Archief 745
Inventaris 745-371
Pagina 306
Dossier 10
Jaar 1942
Stadsarchief

Dienstbrief / Ambtelijk schrijven.

16 mei 1942. Van: De Directeur (van de Dienst voor de Levensmiddelen).

Origineel

Dienstbrief / Ambtelijk schrijven. 16 mei 1942. De Directeur (van de Dienst voor de Levensmiddelen). vD/HG.
8A/30/1 M.

16 Mei 1942.

Vervanging marktopzichter
C.L. Buenting.

den Heer Wethouder
voor de Levensmiddelen,
A l h i e r .

Zooals U bekend is heeft de marktopzichter C.L. Buenting (No.74) van mijn dienst met ingang van 11 Mei jl. op zijn verzoek ontslag uit den Gemeentedienst verkregen.

Sedert het ontslag van de Joodsche ambtenaren was Buenting in administratieven dienst op de afdeeling Boekhouding werkzaam; de door zijn vertrek ontstane vacature heb ik door het opschuiven van eenige jongere, op het Hoofdkantoor van mijn dienst werkzame, ambtenaren kunnen doen vervullen; door deze opschuiving is thans een vacature ontstaan van een jeugdig schrijver, die belast zal worden met het typen van brieven, het verrichten van eenvoudige, administratieve werkzaamheden en dergelijke.

Ik moge U derhalve beleefd verzoeken mij, zoo mogelijk spoedig, in verband met het tekort aan arbeidskrachten, ook op het Hoofdkantoor van den dienst, te machtigen, over te gaan tot het - in overleg met de Gemeentelijke Personeelsvoorziening - aanstellen van een jeugdig schrijver.

Geëischt wordt: Leeftijd van 17 - 18 jaar, goede ontwikkeling (M.U.L.O.-school); goede kennis der Nederlandsche taal; vaardigheid in het typen strekt tot aanbeveling.

Mede als gevolg van bovenbedoelde opschuiving stel ik mij voor U binnenkort onder andere omtrent de positie van een aantal ambtenaren van den administratieven dienst de noodige voorstellen te doen toekomen.

De Directeur, Het document is een zakelijk verzoek om toestemming voor het aannemen van nieuw personeel. De essentie is de vervanging van marktopzichter Buenting, die ontslag heeft genomen. Opmerkelijk is dat Buenting oorspronkelijk marktopzichter was, maar was overgeplaatst naar de boekhouding om gaten op te vullen die waren ontstaan na het ontslag van Joodse ambtenaren.

Door het vertrek van Buenting is er een keten van interne promoties ("opschuiving") in gang gezet, waardoor er onderaan de ladder een vacature is ontstaan voor een "jeugdig schrijver". De directeur specificeert de eisen voor deze nieuwe kracht (MULO-niveau, 17-18 jaar). Het document illustreert hoe de gemeentelijke bureaucratie probeerde de personele bezetting op peil te houden te midden van de oorlogsomstandigheden. Dit document stamt uit mei 1942, de periode van de Duitse bezetting van Nederland. De zin "Sedert het ontslag van de Joodsche ambtenaren" is een directe verwijzing naar de anti-Joodse maatregelen die de bezetter kort na de inval invoerde. In november 1940 werden Joodse ambtenaren eerst geschorst en begin 1941 definitief ontslagen als gevolg van de Ariërverklaring.

Dit ontslag veroorzaakte een personeelstekort bij de overheid, dat moest worden opgevangen door overplaatsingen (zoals die van marktopzichter Buenting naar de administratie). Daarnaast wordt er gesproken over een algemeen "tekort aan arbeidskrachten", wat in 1942 toenam door de Arbeitseinsatz (de verplichte tewerkstelling in Duitsland) en de groeiende bureaucratie rondom de distributie van levensmiddelen. De brief is gericht aan de Wethouder voor de Levensmiddelen, een cruciale post in oorlogstijd vanwege de voedselschaarste en rantsoenering.

Samenvatting

Het document is een zakelijk verzoek om toestemming voor het aannemen van nieuw personeel. De essentie is de vervanging van marktopzichter Buenting, die ontslag heeft genomen. Opmerkelijk is dat Buenting oorspronkelijk marktopzichter was, maar was overgeplaatst naar de boekhouding om gaten op te vullen die waren ontstaan na het ontslag van Joodse ambtenaren.

Door het vertrek van Buenting is er een keten van interne promoties ("opschuiving") in gang gezet, waardoor er onderaan de ladder een vacature is ontstaan voor een "jeugdig schrijver". De directeur specificeert de eisen voor deze nieuwe kracht (MULO-niveau, 17-18 jaar). Het document illustreert hoe de gemeentelijke bureaucratie probeerde de personele bezetting op peil te houden te midden van de oorlogsomstandigheden.

Historische Context

Dit document stamt uit mei 1942, de periode van de Duitse bezetting van Nederland. De zin "Sedert het ontslag van de Joodsche ambtenaren" is een directe verwijzing naar de anti-Joodse maatregelen die de bezetter kort na de inval invoerde. In november 1940 werden Joodse ambtenaren eerst geschorst en begin 1941 definitief ontslagen als gevolg van de Ariërverklaring.

Dit ontslag veroorzaakte een personeelstekort bij de overheid, dat moest worden opgevangen door overplaatsingen (zoals die van marktopzichter Buenting naar de administratie). Daarnaast wordt er gesproken over een algemeen "tekort aan arbeidskrachten", wat in 1942 toenam door de Arbeitseinsatz (de verplichte tewerkstelling in Duitsland) en de groeiende bureaucratie rondom de distributie van levensmiddelen. De brief is gericht aan de Wethouder voor de Levensmiddelen, een cruciale post in oorlogstijd vanwege de voedselschaarste en rantsoenering.

Gerelateerde Documenten 1