Archief 745
Inventaris 745-288
Pagina 332
Dossier 92
Jaar 1939
Stadsarchief

Getypte ambtelijke brief met handgeschreven kanttekeningen.

11 oktober 1939. Van: De Directeur (vermoedelijk van de Centrale Markt of een gerelateerde gemeentelijke dienst).

Origineel

Getypte ambtelijke brief met handgeschreven kanttekeningen. 11 oktober 1939. De Directeur (vermoedelijk van de Centrale Markt of een gerelateerde gemeentelijke dienst). [Rechtsboven, handgeschreven:]
1 ex. Hr. Sixma

[Midden boven, getypt:]
VP/HG.

[Midden boven, handgeschreven:]
extra.

[Linksboven, getypt:]
37/184/2 M.
n 3

[Rechtsboven, getypt:]
11 October 1939.

[Onderwerp, getypt:]
Onttrekking van twee terreinen
aan Centrale Markt.

[Adres, getypt:]
den Heer Wethouder
voor de Levensmiddelen,
A l h i e r .

[Inhoud, getypt:]
Onder terugzending van de met Uw kantbrief d.d. 15
September jl. om advies ontvangen stukken no. 709 L.M.1939 heb
ik de eer U te berichten, dat ik accoord ga met het zich onder
deze stukken bevindende rapport van mijn Ambtgenoot voor de
Publieke Werken d.d. 11 September jl. (Grb.No.3521/Doss.F 200-
h-32).

[Afsluiting, getypt:]
De Directeur, Deze brief betreft een formeel akkoord van een directeur (waarschijnlijk van de marktinstelling zelf) aan de verantwoordelijke wethouder over een wijziging in het grondgebruik. Er worden twee terreinen 'onttrokken' aan de Centrale Markt in Amsterdam. Dit betekent dat deze percelen niet langer voor de reguliere marktactiviteiten bestemd zullen zijn.

De directeur verwijst naar een eerder rapport van de dienst Publieke Werken van 11 september 1939. De toon is uiterst formeel en ambtelijk ("ik de eer U te berichten"), typerend voor de vooroorlogse bestuurscultuur. De handgeschreven aantekeningen wijzen op de administratieve verwerking (een kopie voor een zekere heer Sixma) en de urgentie of speciale status van het dossier ("extra"). De brief is gedateerd op 11 oktober 1939, slechts enkele weken na het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog en de Nederlandse mobilisatie. Hoewel Nederland op dat moment nog neutraal was, stond het openbare leven in het teken van oorlogsvoorbereiding.

De Centrale Markt (geopend in 1934 aan de Jan van Galenstraat) was cruciaal voor de voedselvoorziening van Amsterdam. De "Wethouder voor de Levensmiddelen" (op dat moment de SDAP'er Florentinus Marinus Wibaut of diens opvolger, afhankelijk van de precieze portefeuilleverdeling) had een sleutelrol in de distributie en opslag van voedsel. De onttrekking van terreinen in deze periode kan te maken hebben met de bouw van schuilplaatsen, militaire vorderingen, of noodvoorzieningen voor voedselopslag in het kader van de naderende schaarste. De nauwe samenwerking met de dienst Publieke Werken wijst op een ruimtelijke of bouwkundige ingreep op het marktterrein.

Samenvatting

Deze brief betreft een formeel akkoord van een directeur (waarschijnlijk van de marktinstelling zelf) aan de verantwoordelijke wethouder over een wijziging in het grondgebruik. Er worden twee terreinen 'onttrokken' aan de Centrale Markt in Amsterdam. Dit betekent dat deze percelen niet langer voor de reguliere marktactiviteiten bestemd zullen zijn.

De directeur verwijst naar een eerder rapport van de dienst Publieke Werken van 11 september 1939. De toon is uiterst formeel en ambtelijk ("ik de eer U te berichten"), typerend voor de vooroorlogse bestuurscultuur. De handgeschreven aantekeningen wijzen op de administratieve verwerking (een kopie voor een zekere heer Sixma) en de urgentie of speciale status van het dossier ("extra").

Historische Context

De brief is gedateerd op 11 oktober 1939, slechts enkele weken na het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog en de Nederlandse mobilisatie. Hoewel Nederland op dat moment nog neutraal was, stond het openbare leven in het teken van oorlogsvoorbereiding.

De Centrale Markt (geopend in 1934 aan de Jan van Galenstraat) was cruciaal voor de voedselvoorziening van Amsterdam. De "Wethouder voor de Levensmiddelen" (op dat moment de SDAP'er Florentinus Marinus Wibaut of diens opvolger, afhankelijk van de precieze portefeuilleverdeling) had een sleutelrol in de distributie en opslag van voedsel. De onttrekking van terreinen in deze periode kan te maken hebben met de bouw van schuilplaatsen, militaire vorderingen, of noodvoorzieningen voor voedselopslag in het kader van de naderende schaarste. De nauwe samenwerking met de dienst Publieke Werken wijst op een ruimtelijke of bouwkundige ingreep op het marktterrein.