Handgeschreven ambtelijke notitie op een voorgedrukt 'Bijblad'.
Origineel
Handgeschreven ambtelijke notitie op een voorgedrukt 'Bijblad'. [Links boven, in kader:]
BIJBLAD VAN:
M. No. 28/95/1 1940
DOORGEZONDEN: 10/12-'40.
[Rechts boven:]
J.C. v.d. Linden, pl. 79 Lindengracht
[Midden tekst:]
Opgeroepen geweest per 13/12 '40 i.v.m.
om uitstel vragen?
Het verzoek van J.C. v d Linden
dient m.i. te worden afgewe- Hr Wolff
zen.
Aan v. d. Linden moet dan ook dadelijk
worden bericht, dat hij zijn plaats 20-12-'40
op de markt Lindengracht geregeld Deltaer
d.w.z. twee maal per week moet in-
nemen, daar anders de plaats zal
worden ingetrokken.
[Onderaan:]
7/1/'41 [initialen]
[In rood midden:]
28/95/2 M !
[Rechts onder:]
2-1-41
Deltaer
[Links onder, voorgedrukte tekst:]
Alg. Zaken Model No. 14
10.000-10-1937-1016 Het document betreft een administratieve beslissing over een marktkoopman, de heer J.C. van der Linden, die marktplaats nummer 79 op de Lindengracht in Amsterdam in gebruik had.
Uit de notities blijkt het volgende proces:
1. Aanvraag: Van der Linden heeft (mogelijk mondeling na oproep op 13 december 1940) verzocht om uitstel van de verplichting om zijn marktplaats in te nemen.
2. Advies: Een zekere heer Wolff adviseert het verzoek af te wijzen ("dient m.i. te worden afgewezen").
3. Besluit: Het verzoek wordt inderdaad afgewezen. De functionaris 'Deltaer' tekent op 20 december 1940 en definitief op 2 januari 1941 aan dat Van der Linden direct moet worden bericht.
4. Sanctie: De marktkoopman wordt gedwongen zijn plaats "geregeld" (twee keer per week) in te nemen. Indien hij dit niet doet, zal zijn vergunning voor de standplaats worden ingetrokken.
De rode aantekening "28/95/2 M !" suggereert een dossieroverdracht of een belangrijke vervolgactie in de administratie van het Marktwezen. Dit document stamt uit de eerste winter van de Duitse bezetting van Nederland (december 1940 - januari 1941). In deze periode werden marktvoorschriften in Amsterdam strenger gehandhaafd. De Lindengracht was (en is) een van de prominente markten in de Jordaan.
Hoewel de reden voor het verzoek om uitstel niet in dit specifieke document staat, was de mobiliteit van marktkooplieden in die tijd vaak beperkt door schaarste aan goederen of vervoersproblemen. Tegelijkertijd begon de bezetter en het collaborerende gemeentebestuur steeds strikter toezicht te houden op de bezetting van marktplaatsen, mede in het kader van de registratie en latere uitsluiting van Joodse marktkooplieden, hoewel er in dit specifieke dossier geen directe aanwijzingen zijn dat de heer Van der Linden van Joodse afkomst was. Het document toont vooral de bureaucratische onverzettelijkheid van de marktadministratie in oorlogstijd. J.C. v.d. Linden M. No Gemeente Amsterdam Marktwezen