Brief (doorslag van een officieel schrijven)
Origineel
Brief (doorslag van een officieel schrijven) 7 januari 1941 De Directeur (vermoedelijk van de Dienst der Markten, Amsterdam) Den Heer J.C.v.d. Vinden, Rijnstraat 74, Amsterdam-Zuid extra (handgeschreven)
D/HG.
den Heer J.C.v.d.Vinden,
Rijnstraat 74,
Amsterdam-Zuid.
Wijk 22B.
28/95/2 M. 7 Januari 1941.
Naar aanleiding van Uw brief d.d. 17 December jl. bericht ik U, dat aan het daarin vervatte verzoek niet kan worden voldaan. U dient Uw plaats op de markt Lindengracht geregeld, dat wil zeggen ten minste twee maal per week, in te nemen, daar deze anders overeenkomstig de desbetreffende bepalingen van het Reglement op de Markten zal worden ingetrokken.
De Directeur, In dit document wijst de directeur (waarschijnlijk van de Amsterdamse Marktdienst) een verzoek af van de heer J.C. van der Vinden. Hoewel de precieze aard van het verzoek van de heer Van der Vinden niet expliciet wordt genoemd, kan uit de reactie worden opgemaakt dat hij waarschijnlijk uitstel of ontheffing vroeg van de plicht om zijn marktplaats te bezetten.
De directeur herinnert de ontvanger aan de geldende regels: een marktkoopman op de Lindengracht is verplicht zijn standplaats minimaal twee keer per week in te nemen. Gebeurt dit niet, dan wordt de vergunning ingetrokken op basis van het 'Reglement op de Markten'. De toon is formeel en directief, typerend voor ambtelijke correspondentie uit die tijd. De brief is gedateerd op 7 januari 1941, ruim een half jaar na het begin van de Duitse bezetting van Nederland. Tijdens de bezetting werden regels en administratieve controles, ook op de markten, vaak strenger gehandhaafd. De Lindengracht is van oudsher een belangrijke marktlocatie in de Amsterdamse Jordaan.
De vermelding "Wijk 22B" en de specifieke adressering in Amsterdam-Zuid geven een inkijkje in de toenmalige administratieve indeling van de stad. Het handgeschreven woord "extra" bovenaan suggereert dat dit een afschrift is voor een specifiek dossier of dat er een bijzondere status aan de brief werd toegekend. In deze periode was er sprake van toenemende schaarste en distributiemaatregelen, wat de druk op marktkooplieden om hun nering te blijven drijven waarschijnlijk verhoogde.