Archief 745
Inventaris 745-288
Pagina 172
Dossier 109
Jaar 1939
Stadsarchief

Ambtelijke brief / rapportage.

4 juli 1939.

Origineel

Ambtelijke brief / rapportage. 4 juli 1939. vP/G.

37/127/4 M.
n 3
4 Juli 1939-

Verzoek om schadevergoeding
van J.Knoop.

den Heer Wethouder
voor de Levensmiddelen,
A l h i e r.

Onder terugzending van de met Uw kantbrief d.d. 9 Juni jl. om advies ontvangen stukken no.489 L.M.1939 heb ik de eer U, ten vervolge op mijn rapport d.d. 7 Juni jl. (No. 37/127/2 M) het navolgende te berichten.

Knoop, die zich overal als N.S.B.-er bekend maakt, meent daaraan het recht te ontleenen op onbeschaamde en uittartende wijze op te treden. Wanneer hij dan tot de orde wordt geroepen, zijn dat "plageryen in verband met zijn politieke overtuiging". Juist teneinde hem zoo min mogelijk aanleiding tot zijn ongemotiveerd beklag te geven, heb ik te zijnen aanzien steeds een bijzonder soepele houding aangenomen.

Zoo liet Knoop eenige maanden geleden een hoeveelheid emballage met eenige ijzeren platen op den rijweg ten Westen van de hal op de Centrale Markt achter; hij bleef, ondanks herhaalde aanmaningen, weigerachtig om een en ander op de hem aangewezen verkoopsplaats op pier P op te slaan. Ingevolge artikel 36 lid 2 van het Reglement op de Centrale Markt heeft personeel van mijn dienst deze goederen in een leegstaand pakhuis op de markt opgeborgen. Knoop kwam zich daarover bij mij beklagen en ik was hem terwille, door opdracht te geven, dat men hem de goederen zou terugbrengen.

Sedertdien beweert hij – en het blijkt ook weer uit zijn brief d.d. 6 Juni jl. – dat een ijzeren plaat of andere emballage wordt vermist, hetgeen dezerzijds niet kan worden onderzocht, omdat de goederen geruimen tijd door Knoop onbe- Dit document betreft een ambtelijk weerwoord op een claim tot schadevergoeding ingediend door J. Knoop, een handelaar op de Centrale Markt in Amsterdam. De kern van de rapportage is als volgt:

  1. Gedrag van de betrokkene: De rapporteur beklaagt zich over de houding van Knoop, die expliciet zijn lidmaatschap van de N.S.B. gebruikt om zich provocerend te gedragen. Knoop interpreteert handhaving van de marktregels als politieke pesterij ("plagerijen").
  2. Het incident: Knoop had goederen (emballage en ijzeren platen) op de openbare weg van de markt laten staan en weigerde deze te verplaatsen naar zijn toegewezen plek (pier P). Hierop heeft de marktdienst de spullen conform het reglement in een pakhuis opgeslagen.
  3. De claim: Nadat de goederen op verzoek van Knoop waren teruggegeven, claimt hij dat er zaken vermist worden. De rapporteur stelt dat deze claim niet te verifiëren is omdat Knoop de goederen al geruime tijd weer in eigen beheer had (zoals gesuggereerd door de afgebroken zin aan het eind).

De toon van de brief is defensief maar gedecideerd; de ambtenaar benadrukt dat hij Knoop juist met fluwelen handschoenen heeft aangepakt om beschuldigingen van politieke vooringenomenheid te voorkomen. Het document dateert van juli 1939, een periode van grote politieke spanning in Nederland, vlak voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog. De N.S.B. (Nationaal-Socialistische Beweging) was in deze jaren zeer omstreden. Leden van de N.S.B. voelden zich vaak gediscrimineerd door de overheid, terwijl overheidsinstanties juist probeerden hun neutraliteit te bewaren in een gepolariseerde samenleving.

De Centrale Markt aan de Jan van Galenstraat was de spil van de voedselvoorziening in Amsterdam. De "Wethouder voor de Levensmiddelen" (in 1939 was dit waarschijnlijk de sociaaldemocraat Florentinus Marinus Wibaut of zijn opvolger) hield toezicht op de orde en hygiëne aldaar. De bureaucratische afhandeling van dit geschil toont aan hoe zelfs kleine marktincidenten in die tijd politiek geladen konden raken.

Samenvatting

Dit document betreft een ambtelijk weerwoord op een claim tot schadevergoeding ingediend door J. Knoop, een handelaar op de Centrale Markt in Amsterdam. De kern van de rapportage is als volgt:

  1. Gedrag van de betrokkene: De rapporteur beklaagt zich over de houding van Knoop, die expliciet zijn lidmaatschap van de N.S.B. gebruikt om zich provocerend te gedragen. Knoop interpreteert handhaving van de marktregels als politieke pesterij ("plagerijen").
  2. Het incident: Knoop had goederen (emballage en ijzeren platen) op de openbare weg van de markt laten staan en weigerde deze te verplaatsen naar zijn toegewezen plek (pier P). Hierop heeft de marktdienst de spullen conform het reglement in een pakhuis opgeslagen.
  3. De claim: Nadat de goederen op verzoek van Knoop waren teruggegeven, claimt hij dat er zaken vermist worden. De rapporteur stelt dat deze claim niet te verifiëren is omdat Knoop de goederen al geruime tijd weer in eigen beheer had (zoals gesuggereerd door de afgebroken zin aan het eind).

De toon van de brief is defensief maar gedecideerd; de ambtenaar benadrukt dat hij Knoop juist met fluwelen handschoenen heeft aangepakt om beschuldigingen van politieke vooringenomenheid te voorkomen.

Historische Context

Het document dateert van juli 1939, een periode van grote politieke spanning in Nederland, vlak voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog. De N.S.B. (Nationaal-Socialistische Beweging) was in deze jaren zeer omstreden. Leden van de N.S.B. voelden zich vaak gediscrimineerd door de overheid, terwijl overheidsinstanties juist probeerden hun neutraliteit te bewaren in een gepolariseerde samenleving.

De Centrale Markt aan de Jan van Galenstraat was de spil van de voedselvoorziening in Amsterdam. De "Wethouder voor de Levensmiddelen" (in 1939 was dit waarschijnlijk de sociaaldemocraat Florentinus Marinus Wibaut of zijn opvolger) hield toezicht op de orde en hygiëne aldaar. De bureaucratische afhandeling van dit geschil toont aan hoe zelfs kleine marktincidenten in die tijd politiek geladen konden raken.