Handgeschreven ambtelijke notitie / gespreksverslag.
Origineel
Handgeschreven ambtelijke notitie / gespreksverslag. 23 februari 1940 (linksboven) en 1 maart 1940 (rechtsboven). Deventer op 23/2 '40
Onderhoud met Mr Pool en Hr. Levenbach op Vrijdag 1 Maart 1940
Hr. Pool: Mr. [S....] Meyer belooft, niet meer over bruine bonen te zullen praten.
De moeilijkste maanden voor den opslag.
Te kostbaar voor NAC; als Gemeente 't betalen wil, dan best.
Bij overlegging voldoende aardappelen in No- en Zd- Holland.
Bij evacuatie komen aardappelen over zee van Zeeland naar Holland. Regeling tusschen provinciale voedselcommissarissen van Zeeland, N. Holland en Nrd. Brabant.
Voor de huidige situatie zijn voldoende aardappelen in N. & Zd. Holland en die komen in de steden. 't Ongunstigst ligt Den Haag, niet Amsterdam.
Malta - aardappelen: 1300 ton in 3 maanden.
Nieuwe aardappelen zijn niet later dan normaal; er valt niets van te zeggen.
bevroren geen beteekenis - Alleen als 't blijft vriezen in Maart, dan is er kans; daar weten we nu nog niets van.
7500 ton dezen winter opgeslagen.
Dat kostte 't Rijk toch nog ƒ 30.000,- in 't begin.
Nu is 't risico grooter, omdat de opslag moeilijker wordt.
Over eenige weken ook 't vervoer uit Friesland mogelijk.
In 't uiterste geval krijgt men de eerste oorlogsweken : 70 à 80% van den aanvoer. * Logistiek & Strategie: Het document weerspiegelt de zorgvuldige voorbereiding van de Nederlandse overheid op een mogelijke oorlog. Er wordt nagedacht over transport over zee (bijvoorbeeld vanuit Zeeland) voor het geval dat landverbindingen worden afgesneden.
* Voedselzekerheid: De focus ligt op aardappelen (een basisbehoefte) en bruine bonen. Men houdt rekening met een aanvoer van 70-80% tijdens de "eerste oorlogsweken", wat getuigt van een realistisch maar bezorgd toekomstbeeld.
* Economie: De kostenverdeling tussen het Rijk, de Gemeente en de NAC (Nederlandsche Akkerbouw Centrale) is een punt van discussie. De genoemde ƒ 30.000,- was voor die tijd een aanzienlijk bedrag.
* Weersomstandigheden: De winter van 1939-1940 was zeer streng. Dit verklaart de opmerkingen over de "moeilijkste maanden voor opslag" en de angst voor vorst in maart, wat de nieuwe oogst in gevaar zou kunnen brengen. Deze notities zijn geschreven in de periode van de 'Schemeroorlog' (Phoney War), waarin Nederland weliswaar gemobiliseerd was maar nog niet direct aangevallen. De ambtenaren die hier worden genoemd (waarschijnlijk Pool en Levenbach van de Rijksdienst voor de Voedselvoorziening in Oorlogstijd) waren verantwoordelijk voor het veiligstellen van de voedselketen. De "Malta-aardappelen" waren vroege aardappelen die traditioneel in het voorjaar werden geïmporteerd om het gat tot de nieuwe Nederlandse oogst te dichten. De expliciete vermelding van "oorlogsweken" onderstreept dat men rekening hield met een spoedig uitbreken van het conflict, dat uiteindelijk in mei 1940 zou beginnen. Mr. Pool Hr. Levenbach Mr. [S.] Meyer.