Ambtelijk advies/notitie.
Origineel
Ambtelijk advies/notitie. 26 december 1940. De Marktmeester (ondertekend met functie en paraaf). Advies op No. 25/255/1 M.W.
Den Wel Ed. Heer Inspecteur
v/h Marktwezen
Alhier.
Naar aanleiding van bijgaand verzoek van
C. van Gelder, pl. 161 A.C. betreffende het plaats-
bezetten op de A.C. markt alleen des Zaterdags, bericht
ik U, dat uit een oogpunt van marktorde ongewenscht
is het verzoek in te willigen.
M.i. bestaat geen bezwaar van Gelder gedurende
een omlijnd tijdvak (2 mnd. bv.) vrijstelling van
plaatsbezetten te verleenen in verband met bedrijfs-
moeilijkheden, mits het marktgeld regelmatig
wordt voldaan.
Amst. 26 Dec. '40
De Marktmeester [paraaf] In dit document adviseert de marktmeester negatief over een verzoek van een marktkoopman genaamd C. van Gelder. Van Gelder bezet plek 161 op de Albert Cuypmarkt ("A.C. markt") en heeft gevraagd of hij daar voortaan enkel op zaterdagen mag staan.
De marktmeester wijst dit af met een beroep op de "marktorde". Het is ongewenst voor de structuur en het aanzicht van de markt als vaste plekken doordeweeks leeg blijven. De marktmeester toont zich echter wel bereid tot een compromis: Van Gelder kan voor een afgebakende periode (bijvoorbeeld twee maanden) een volledige vrijstelling krijgen van de plicht om zijn plaats te bezetten. De voorwaarde hiervoor is dat hij wel zijn marktgeld (stageld) blijft doorbetalen. Hiermee behoudt de koopman zijn recht op de plek voor de toekomst, terwijl de marktmeester de flexibiliteit heeft om de lege plek tijdelijk anders in te vullen zonder dat de vaste marktstructuur permanent verandert. Het document is gedateerd op 26 december 1940, ruim een half jaar na het begin van de Duitse bezetting van Nederland in de Tweede Wereldoorlog. De term "bedrijfsmoeilijkheden" in de tekst is in dit licht veelzeggend. In deze periode begon de schaarste aan goederen en brandstof nijpend te worden, en werden er steeds meer restricties opgelegd aan (voornamelijk Joodse) handelaren. Hoewel het document de exacte aard van de moeilijkheden van Van Gelder niet vermeldt, past de onmogelijkheid om dagelijks de kraam te bemannen in het beeld van de ontwrichte economie en handel tijdens de eerste oorlogsjaren. De bureaucratische afhandeling door de dienst Marktwezen laat zien dat het dagelijks leven en de bijbehorende regels in Amsterdam, ondanks de bezetting, in eerste instantie via de bestaande ambtelijke wegen werden voortgezet. C. van Gelder M.W. Marktwezen