Handgeschreven brief (verzoekschrift) op gelinieerd papier.
Origineel
Handgeschreven brief (verzoekschrift) op gelinieerd papier. 5 november 1941. D. Korper, wonende aan de Valkenburgerstraat 157 II, Amsterdam. De Directeur van het Marktwezen, Amsterdam. № 103/13/1 M. 1941 6/11
Amsterdam 5/11 41
Aan Den Derecteur Mmp.
Der Marktweezen
Alhier
De onderteekende verzoek
beleefd overgeplaats
te worden van joodsche
markt waterlooplein
naar de joodsche markt
gaasperstraat.
D. Korper wonende
valkenburgerstraat 157 II
Hoogachting
D. Korper In dit korte schrijven verzoekt D. Korper om een overplaatsing als marktkoopman. Hij staat op dat moment op de Joodse markt op het Waterlooplein en wil graag overgeplaatst worden naar de Joodse markt in de Gaasperstraat. Opvallend is de spelling "Derecteur" en de wat gebrekkige zinsbouw ("verzoek... te worden"), wat duidt op een schrijver die wellicht minder geschoold was of voor wie het Nederlands niet de eerste taal was (hoewel de naam Korper zeer Amsterdams/Joods-Nederlands is). De brief is zakelijk maar beleefd van toon. Het adres van de afzender, Valkenburgerstraat 157 II, lag midden in de oude Joodse buurt, vlakbij het Waterlooplein. De wens om naar de Gaasperstraat (in de Rivierenbuurt) te verhuizen kan te maken hebben met een veranderende klantenkring of persoonlijke omstandigheden. Dit document stamt uit een duistere periode in de Amsterdamse geschiedenis. In de loop van 1941 voerden de Duitse bezetters steeds meer anti-Joodse maatregelen in. Een daarvan was de segregatie van het openbare leven. Vanaf juli/augustus 1941 werden Joodse marktkooplieden verbannen van de reguliere markten. Er werden specifiek "Joodse markten" ingesteld waar alleen Joden mochten verkopen en kopen.
De markten op het Waterlooplein en in de Gaasperstraat waren twee van deze aangewezen locaties. De markt in de Gaasperstraat werd geopend in november 1941 om de grote Joodse bevolking in Amsterdam-Zuid te bedienen. Deze brief is exact rond de opening van die markt geschreven (5 november 1941). De Joodse markten bleven bestaan tot de grootschalige deportaties de handel onmogelijk maakten in 1943. Voor veel Joodse Amsterdammers was de markt een van de laatste plekken waar men nog legaal in hun levensonderhoud kon voorzien of sociale contacten kon onderhouden voordat de 'Endlösung' in volle gang gezet werd. D. Korper Gemeente Amsterdam Marktwezen