Archief 745
Inventaris 745-363
Pagina 323
Dossier 109
Jaar 1941
Stadsarchief

Typschrift (ambtelijke correspondentie) met handgeschreven kanttekeningen en parafen.

5 augustus 1941. Van: Onbekend (waarschijnlijk een inspecteur of afdelingshoofd van een gemeentelijke controledienst).

Origineel

Typschrift (ambtelijke correspondentie) met handgeschreven kanttekeningen en parafen. 5 augustus 1941. Onbekend (waarschijnlijk een inspecteur of afdelingshoofd van een gemeentelijke controledienst). [Linksboven, handgeschreven in blauwe inkt:] un. de Veen [onduidelijk]
[Midden boven, handgeschreven in blauwe inkt:] Verzonden 5/8

72/46/3 M
1

D/G.

5 Augustus 1941.

Klacht standplaatshouder
G. Mulini over overlast van
venters.

den Heer Wethouder
voor de Levensmiddelen,
A l h i e r .

[In de linkermarge getypt:]
/van een vaste
standplaats

Onder terugzending van het met Uw kantbrief d.d. 31 Juli jl. om spoedig advies ontvangen stuk No. 5/199 L.M.1941 heb ik de eer U te berichten, dat aan adressant op 3 Juni jl. onder no. 5/48 L.M.1941 vergunning is verleend tot het innemen voor den verkoop van ijs op de Nassaukade t/o perceel 120. Het is mogelijk, dat adressant overlast ondervindt van venters in de omgeving van zijn standplaats; het contrôleerend personeel van mijn dienst heeft echter opdracht om - zonder aanzien des persoons - streng op te treden tegen venters, die clandestien standplaatsen innemen, vooral wanneer dit gebeurt in de omgeving van bona fide vaste standplaatshouders. Krachtens artikel 2 sub 9 der Ventverordening mag niet worden stilgestaan binnen een afstand van 25 meter van standplaatsen of winkels, waar hetzelfde artikel of dezelfde artikelen dan wel dezelfde soort van artikelen als waarmede gevent wordt, worden verkocht, anders dan tot het bedienen van klanten. Dit laatste bemoeilijkt vanzelfsprekend een direct en afdoend optreden van het contrôleerend personeel tegen de zoogenaamde clandestiene standplaatshouders, speciaal tegen hen, die met het artikel ijs venten, omdat deze, vooral op warme dagen en wanneer ze, zooals in het onderhavige geval, aan drukke verkeerswegen een plaats innemen, vrijwel voortdurend klanten bedienen, zoodat ze in dat geval dus ongestraft, zelfs vlak naast den officieelen standplaatshouder kunnen staan.

Naar aanleiding van een door adressant bij mijn dienst ingediende klacht, is herhaalde malen ter plaatse gecontroleerd, zonder dat eenige overtreding van de zijde van ijsventers, welke in de directe omgeving ijs verkochten, kon worden geconstateerd. Deze controle wordt inmiddels voortgezet.

Voor de goede orde deel ik U nog mede, dat mij van adressant is gerapporteerd, dat hij vrijwel dagelijks omstreeks 5 uur n.m. zelf clandestien plaats inneemt op het Hugo de Grootplein, waar op dat oogenblik het verkeer steeds zeer druk pleegt te zijn, en waar hij onder meer de leerlingen van de ter plaatse gevestigde Ambachtsschool ijs pleegt te verkoopen. Hem is dezerzijds daarom onder het oog gebracht, dat deze handel- [tekst breekt af aan onderzijde pagina] * Taalgebruik: Het document is geschreven in de destijds gangbare ambtelijke spelling (bijv. "contrôleerend", "zoogenaamde", "oogenblik").
* Inhoud: De kern van het document is een reactie op een klacht van een ijsverkoper (G. Mulini) over concurrentie door illegale ("clandestiene") venters. De ambtenaar legt uit dat handhaving lastig is omdat venters legaal mogen stilstaan zolang zij klanten bedienen. Opvallend is de "u-bocht" aan het einde van de brief: de klager wordt er zelf van beschuldigd ook clandestien een standplaats in te nemen op het Hugo de Grootplein om scholieren te bedienen.
* Toestand: Het document is een doorslag of kopie op dun papier, wat te zien is aan de textuur en de lichte doorschijnendheid. De tekst aan de onderzijde is afgesneden. Dit document dateert uit augustus 1941, tijdens de Duitse bezetting van Nederland in de Tweede Wereldoorlog. Hoewel het een alledaagse bureaucratische kwestie over marktvergunningen en ventverordeningen betreft, weerspiegelt het de strikte regulering van de openbare ruimte en de voedselvoorziening (Wethouder voor de Levensmiddelen) in oorlogstijd. De term "clandestien" werd in deze periode veelvuldig gebruikt voor activiteiten die buiten de officiële vergunningen of distributiesystemen om gingen. De genoemde locaties (Nassaukade en Hugo de Grootplein) situeren het incident in Amsterdam-West. De Ambachtsschool aan het Hugo de Grootplein was destijds een bekende onderwijsinstelling in de buurt.

Samenvatting

  • Taalgebruik: Het document is geschreven in de destijds gangbare ambtelijke spelling (bijv. "contrôleerend", "zoogenaamde", "oogenblik").
  • Inhoud: De kern van het document is een reactie op een klacht van een ijsverkoper (G. Mulini) over concurrentie door illegale ("clandestiene") venters. De ambtenaar legt uit dat handhaving lastig is omdat venters legaal mogen stilstaan zolang zij klanten bedienen. Opvallend is de "u-bocht" aan het einde van de brief: de klager wordt er zelf van beschuldigd ook clandestien een standplaats in te nemen op het Hugo de Grootplein om scholieren te bedienen.
  • Toestand: Het document is een doorslag of kopie op dun papier, wat te zien is aan de textuur en de lichte doorschijnendheid. De tekst aan de onderzijde is afgesneden.

Historische Context

Dit document dateert uit augustus 1941, tijdens de Duitse bezetting van Nederland in de Tweede Wereldoorlog. Hoewel het een alledaagse bureaucratische kwestie over marktvergunningen en ventverordeningen betreft, weerspiegelt het de strikte regulering van de openbare ruimte en de voedselvoorziening (Wethouder voor de Levensmiddelen) in oorlogstijd. De term "clandestien" werd in deze periode veelvuldig gebruikt voor activiteiten die buiten de officiële vergunningen of distributiesystemen om gingen. De genoemde locaties (Nassaukade en Hugo de Grootplein) situeren het incident in Amsterdam-West. De Ambachtsschool aan het Hugo de Grootplein was destijds een bekende onderwijsinstelling in de buurt.