Dienstbrief / intern memorandum op briefkaartformaat.
Origineel
Dienstbrief / intern memorandum op briefkaartformaat. 18 september 1942. Waarschijnlijk de Wethouder van het Marktwezen (gezien de initialen W. h. M.). [In rode inkt linksboven:] I / 71 / 1
Diensttelefoon
H. Steenbeek
[Rechtsboven:]
A’dam, 18/9 1942
W. h. M.
[Hoofdtekst:]
Hiermede heb ik de eer U te
verzoeken te willen bevorderen,
dat den heer H. Steenbeek, adj.
bedrijfschef van den Dienst van het
Marktwezen een diensttelefoon-
aansluiting te zijnen huize,
P. Lastmankade 37, wordt ver-
leend. Nu de bedrijfschef, de
heer J. Brouwer, voorloopig uit
zijne functie is ontheven, is het
[doorgestreept: dringend] gewenscht, dat de heer
Steenbeek over een diensttelefoon
beschikt.
[doorgestreept: Hij heeft] [daarboven in rode inkt: Hij heeft thans voor eigen]
rekening een telefoonaansluiting,
hij verzoekt het hem verstrekte
telefoonnummer, 97240, te
mogen behouden.
[Rechtsonder:]
D.D. In dit document verzoekt een Amsterdamse functionaris (mogelijk de wethouder verantwoordelijk voor de markten) om een zakelijke telefoonaansluiting voor de heer H. Steenbeek, de adjunct-bedrijfschef van de Dienst van het Marktwezen.
De aanvraag wordt gemotiveerd door de tijdelijke schorsing of ontheffing van de eigenlijke bedrijfschef, de heer J. Brouwer. Hierdoor rusten de dagelijkse beslommeringen en de noodzaak tot bereikbaarheid op Steenbeek. Interessant is de opmerking dat Steenbeek reeds een privé-aansluiting heeft op zijn woonadres (Pieter Lastmankade 37) en verzoekt om dit bestaande nummer (97240) te behouden, maar de kosten voortaan als 'diensttelefoon' te laten aanmerken. De datum van het document, september 1942, plaatst dit verzoek midden in de Tweede Wereldoorlog tijdens de Duitse bezetting van Nederland. In deze periode was het bezit van een telefoon niet vanzelfsprekend en stond het telefoonverkeer onder strikte controle.
De vermelding dat bedrijfschef J. Brouwer "voorloopig uit zijne functie is ontheven" is historisch relevant. Tijdens de bezetting werden veel Nederlandse ambtenaren om politieke redenen ontslagen of geschorst, bijvoorbeeld omdat ze joods waren, weigerden samen te werken met de bezetter, of plaats moesten maken voor NSB-getrouwen.
De Dienst van het Marktwezen was cruciaal voor de voedselvoorziening en handel in de stad, wat de "dringendheid" (hoewel later doorgestreept) van de bereikbaarheid van de leidinggevenden verklaart. De Pieter Lastmankade in Amsterdam-Zuid was destijds een chique woonomgeving waar veel hogere ambtenaren en professionals woonden.