Krantenknipsel (fragment).
Origineel
Krantenknipsel (fragment). ... den oorlog, den naoorlog voor te bereiden.
De naoorlogsche samenwerking evenwel zal — naar het spr. voorkomt — de voornaamste zijn. Ze kan beslissend zijn voor de toekomst der beide landen.
Sombere toekomst.
Niemand kan natuurlijk op dit oogenblik overzien — aldus spr. — welke de economische verhoudingen zullen zijn tusschen de staten na den huidigen oorlog. Bewindslieden van oorlogvoerende mogendheden voorspellen een nieuw tijdperk van internationale samenwerking.
Wat we op dit oogenblik mogen vaststellen aan wijzigingen in de economische structuur leidt daartoe heelemaal niet. Nieuwe monetaire troebelen worden voorbereid en muntmanipulaties zijn reeds begonnen.
Doch boven dit alles treft spr. het volgende verschijnsel: toen Europa uit den wereldoorlog trad, dacht geen volk er aan in de autarkie zijn heil te zoeken. Het terugkeeren naar een regiem van vrijhandel was de begeerte van alle landen. Thans zoeken vrijwel alle oorlogvoerende landen in de verscherping van de autarkie of in het invoeren van de autarkie de oplossing voor hun economische oorlogsmoeilijkheden.
Europa zal, onmiddellijk na den huidigen oorlog, autarkisch zijn ingericht.
Een ommekeer op korten termijn, omdat het vrede is geworden zou geen verschijnsel zijn, dat met gevestigde economische wetten overeenstemt. De noodzakelijkheid wordt wel eens voor de kleinere landen in het vooruitzicht gesteld om in het Europa van morgen, economisch aansluiting te zoeken bij een van de grootere groepeeringen, die zich wellicht, op dit oogenblik, reeds aan het vormen zijn.
Kleinere landen, totaal afgezonderd, zullen het in elk geval hard te verduren hebben in de wereldeconomie die men thans voorbereidt. De tekst is een verslag van een redevoering (verwijzing naar "spr." oftewel spreker) waarin een somber beeld wordt geschetst van de naoorlogse economie. De kernpunten zijn:
1. Scepticisme over samenwerking: Terwijl politici internationale samenwerking beloven, ziet de spreker in de praktijk juist monetaire onrust en protectionisme.
2. Verschuiving van Vrijhandel naar Autarkie: De spreker vergelijkt de situatie met die na de Eerste Wereldoorlog (toen men terug wilde naar vrijhandel) en stelt vast dat landen nu juist kiezen voor zelfvoorziening (autarkie).
3. Positie van kleine landen: Er wordt gewaarschuwd dat kleine landen niet op eigen houtje kunnen overleven en gedwongen zullen zijn zich aan te sluiten bij grotere economische blokken. Tijdens de Tweede Wereldoorlog werd er zowel door de geallieerden als door de asmogendheden nagedacht over de economische orde na de oorlog. In dit fragment klinkt de vrees door voor een gefragmenteerd Europa. De nadruk op "grootere groepeeringen" en de onhoudbaarheid van isolatie voor kleine landen loopt vooruit op de latere vorming van economische samenwerkingsverbanden zoals de Benelux (1944) en uiteindelijk de Europese Gemeenschap voor Kolen en Staal. De term "autarkie" was in deze periode nauw verbonden met de economische ideologie van het nationaalsocialisme, maar werd hier breder besproken als een reactie op de oorlogsomstandigheden.