Archief 745
Inventaris 745-312
Pagina 92
Dossier 25
Jaar 1940
Stadsarchief

Concept-nota of ambtelijk schrijven (handgeschreven).

7 november 1940 (gebaseerd op de datering onderaan: 7-11-40).

Origineel

Concept-nota of ambtelijk schrijven (handgeschreven). 7 november 1940 (gebaseerd op de datering onderaan: 7-11-40). [Bovenaan enkele regels die grotendeels zijn doorgehaald en moeilijk leesbaar zijn, beginnend met:]
... weer normaal zal worden; ik adviseer
[doorgehaald:] deze plaatsen in te trekken, opdat zij aan anderen uitgegeven kunnen worden.

X [in de marge]
Hetzelfde geldt voor B. Kloos, die sedert 14 September 1939, dus reeds langer dan een jaar ondersteuning geniet; hij bezette plaatsen op Uilenburg en Dapperstraat met haring. Op deze markten kan men trouwens in den regel voor een vaste plaats in aanmerking komen. Ook in dit geval wordt dezerzijds geadviseerd de plaatsen in te trekken.

Op de in bijlage II van mijn brief dd. 2 Augustus jl. no. 171/3 M genoemde kooplieden had betrekking Uw brief dd. 7 September jl. no. 152 L.M. 1939, waarin U mededeelde geen bezwaar te hebben dat de plaatsen van de bedoelde kooplieden, behalve van J. Stibbe, werden ingetrokken. Hieraan is inmiddels gevolg gegeven. Ik merk hierbij nog op, dat J. Stibbe begin September jl. uit steun is gekomen, doch dat zijn plaats op 23 September d.o.v. [?] wegens wanbetaling werd ingetrokken.

7-11-40 [Handtekening/Paraaf: ayp.] De tekst is een ambtelijk advies over het beheer van marktplaatsen in Amsterdam kort na het begin van de Duitse bezetting. De kern van het document is de handhaving van regels omtrent het bezit van marktvergunningen. Er wordt geadviseerd om plaatsen in te trekken van personen die al lange tijd een steunuitkering ontvangen (zoals B. Kloos). De gedachte hierachter was dat marktplaatsen beschikbaar moesten blijven voor actieve kooplieden die niet afhankelijk waren van de armenzorg.

Tevens wordt gerapporteerd over de afwikkeling van eerdere gevallen, waarbij specifiek de naam J. Stibbe wordt genoemd. Hoewel hij niet langer "in de steun" zat, werd zijn vergunning alsnog ingetrokken vanwege wanbetaling (het niet betalen van marktgeld). Dit document dateert van 7 november 1940. Dit is een cruciale periode in de geschiedenis van Amsterdam tijdens de Tweede Wereldoorlog. De vermelding van locaties zoals de Uilenburg (een van de kernbuurten van de Amsterdamse Jodenbuurt) en de Dapperstraat, in combinatie met de namen, wijst er zeer waarschijnlijk op dat dit document betrekking heeft op Joodse marktkooplieden.

In de herfst van 1940 begon de bezetter, vaak met medewerking van het Amsterdamse marktwezen, de economische basis van Joodse Amsterdammers systematisch te ondermijnen. Het intrekken van vergunningen onder het mom van "steun trekken" of "wanbetaling" was een methode om Joodse handelaren van de markt te verdrijven, nog voordat de formele segregatie (zoals het instellen van aparte Joodse markten in 1941) volledig was doorgevoerd. De ambtelijke toon maskeert de vaak schrijnende armoede van de betrokkenen.

Samenvatting

De tekst is een ambtelijk advies over het beheer van marktplaatsen in Amsterdam kort na het begin van de Duitse bezetting. De kern van het document is de handhaving van regels omtrent het bezit van marktvergunningen. Er wordt geadviseerd om plaatsen in te trekken van personen die al lange tijd een steunuitkering ontvangen (zoals B. Kloos). De gedachte hierachter was dat marktplaatsen beschikbaar moesten blijven voor actieve kooplieden die niet afhankelijk waren van de armenzorg.

Tevens wordt gerapporteerd over de afwikkeling van eerdere gevallen, waarbij specifiek de naam J. Stibbe wordt genoemd. Hoewel hij niet langer "in de steun" zat, werd zijn vergunning alsnog ingetrokken vanwege wanbetaling (het niet betalen van marktgeld).

Historische Context

Dit document dateert van 7 november 1940. Dit is een cruciale periode in de geschiedenis van Amsterdam tijdens de Tweede Wereldoorlog. De vermelding van locaties zoals de Uilenburg (een van de kernbuurten van de Amsterdamse Jodenbuurt) en de Dapperstraat, in combinatie met de namen, wijst er zeer waarschijnlijk op dat dit document betrekking heeft op Joodse marktkooplieden.

In de herfst van 1940 begon de bezetter, vaak met medewerking van het Amsterdamse marktwezen, de economische basis van Joodse Amsterdammers systematisch te ondermijnen. Het intrekken van vergunningen onder het mom van "steun trekken" of "wanbetaling" was een methode om Joodse handelaren van de markt te verdrijven, nog voordat de formele segregatie (zoals het instellen van aparte Joodse markten in 1941) volledig was doorgevoerd. De ambtelijke toon maskeert de vaak schrijnende armoede van de betrokkenen.

Gerelateerde Documenten 2