Getypte ambtelijke brief/memorandum.
Origineel
Getypte ambtelijke brief/memorandum. 11 oktober 1939. De Directeur (vermoedelijk van een Amsterdamse gemeentelijke dienst). [Rechtsboven, handgeschreven:]
lev. Fl. Sirena
[Midden boven:]
VP/HG.
[Linksboven:]
37/184/2 H.
n 3
[Handgeschreven in het midden:]
Verzonden 11/10 -'39
[Rechtsboven de tekst:]
11 October 1939.
[Onderwerp, links:]
Onttrekking van twee terreinen
aan Centrale Markt.
[Adressering, rechts:]
den Heer Wethouder
voor de Levensmiddelen,
A l h i e r .
[Body tekst:]
Onder terugzending van de met Uw kantbrief d.d. 15
September jl. om advies ontvangen stukken no. 709 L.M.1939 heb
ik de eer U te berichten, dat ik accoord ga met het zich onder
deze stukken bevindende rapport van mijn Ambtgenoot voor de
Publieke Werken d.d. 11 September jl. (Grb.No.3521/Doss.F 200-
h-32).
[Ondertekening, rechts:]
De Directeur, In deze korte ambtelijke correspondentie brengt de Directeur een formeel advies uit aan de Wethouder voor de Levensmiddelen. Het gaat om een reactie op een verzoek ("kantbrief") van 15 september 1939. De kern van de zaak is de onttrekking van twee terreinen aan de Centrale Markt. De Directeur verklaart zich akkoord met een eerder rapport van de dienst Publieke Werken over ditzelfde onderwerp.
Het taalgebruik is typisch voor de Nederlandse administratie van die tijd: formeel, met gebruik van afkortingen zoals "d.d." (dato de/op datum van) en "jl." (jongstleden), en de beleefdheidsformule "heb ik de eer U te berichten". Het document dateert van oktober 1939, enkele weken na het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog. Hoewel Nederland op dat moment nog neutraal was, heerste er een sfeer van mobilisatie en voorbereiding op schaarste. De "Wethouder voor de Levensmiddelen" speelde een cruciale rol in de voedselvoorziening en distributie.
De "Centrale Markt" verwijst vrijwel zeker naar de Centrale Markthallen in Amsterdam-West, die in 1934 geopend waren. Dat er terreinen aan de markt onttrokken worden, kan duiden op een herbestemming voor andere (mogelijk strategische of infrastructurele) doeleinden in een tijd van toenemende spanning. De betrokkenheid van zowel de dienst Levensmiddelen als Publieke Werken wijst op de logistieke en ruimtelijke impact van dit besluit binnen het gemeentelijk apparaat.