Typoscript (doorslag op dun papier).
Origineel
Typoscript (doorslag op dun papier). 2 augustus 1941. "De Directeur" (onbekende instantie, waarschijnlijk een gemeentelijke dienst in Amsterdam). Den Heer H.A. Kuykens, Van Bossestraat 95 huis, Amsterdam-West. [Handgeschreven, linksboven:]
in tri
[Rechtsboven:]
den Heer H.A. Kuykens,
Van Bossestraat 95 huis,
Amsterdam-West.
Wyk 19A.
[Midden:]
53/43/3 M [gevolgd door ruimte] 2 Augustus 1941
[Body:]
Naar aanleiding van Uw brief d.d. 22 dezer deel ik U mede, dat aan het daarin vervatte verzoek niet kan worden voldaan.
[Onderaan rechts:]
De Directeur, * Vorm: Het betreft een zeer kort en zakelijk schrijven. De tekst is waarschijnlijk met een typemachine opgesteld als doorslag (carbon copy) voor het eigen archief, wat de kwaliteit van het papier en de vage letters verklaart.
* Inhoud: De brief is een formele afwijzing. De ontvanger, de heer Kuykens, had op 22 juli 1941 een verzoek ingediend, maar de directeur van de betreffende instantie wijst dit zonder opgaaf van redenen af. De beknopte en afstandelijke toon is kenmerkend voor ambtelijke correspondentie uit die periode.
* Notaties: De handgeschreven notitie "in tri" staat waarschijnlijk voor 'in triplo' (in drievoud), wat aangeeft dat er meerdere kopieën van dit document zijn gemaakt voor de administratie. "Wyk 19A" verwijst naar de administratieve indeling van Amsterdam-West in die tijd. * Historische context: De brief is gedateerd op 2 augustus 1941, ruim een jaar na het begin van de Duitse bezetting van Nederland. In deze periode nam de bureaucratische druk op de burgerbevolking toe en werden veel verzoeken aan overheidsinstanties (zoals reisvergunningen, ontheffingen of distributiezaken) stelselmatig afgewezen.
* Persoonscontext: De geadresseerde is Hubertus Adrianus Kuykens (1901-1969), die op het adres Van Bossestraat 95-huis woonde. Uit oorlogsarchieven is bekend dat H.A. Kuykens betrokken was bij het verzet (onder andere bij de groep 'De Vrije Katheter'). Hoewel de inhoud van zijn verzoek van 22 juli niet uit deze brief blijkt, is het aannemelijk dat het een administratieve aanvraag betrof die in het kader van de bezettingsmaatregelen werd behandeld. H.A. Kuykens