Archief 745
Inventaris 745-347
Pagina 1
Dossier 17
Jaar 1941
Stadsarchief

Archiefdocument

6 juni 1941 Van: De Wethouder voor de Levensmiddelen (waarnemend J. Smit) Aan: Den heer Regeeringscommissaris voor Amsterdam (E.J. Voûte)

Origineel

6 juni 1941 De Wethouder voor de Levensmiddelen (waarnemend J. Smit) Den heer Regeeringscommissaris voor Amsterdam (E.J. Voûte) [Linksboven gestempeld/getypt:]
Nº 10/15/1 M.19417/6

L.M.
472 -1941-

[Rechtsboven handgeschreven:]
Marktwe
6 Juni 1941.
M. de kram t.k.
det. [onleesbaar paraaf]

Ten vervolge op mijn antwoord op het schrijven d.d. 25 April van den Referent für Soziale Fragen betreffende Israëlietische venters, doe ik U hierbij toekomen 2 staten, dezerzijds opgemaakt naar aanleiding van inlichtingen van het Bevolkingsregister aangaande de afstamming van elk der 2880 venters en der 571 standplaatshouders. Ik merk hierbij op, dat de marktkooplieden niet aan een dergelijk onderzoek zijn onderworpen, daar het onzeker is, of zij wel worden bedoeld en een onderzoek hiernaar zeer veel tijd zou kosten, terwijl de beantwoording van genoemd schrijven haast heeft. Deze cijfers zullen U zoo spoedig mogelijk worden toegezonden.

Het aantal venters in totaal en in elk der groepen van waren is zeer fluctueerend. Dagelijks komen overschrijvingen voor van venters, die andere waar willen gaan verkoopen, terwijl door beëindiging van bedrijf, overlijden, verhuizen naar andere gemeenten enz. het totaal aantal telkens wisselt. Dit is tot zekere hoogte ook op standplaatshouders van toepassing.

Ik voeg hierbij enkele opmerkingen betreffende nadeelen, die volgens mij een eventueel verbod voor den straathandel (venters, standplaatshouders en marktkooplieden) van Israëlieten voor de Gemeente zal hebben. Ik geef U in overweging deze bezwaren ter kennis te brengen van de Duitsche autoriteiten.
vM

De Wethouder voor de Levensmiddelen,

(get.) J. Smit

wnd.

den heer Regeeringscommissaris
voor Amsterdam. Dit document is een ambtelijke brief waarin de waarnemend wethouder voor Levensmiddelen van Amsterdam cijfermatige gegevens verstrekt over de "afstamming" van straathandelaren. De kernpunten zijn:

  1. Registratie: Er is onderzoek gedaan naar 2880 venters en 571 standplaatshouders op basis van gegevens uit het Bevolkingsregister. Dit gebeurde op verzoek van de Duitse Referent für Soziale Fragen.
  2. Uitsluiting marktkooplieden: De wethouder meldt dat marktkooplieden nog niet zijn onderzocht, deels vanwege tijdsgebrek en deels vanwege onduidelijkheid over de Duitse opdracht.
  3. Administratieve weerstand/waarschuwing: De wethouder wijst op de logistieke complexiteit (het aantal handelaren fluctueert dagelijks) en voegt een lijst met "nadeelen" en "bezwaren" toe die een verbod op Joodse straathandel voor de gemeente Amsterdam zou hebben. Hij adviseert de Regeringscommissaris expliciet om deze bezwaren bij de Duitse autoriteiten kenbaar te maken. De brief dateert van juni 1941, ruim een jaar na het begin van de Duitse bezetting van Nederland en enkele maanden na de Februaristaking. In deze periode intensiveerden de nazi's hun beleid om Joden uit het economische leven te weren.

  4. Regeringscommissaris: Na het ontslag van burgemeester De Vlugt (maart 1941) werd de pro-Duitse E.J. Voûte aangesteld als regeringscommissaris (waarnemend burgemeester).

  5. Verordeningen: Eerder in 1941 (Verordening 6/1941) waren Joden al verplicht zich te laten registreren. De term "Israëlietisch" werd in ambtelijke stukken vaak nog gebruikt als synoniem voor Joods.
  6. Straathandel: Voor de Joodse bevolking in Amsterdam was de straat- en markthandel (zoals op het Waterlooplein) een vitale bron van inkomsten. De gemeenteambtenaren probeerden hier de praktische en economische gevolgen van een totaalverbod te benadrukken — vaak als een van de weinige overgebleven middelen om anti-Joodse maatregelen te vertragen of te verzachten. Ondanks deze bezwaren werd de straathandel voor Joden later in 1941 vrijwel volledig verboden.

Samenvatting

Dit document is een ambtelijke brief waarin de waarnemend wethouder voor Levensmiddelen van Amsterdam cijfermatige gegevens verstrekt over de "afstamming" van straathandelaren. De kernpunten zijn:

  1. Registratie: Er is onderzoek gedaan naar 2880 venters en 571 standplaatshouders op basis van gegevens uit het Bevolkingsregister. Dit gebeurde op verzoek van de Duitse Referent für Soziale Fragen.
  2. Uitsluiting marktkooplieden: De wethouder meldt dat marktkooplieden nog niet zijn onderzocht, deels vanwege tijdsgebrek en deels vanwege onduidelijkheid over de Duitse opdracht.
  3. Administratieve weerstand/waarschuwing: De wethouder wijst op de logistieke complexiteit (het aantal handelaren fluctueert dagelijks) en voegt een lijst met "nadeelen" en "bezwaren" toe die een verbod op Joodse straathandel voor de gemeente Amsterdam zou hebben. Hij adviseert de Regeringscommissaris expliciet om deze bezwaren bij de Duitse autoriteiten kenbaar te maken.

Historische Context

De brief dateert van juni 1941, ruim een jaar na het begin van de Duitse bezetting van Nederland en enkele maanden na de Februaristaking. In deze periode intensiveerden de nazi's hun beleid om Joden uit het economische leven te weren.

  • Regeringscommissaris: Na het ontslag van burgemeester De Vlugt (maart 1941) werd de pro-Duitse E.J. Voûte aangesteld als regeringscommissaris (waarnemend burgemeester).
  • Verordeningen: Eerder in 1941 (Verordening 6/1941) waren Joden al verplicht zich te laten registreren. De term "Israëlietisch" werd in ambtelijke stukken vaak nog gebruikt als synoniem voor Joods.
  • Straathandel: Voor de Joodse bevolking in Amsterdam was de straat- en markthandel (zoals op het Waterlooplein) een vitale bron van inkomsten. De gemeenteambtenaren probeerden hier de praktische en economische gevolgen van een totaalverbod te benadrukken — vaak als een van de weinige overgebleven middelen om anti-Joodse maatregelen te vertragen of te verzachten. Ondanks deze bezwaren werd de straathandel voor Joden later in 1941 vrijwel volledig verboden.

Kooplieden in dit dossier 3

J. Evertsenstraat Waterlooplein
V.V.O. Waterlooplein
T. Katestraat Waterlooplein

Gerelateerde Documenten 3