Inhoudsopgave (Table des Matières) van een statistisch verslag.
Origineel
Inhoudsopgave (Table des Matières) van een statistisch verslag. [Linkerpagina - Pagina VI]
VI
Bladz.
IV De tuinbouw ........................................................................................................ 40
18 Aantal en oppervlakte der bedrijven van de groenteteelt en de bloemisterij in de onderscheiden grootteklassen naar eigen en gepacht land, in vergelijking met 1921 ........ 40
19 Aantal M². glas en aantal werktuigen in de onderscheiden grootteklassen ................... 41
20 De in de onderscheiden grootteklassen in de groenteteelt werkzame personen naar geslacht, leeftijd en positie in het bedrijf ................................................................... 41
V De gemengde bedrijven .......................................................................................... 42
21 Aantal en oppervlakte der bedrijven in de onderscheiden grootteklassen naar eigen en gepacht land en naar den aard der gronden in gebruik, in vergelijking met 1921 .... 42
22 De veestapel in de onderscheiden grootteklassen, in vergelijking met 1921 ................ 43
23 Het aantal der verschillende landbouwwerktuigen in eigen en in gemeenschappelijk bezit en in huur in de onderscheiden grootteklassen .................................................. 44
24 De in de onderscheiden grootteklassen werkzame personen naar geslacht, leeftijd en positie in het bedrijf ............................................................................................... 45
25 De in voorjaar, zomer en najaar in de onderscheiden grootteklassen werkzame losse arbeiders, naar geslacht en leeftijd ........................................................................... 46
VI De land- en tuinbouwbedrijven, door het hoofd als nevenbedrijf uitgeoefend ................... 47
26 Aantal en oppervlakte der bedrijven in de onderscheiden grootteklassen in elk der bedrijfstakken naar eigen en gepacht land en naar den aard der gronden in gebruik, in vergelijking met 1921 ........................................................................................... 47
27 Het veebeslag in de onderscheiden grootteklassen der verschillende bedrijfstakken, in vergelijking met 1921 ........................................................................................... 48
[Rechterpagina]
[Ronde stempel: MARKTWEZEN AMSTERDAM]
TABLE DES MATIÈRES.
Page
Avant-propos ............................................................................................................... IV
Introduction (résumé) ................................................................................................. 15
§ 1 Organisation du recensement .............................................................................. 15
§ 2 Les résultats du recensement .............................................................................. 15
a Aperçu général ................................................................................................... 15
b Les différentes branches ................................................................................... 17
1 Labourage ............................................................................................................. 17
2 Elevage ................................................................................................................. 17
3 Horticulture .......................................................................................................... 18
4 Entreprises mixtes ................................................................................................ 18
Tableaux ...................................................................................................................... 21
I Aperçus généraux de toutes les branches ................................................................. 21
1 Nombre et superficie des entreprises de différente étendue, d'après les terres possédées en propre ou prises à ferme, en comparaison avec le recensement de 1921 ..... 21
2 Nombre et superficie des entreprises dans les différentes branches, d'après leur situation dans la commune et d'après les terres possédées en propre ou prises à ferme .. 22
3 Le cheptel dans les différentes branches en comparaison avec le recensement de 1921 24
4 Les personnes occupées dans les différentes branches d'après l'âge, le sexe et la position dans l'entreprise ................................................................................................... 25
II Labourage ................................................................................................................ 26
5 Nombre et superficie des entreprises de différente étendue, d'après les terres possédées en propre ou prises à ferme et d'après la nature des terres en culture, en comparaison avec le recensement de 1921 ............................................................................. 26
6 Nombre et superficie des entreprises dans la petite culture, dans la moyenne culture et dans la grande culture, d'après leur situation dans la commune .......................... 28
7 Le cheptel dans les entreprises de différente étendue en comparaison avec le recensement de 1921 ................................................................................................................. 29
8 Le nombre des machines agricoles de différentes espèces en propriété, en copropriété et en location auprès des entreprises de différente étendue ....................................... 30
9 Les personnes occupées dans les entreprises de différente étendue, d'après l'âge, le sexe et la position dans l'entreprise ............................................................................. 32
10 Les ouvriers journaliers occupés pendant le printemps, l'été et l'automne dans les entreprises de différente étendue, d'après le sexe et l'âge ........................................ 33
III Elevage ................................................................................................................... 34
11 Nombre et superficie des entreprises de différente étendue, d'après les terres possédées en propre ou prises à ferme et d'après la nature des terres en culture, en comparaison avec le recensement de 1921 ............................................................................. 34
12 Nombre et superficie des entreprises très petites et des entreprises dans la petite culture, dans la moyenne culture et dans la grande culture, d'après leur situation dans la commune 36
13 Le cheptel dans les entreprises de différente étendue, en comparaison de 1921 ...... 37
14 Le nombre des machines de différentes espèces en propriété et en copropriété auprès des entreprises de différente étendue .......................................................................... 38
15 Les personnes occupées dans les entreprises de différente étendue, d'après l'âge, le sexe et la position dans l'entreprise ............................................................................. 38 Het document betreft twee pagina's uit de inhoudsopgave van een uitgebreid statistisch werk over de landbouwsector. De linkerpagina (Nederlands) toont het einde van de inhoudsopgave met secties over tuinbouw, gemengde bedrijven en nevenbedrijven. De rechterpagina (Frans) toont het begin van de Franstalige sectie, beginnend met het voorwoord, de inleiding over de organisatie van de telling, en gedetailleerde overzichten van akkerbouw (labourage) en veeteelt (elevage).
Opvallend is de vergelijking die continu wordt getrokken met de cijfers uit het jaar 1921, wat suggereert dat dit verslag kort na een nieuwe telling (mogelijk 1924 of 1925) is opgesteld. De structuur is zeer gedetailleerd, waarbij onderscheid wordt gemaakt naar bedrijfsgrootte, eigendomsvorm (eigen of pacht), machines, en de demografie van de werkzame personen (leeftijd, geslacht, positie). Dit document is hoogstwaarschijnlijk een publicatie van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) in Nederland, of een gemeentelijke statistische dienst, gezien de tweetaligheid (gebruikelijk voor internationale verspreiding van statistieken in die periode) en de specifieke stempel van het "Marktwezen Amsterdam". Het Marktwezen hield toezicht op de handel in landbouwproducten in de hoofdstad.
De nadruk op de tuinbouw en de vergelijking met 1921 wijst op de periode van wederopbouw en economische herstructurering na de Eerste Wereldoorlog, waarin de Nederlandse landbouw zich sterk professionaliseerde en mechaniseerde. De gedetailleerde registratie van "losse arbeiders" en "werktuigen in gemeenschappelijk bezit" geeft inzicht in de sociale en technologische structuur van het platteland in het interbellum.