Archief 745
Inventaris 745-332
Pagina 386
Dossier 39
Jaar 1940
Stadsarchief

Brief / Ambtelijk schrijven.

16 mei 1940. Van: De Directeur (vermoedelijk van de Centrale Markt).

Origineel

Brief / Ambtelijk schrijven. 16 mei 1940. De Directeur (vermoedelijk van de Centrale Markt). VP/DV.

53/23/2 M.

16 Mei 1940.

Teruggave van betaald entree-
geld Centrale Markt aan
A.Th. van Weerdenburg.

den Heer Wethouder voor de
Levensmiddelen,
A l h i e r .

Hiermede heb ik de eer U te berichten, dat A.Th. van Weerdenburg, wien als tuinder toegang tot de Centrale Markt is verleend, het terzake voor personeel verschuldigde entréégeld ten bedrage van ƒ 2,- voor het kalenderjaar 1940 heeft betaald ten behoeve van J.A. van Weerdenburg. J.A. van Weerdenburg is inmiddels zelfstandig tuinder geworden en heeft als zoodanig het entréégeld, eveneens voor het volle kalenderjaar, ten bedrage van ƒ 10,- voldaan. A.Th. van Weerdenburg verzoekt thans het door hem betaalde bedrag van ƒ 2,- te willen teruggeven, hetgeen mij billijk voorkomt. Ik geef U mitsdien beleefd in overweging wel te willen bevorderen, dat dienovereenkomstig door Burgemeester en Wethouders wordt besloten, zulks ingevolge artikel 36 van de Verordening op de heffing van markt-, standplaats- en ventgelden.

De Directeur, Dit document is een ambtelijk verzoek tot restitutie van marktgelden. De kern van de zaak is een dubbele betaling of een overbodig geworden betaling:
1. A.Th. van Weerdenburg (een tuinder) had ƒ 2,- betaald voor personeelstoegang voor J.A. van Weerdenburg.
2. J.A. van Weerdenburg werd echter zelfstandig tuinder en betaalde daarop het volledige eigen entreegeld van ƒ 10,-.
3. Hierdoor is de eerdere ƒ 2,- onverschuldigd geworden. De directeur van de markt adviseert de wethouder om dit bedrag terug te betalen op basis van de geldende verordening (artikel 36).

De taal is formeel en hoffelijk ("heb ik de eer U te berichten", "mitsdien beleefd in overweging"). Rechtsboven staat een handgeschreven naam, "M. Müller", wat mogelijk de naam van de directeur of een behandelend ambtenaar is. De datum van het document, 16 mei 1940, is historisch zeer saillant. Dit is slechts één dag na de officiële capitulatie van de Nederlandse krijgsmacht aan nazi-Duitsland (15 mei) en zes dagen na de inval.

Het feit dat dit document op deze datum is opgesteld, illustreert dat het civiele overheidsapparaat en de gemeentelijke bureaucratie in steden als Amsterdam (waar de Centrale Markt gevestigd was) onmiddellijk na de overgave simpelweg doorgingen met de dagelijkse gang van zaken. Terwijl het land in shock verkeerde door de bezetting en het bombardement op Rotterdam, hield de administratie zich bezig met de restitutie van twee gulden aan een tuinder. Dit toont de continuïteit van het ambtelijk bestuur tijdens de overgang naar de bezettingsjaren.

Samenvatting

Dit document is een ambtelijk verzoek tot restitutie van marktgelden. De kern van de zaak is een dubbele betaling of een overbodig geworden betaling:
1. A.Th. van Weerdenburg (een tuinder) had ƒ 2,- betaald voor personeelstoegang voor J.A. van Weerdenburg.
2. J.A. van Weerdenburg werd echter zelfstandig tuinder en betaalde daarop het volledige eigen entreegeld van ƒ 10,-.
3. Hierdoor is de eerdere ƒ 2,- onverschuldigd geworden. De directeur van de markt adviseert de wethouder om dit bedrag terug te betalen op basis van de geldende verordening (artikel 36).

De taal is formeel en hoffelijk ("heb ik de eer U te berichten", "mitsdien beleefd in overweging"). Rechtsboven staat een handgeschreven naam, "M. Müller", wat mogelijk de naam van de directeur of een behandelend ambtenaar is.

Historische Context

De datum van het document, 16 mei 1940, is historisch zeer saillant. Dit is slechts één dag na de officiële capitulatie van de Nederlandse krijgsmacht aan nazi-Duitsland (15 mei) en zes dagen na de inval.

Het feit dat dit document op deze datum is opgesteld, illustreert dat het civiele overheidsapparaat en de gemeentelijke bureaucratie in steden als Amsterdam (waar de Centrale Markt gevestigd was) onmiddellijk na de overgave simpelweg doorgingen met de dagelijkse gang van zaken. Terwijl het land in shock verkeerde door de bezetting en het bombardement op Rotterdam, hield de administratie zich bezig met de restitutie van twee gulden aan een tuinder. Dit toont de continuïteit van het ambtelijk bestuur tijdens de overgang naar de bezettingsjaren.