Archief 745
Inventaris 745-323
Pagina 369
Dossier 5
Jaar 1940
Stadsarchief

Handgeschreven statistische notitie / administratieve inventarisatie.

Origineel

Handgeschreven statistische notitie / administratieve inventarisatie. Uilenburg.

336 uitgegeven vaste plaatsen
waarvan 288 Joodsch = 86 %
en 48 Niet Joodsch = 14 %

152 uitsluitend vaste plaats op
Uilenburg of ± 45 %
waavan 134 Joden
18 Niet Joodsch

Noordermarkt en Amstelveld zijn bij de weekmarkten beschouwd als markten waar vaste plaatsen zijn uitgegeven. (Officieel zijn daar immers geen vaste plaatsen)

51 op Uilenb + 1 weekmarkt of ± 15 %
waarvan 37 Joden
en 14 Niet Joden

71 op Uilenb. + 1 dagmarkt of ± 21 %
waarvan 65 Joden
en 6 Niet Joden
(in 48 gevallen is de dagmarkt: het Waterlooplein!
welke niet op Zaterdag wordt gehouden.)

39 op Uilenb. + 1 dagmarkt + 1 weekm. of ± 12 %
waarvan 31 Joden
en 8 Niet Joden

10 op Uilenb + 2 dagmarkten of ± 3 %
waavan 9 Joden
en 1 Niet Joven [sic - Joden]

2 op Uilenburg + 2 weekmarkten
waavan 2 Joden Dit document is een kwantitatieve analyse van het marktwezen in de Amsterdamse Jodenbuurt. De kern van de rapportage is de vaststelling dat de overgrote meerderheid (86%) van de standplaatshouders op de Uilenburgmarkt van Joodse afkomst is.

De tekst is opgedeeld in verschillende categorieën op basis van de combinatie van markten waar de kooplieden actief zijn:
* Kooplieden met enkel een vaste plaats op de Uilenburg.
* Kooplieden die de Uilenburg combineren met een weekmarkt (zoals de Noordermarkt of het Amstelveld).
* Kooplieden die de Uilenburg combineren met een dagmarkt (veelal het Waterlooplein). Hierbij wordt specifiek opgemerkt dat het Waterlooplein niet op zaterdag (Sjabbat) wordt gehouden, wat de Joodse signatuur van deze markt onderstreept.

Opvallend is het gebruik van twee kleuren inkt: rood voor de primaire statistieken en blauw/groen voor een aanvullende methodologische opmerking over de status van de Noordermarkt en het Amstelveld. Hoewel het document niet gedateerd is, wijst de terminologie en de focus op het scheiden van "Joodsch" en "Niet Joodsch" direct naar de periode van de Tweede Wereldoorlog. Na de inval van de Duitsers in 1940 werden er steeds meer beperkende maatregelen opgelegd aan Joodse burgers.

In september 1941 verbood de bezetter Joodse marktkooplieden om nog langer op de reguliere markten te staan. Er werden specifieke "Joodse markten" aangewezen (waaronder het Waterlooplein en de Uilenburg), waar alleen Joden mochten handelen en kopen. Dit document lijkt een administratieve voorbereiding of controle-instrument te zijn voor deze segregatie van de Amsterdamse markthandel. Het hoge percentage Joodse kooplieden op de Uilenburg (86%) maakte deze locatie tot een logisch doelwit voor deze isolatiepolitiek.

Samenvatting

Dit document is een kwantitatieve analyse van het marktwezen in de Amsterdamse Jodenbuurt. De kern van de rapportage is de vaststelling dat de overgrote meerderheid (86%) van de standplaatshouders op de Uilenburgmarkt van Joodse afkomst is.

De tekst is opgedeeld in verschillende categorieën op basis van de combinatie van markten waar de kooplieden actief zijn:
* Kooplieden met enkel een vaste plaats op de Uilenburg.
* Kooplieden die de Uilenburg combineren met een weekmarkt (zoals de Noordermarkt of het Amstelveld).
* Kooplieden die de Uilenburg combineren met een dagmarkt (veelal het Waterlooplein). Hierbij wordt specifiek opgemerkt dat het Waterlooplein niet op zaterdag (Sjabbat) wordt gehouden, wat de Joodse signatuur van deze markt onderstreept.

Opvallend is het gebruik van twee kleuren inkt: rood voor de primaire statistieken en blauw/groen voor een aanvullende methodologische opmerking over de status van de Noordermarkt en het Amstelveld.

Historische Context

Hoewel het document niet gedateerd is, wijst de terminologie en de focus op het scheiden van "Joodsch" en "Niet Joodsch" direct naar de periode van de Tweede Wereldoorlog. Na de inval van de Duitsers in 1940 werden er steeds meer beperkende maatregelen opgelegd aan Joodse burgers.

In september 1941 verbood de bezetter Joodse marktkooplieden om nog langer op de reguliere markten te staan. Er werden specifieke "Joodse markten" aangewezen (waaronder het Waterlooplein en de Uilenburg), waar alleen Joden mochten handelen en kopen. Dit document lijkt een administratieve voorbereiding of controle-instrument te zijn voor deze segregatie van de Amsterdamse markthandel. Het hoge percentage Joodse kooplieden op de Uilenburg (86%) maakte deze locatie tot een logisch doelwit voor deze isolatiepolitiek.

Locaties

Amsterdam (vermeldingen van Uilenburg Noordermarkt Amstelveld en Waterlooplein).

Gerelateerde Documenten 3