Archief 745
Inventaris 745-293
Pagina 10
Dossier 109
Jaar 1939
Stadsarchief

Handgeschreven brief (slotfragment).

Van: F. H. a. Erich.

Origineel

Handgeschreven brief (slotfragment). F. H. a. Erich. daar hij een van mijn inwonende huisgenoten is,
alles is mijn eigendom. Bakfiets, het geld waar hij mee
handelde, alles ging op mijn naam. Dus mag ik
hem ook niet als zelfstandig beschouwen.
Gaarne een antwoord van U te gemoet ziende
teken ik
Hoogachtend
F H a Erich
Pretoriusstraat 33
Amsterdam (Oost)

[Rechtsonder:] 53 De schrijver van de brief, F.H.a. Erich, zet een juridische of administratieve verklaring uiteen betreffende een "inwonende huisgenoot". De kern van het betoog is dat deze huisgenoot financieel volledig afhankelijk is van de schrijver.

Erich benadrukt dat alle productiemiddelen (de bakfiets) en het handelskapitaal (het geld waar de persoon mee handelde) formeel zijn eigendom zijn en op zijn naam staan. De conclusie die Erich hieruit trekt, is dat de betreffende persoon niet als een zelfstandige (ondernemer of economische eenheid) beschouwd kan worden. De toon is zakelijk en dwingend, bedoeld om de status van de huisgenoot officieel te verduidelijken aan een instantie. Hoewel een exacte datum ontbreekt, wijzen het handschrift en het gebruik van een bakfiets voor handel op de periode tussen 1930 en 1960. De Pretoriusstraat 33 bevindt zich in de Transvaalbuurt in Amsterdam-Oost.

Dergelijke verklaringen waren vaak noodzakelijk voor de belastingdienst, sociale diensten of (in tijden van schaarste) distributiediensten. Het aantonen dat iemand een afhankelijke huisgenoot was in plaats van een zelfstandig ondernemer, kon grote gevolgen hebben voor de toewijzing van vergunningen, belastingen of sociale uitkeringen van het gehele huishouden. Het document weerspiegelt een tijd waarin economische zelfstandigheid strikt gedefinieerd moest worden aan de hand van eigendomsrechten.

Samenvatting

De schrijver van de brief, F.H.a. Erich, zet een juridische of administratieve verklaring uiteen betreffende een "inwonende huisgenoot". De kern van het betoog is dat deze huisgenoot financieel volledig afhankelijk is van de schrijver.

Erich benadrukt dat alle productiemiddelen (de bakfiets) en het handelskapitaal (het geld waar de persoon mee handelde) formeel zijn eigendom zijn en op zijn naam staan. De conclusie die Erich hieruit trekt, is dat de betreffende persoon niet als een zelfstandige (ondernemer of economische eenheid) beschouwd kan worden. De toon is zakelijk en dwingend, bedoeld om de status van de huisgenoot officieel te verduidelijken aan een instantie.

Historische Context

Hoewel een exacte datum ontbreekt, wijzen het handschrift en het gebruik van een bakfiets voor handel op de periode tussen 1930 en 1960. De Pretoriusstraat 33 bevindt zich in de Transvaalbuurt in Amsterdam-Oost.

Dergelijke verklaringen waren vaak noodzakelijk voor de belastingdienst, sociale diensten of (in tijden van schaarste) distributiediensten. Het aantonen dat iemand een afhankelijke huisgenoot was in plaats van een zelfstandig ondernemer, kon grote gevolgen hebben voor de toewijzing van vergunningen, belastingen of sociale uitkeringen van het gehele huishouden. Het document weerspiegelt een tijd waarin economische zelfstandigheid strikt gedefinieerd moest worden aan de hand van eigendomsrechten.

Producten

Kruidenier (Droog): Meel Vis & Zee: Aal Vis & Zee: Vis

Thema's

Jodenster/Maatregelen

Gerelateerde Documenten 6