Archief 745
Inventaris 745-303
Pagina 60
Dossier 93
Jaar 1939
Stadsarchief

Getypte brief/rapport gericht aan een subcommissie.

Amsterdam, 1 april 1937.

Origineel

Getypte brief/rapport gericht aan een subcommissie. Amsterdam, 1 april 1937. AAN de leden der sub-commissie, genoemd op pagina 5
van de Notulen der Tweede vergadering van de "Commissie voor
het bestudeeren van maatregelen ter beteugeling van den hinder
van pluimvee-slachteryen".

In een in December jl. gehouden byeenkomst der bovengenoemde
sub-commissie is besloten, dat het lid der Commissie, de heer Gaaikema,
tesamen met den secretaris van het Marktwezen Mr. Van Praag, zou trachten
voor Amsterdam een regeling voor het slachten en keuren van en den handel
in wild en gevogelte te ontwerpen.
Ter uitvoering van deze opdracht hebben ondergeteekenden zich
beraden, welke voorschriften ten deze dienen te worden ontworpen. Zy
maakten hierby gebruik van de in bylage I dezes overgelegde Richtlynen,
welke werden samengesteld door den heer Dr. Reeser, lid der bovengenoemde
Commissie. Naast deze Richtlynen werd eveneens de mogelykheid van toe-
passing der Wettelyke bepalingen onderzocht, welke in bylage II zyn op-
gesomd.
Ondergeteekenden zyn ervan uitgegaan, dat een regeling moet
worden ontworpen, krachtens welke de slachting zoowel als de keuring van
wild en gevogelte centraal moet geschieden, terwyl bovendien de invoer
van elders geslacht wild en gevogelte (voor zoo ver het niet centraal zou
worden gekeurd), alsmede de verkoop van niet centraal gekeurd wild en ge-
vogelte moeten worden verboden.
Naar hun meening is het, by den huidigen stand der Wetgeving,
niet mogelyk om een regeling van een zoo vergaande strekking als vorenbe-
doeld te ontwerpen, weshalve de ondergeteekenden het zeer op prys zouden
stellen om deze aangelegenheid andermaal in de sub-commissie aan de orde
te zien gesteld.

Amsterdam, 1 April 1937.

[handtekening] v Praag
[handtekening] J.P. Gaaikema. * Doel van het document: Het document dient als een voortgangsrapportage en een 'reality check' voor de subcommissie. De opstellers concluderen dat hun ambitieuze plannen voor centrale keuring juridisch onhaalbaar zijn onder de toenmalige wetgeving.
* Kernpunten:
* Er wordt gestreefd naar een gecentraliseerd systeem voor slachting en keuring van wild en gevogelte in Amsterdam.
* Er is een expliciet verbod gewenst op de import en verkoop van niet-centraal gekeurd vlees (onderstreept in rood, wat duidt op het belang of de controversie van dit punt).
* De auteurs lopen aan tegen wettelijke beperkingen: de nationale wetgeving biedt op dat moment (1937) blijkbaar onvoldoende ruimte voor een dergelijke dwingende lokale verordening.
* Taalgebruik: Formeel ambtelijk Nederlands met de destijds gangbare spelling (bijv. "slachteryen", "byeenkomst", "mogelykheid"). Dit document stamt uit het interbellum (1937) en weerspiegelt de groeiende behoefte aan overheidsregulering op het gebied van volksgezondheid en hinderwet-problematiek in een grote stad als Amsterdam. De "Commissie voor het bestudeeren van maatregelen ter beteugeling van den hinder van pluimvee-slachteryen" hield zich bezig met het professionaliseren en saneren van de pluimveesector, die destijds vaak nog kleinschalig en onhygiënisch midden in woonwijken plaatsvond.

De betrokkenheid van het "Marktwezen" (Mr. Van Praag) onderstreept dat dit niet alleen een hygiënische kwestie was, maar ook een economische en organisatorische uitdaging voor de stad. De genoemde Dr. Reeser was waarschijnlijk een veterinair deskundige. De juridische belemmering waar men over spreekt, houdt waarschijnlijk verband met de grenzen van de gemeentelijke autonomie ten opzichte van de landelijke Vleeskeuringswet en de Grondwet.

Samenvatting

  • Doel van het document: Het document dient als een voortgangsrapportage en een 'reality check' voor de subcommissie. De opstellers concluderen dat hun ambitieuze plannen voor centrale keuring juridisch onhaalbaar zijn onder de toenmalige wetgeving.
  • Kernpunten:
    • Er wordt gestreefd naar een gecentraliseerd systeem voor slachting en keuring van wild en gevogelte in Amsterdam.
    • Er is een expliciet verbod gewenst op de import en verkoop van niet-centraal gekeurd vlees (onderstreept in rood, wat duidt op het belang of de controversie van dit punt).
    • De auteurs lopen aan tegen wettelijke beperkingen: de nationale wetgeving biedt op dat moment (1937) blijkbaar onvoldoende ruimte voor een dergelijke dwingende lokale verordening.
  • Taalgebruik: Formeel ambtelijk Nederlands met de destijds gangbare spelling (bijv. "slachteryen", "byeenkomst", "mogelykheid").

Historische Context

Dit document stamt uit het interbellum (1937) en weerspiegelt de groeiende behoefte aan overheidsregulering op het gebied van volksgezondheid en hinderwet-problematiek in een grote stad als Amsterdam. De "Commissie voor het bestudeeren van maatregelen ter beteugeling van den hinder van pluimvee-slachteryen" hield zich bezig met het professionaliseren en saneren van de pluimveesector, die destijds vaak nog kleinschalig en onhygiënisch midden in woonwijken plaatsvond.

De betrokkenheid van het "Marktwezen" (Mr. Van Praag) onderstreept dat dit niet alleen een hygiënische kwestie was, maar ook een economische en organisatorische uitdaging voor de stad. De genoemde Dr. Reeser was waarschijnlijk een veterinair deskundige. De juridische belemmering waar men over spreekt, houdt waarschijnlijk verband met de grenzen van de gemeentelijke autonomie ten opzichte van de landelijke Vleeskeuringswet en de Grondwet.