Archief 745
Inventaris 745-322
Pagina 79
Dossier 67
Jaar 1940
Stadsarchief

Ambtelijke notitie/adviesbrief.

27 december 1940. Van: Neuhoff (vermoedelijk een ambtenaar of opzichter bij de markt). Aan: Den Inspecteur van het Marktwezen alhier (plaatselijk).

Origineel

Ambtelijke notitie/adviesbrief. 27 december 1940. Neuhoff (vermoedelijk een ambtenaar of opzichter bij de markt). Den Inspecteur van het Marktwezen alhier (plaatselijk). no. 20/95/1 1940.

Aan den Inspecteur
v/h Marktwezen
alhier.

J.C. van Vinden verzoekt uitstel, omdat hij zijn artikelen niet kan krijgen.
Van Vinden handelt in consumptieijs en daar kan hij momenteel wel mee thuis blijven.
Ook heb ik andere kooplieden die zomers met ijs handelen, en deze, komen des winters wèl met een ander artikel. Het zou m.i. niet juist zijn hem het gevraagde uitstel te verleenen.

27-12-1940.
[Handtekening: Neuhoff] In dit korte schrijven adviseert een ambtenaar (Neuhoff) de Inspecteur van het Marktwezen negatief over een verzoek tot uitstel ingediend door een zekere J.C. van Vinden. Hoewel Van Vinden als reden opgeeft dat hij zijn artikelen niet kan krijgen, prikt de schrijver hier doorheen.

De kern van het argument is dat Van Vinden een ijscoman is ("handelt in consumptieijs"). Het feit dat hij in december "thuis blijft", is volgens de schrijver een logisch gevolg van het seizoen en geen geldige reden voor bijzonder uitstel (waarschijnlijk van betaling van marktgeld of het behoud van een standplaats). De schrijver voert aan dat andere ijsverkopers in de winter overschakelen op andere producten om hun nering voort te zetten. Het verlenen van uitstel aan Van Vinden zou daarom leiden tot rechtsongelijkheid ("niet juist zijn"). Het document is gedateerd op 27 december 1940, ruim een half jaar na het begin van de Duitse bezetting van Nederland in de Tweede Wereldoorlog. In deze periode begon de schaarste aan goederen merkbaar te worden, wat de bewering van Van Vinden dat hij "zijn artikelen niet kan krijgen" een zekere geloofwaardigheid gaf.

Toch toont dit document de voortzetting van de normale gemeentelijke bureaucratie. De Dienst van het Marktwezen hield streng toezicht op de naleving van verordeningen. Het weerspiegelt de dagelijkse realiteit van kleine zelfstandigen die moesten overleven onder moeilijke omstandigheden en een overheid die vasthield aan strikte regels en precedentwerking, zelfs in oorlogstijd.

Samenvatting

In dit korte schrijven adviseert een ambtenaar (Neuhoff) de Inspecteur van het Marktwezen negatief over een verzoek tot uitstel ingediend door een zekere J.C. van Vinden. Hoewel Van Vinden als reden opgeeft dat hij zijn artikelen niet kan krijgen, prikt de schrijver hier doorheen.

De kern van het argument is dat Van Vinden een ijscoman is ("handelt in consumptieijs"). Het feit dat hij in december "thuis blijft", is volgens de schrijver een logisch gevolg van het seizoen en geen geldige reden voor bijzonder uitstel (waarschijnlijk van betaling van marktgeld of het behoud van een standplaats). De schrijver voert aan dat andere ijsverkopers in de winter overschakelen op andere producten om hun nering voort te zetten. Het verlenen van uitstel aan Van Vinden zou daarom leiden tot rechtsongelijkheid ("niet juist zijn").

Historische Context

Het document is gedateerd op 27 december 1940, ruim een half jaar na het begin van de Duitse bezetting van Nederland in de Tweede Wereldoorlog. In deze periode begon de schaarste aan goederen merkbaar te worden, wat de bewering van Van Vinden dat hij "zijn artikelen niet kan krijgen" een zekere geloofwaardigheid gaf.

Toch toont dit document de voortzetting van de normale gemeentelijke bureaucratie. De Dienst van het Marktwezen hield streng toezicht op de naleving van verordeningen. Het weerspiegelt de dagelijkse realiteit van kleine zelfstandigen die moesten overleven onder moeilijke omstandigheden en een overheid die vasthield aan strikte regels en precedentwerking, zelfs in oorlogstijd.

Gerelateerde Documenten 3