wat de resultaten van dit onderzoek zijn.
Tevens verzoek ik U mij de brief terug te sturen.
Bij voorbaat onze dank voor Uw bereidwilligheid,
Hoogachtend,
[Handtekening:] M. Ortje
secr.
[Handgeschreven aantekening onderaan in cursief schrift:]
Op M. 13 Maart 39 deze brief mondeling besproken met de Heeren Maater en Ortje. Geen nieuwe gezichtspunten: geen enkel motief voor de ernstige belediging van Wolff gebleken. Straf en verhaal juist.
[Paraaf:] Opb
13-3-39 [Paraaf:] Wha De brief is een formeel verzoek van de vakbond "Mercurius" aan de directie van het Amsterdamse Marktwezen. De secretaris, M. Ortje, treedt hierbij op als belangenbehartiger voor een van de leden, J. van Os. Van Os heeft blijkbaar een aanvaring gehad met marktmeester Wolff.
De kern van de correspondentie ligt echter in de handgeschreven kanttekening onderaan. Deze notitie, gedateerd op 13 maart 1939 (slechts vier dagen na de brief), legt de uitkomst van een mondeling overleg vast. Hieruit blijkt dat de klacht van Van Os niet gegrond werd bevonden. Sterker nog, de conclusie is dat er "geen enkel motief" was voor de "ernstige belediging" die Van Os richting marktmeester Wolff had geuit. De opgelegde straf of het verhaal (waarschijnlijk een boete of schorsing) wordt als "juist" bestempeld. Het lijkt er dus op dat de vakbond, na overleg met de directie, de zijde van de autoriteiten heeft gekozen in deze specifieke zaak. Dit document biedt een inkijkje in de arbeidsverhoudingen en de handhaving op de Amsterdamse markten vlak voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog. De Jan van Galenstraat was de locatie van de Centrale Markthallen (geopend in 1934), waar de directie van het Marktwezen was gevestigd.
De bond "Mercurius" was een belangrijke organisatie voor marktkooplieden. De relatie tussen de kooplieden en de marktmeesters (die toezagen op de naleving van reglementen, standplaatsen toewezen en orde hielden) was vaak gespannen. In dit geval zien we het formele proces van een klachtafhandeling: de bond dient een klacht in, maar na een direct gesprek tussen de bond en de marktmeester/directie wordt geoordeeld dat de koopman de regels (of de fatsoensnormen) heeft overschreden. De snelle afhandeling (binnen vier dagen) duidt op een efficiënte, korte lijn tussen de bond en de gemeentelijke instantie.