Handgeschreven brief (zakelijke correspondentie).
Origineel
Handgeschreven brief (zakelijke correspondentie). 27 januari 1942. Getekend "Barmhartigheid", namens L. Barmhartigheid, Rapenburg 10 1-hoog, Amsterdam (C). № 18/3/21 M. 1942 20/1 [stempel/handgeschreven]
Amsterdam 27-1-’42
1/206 [handgeschreven in marge]
Mijne Heren,
Naar aanleiding van Uw
schrijven d.d. 22 dezer, deel ik
U mede, dat ik tot mijn
spijt niet aan Uw verzoek
kan voldoen, daar den heer
L. Barmhartigheid zich momenteel
in de gevangenis te Scheveningen
bevindt en zijn ventvergunning
bij zich heeft.
U gelieve hiervan goede nota
te nemen.
Inmiddels
hoogachtend.
Barmhartigheid [handtekening]
L. Barmhartigheid
Rapenburg 10 1 H
Amsterdam (C) De brief is een reactie op een schrijven van een officiële instantie (waarschijnlijk een gemeentelijke afdeling belast met marktwezen of vergunningen) van 22 januari 1942. De schrijver deelt mede dat de heer L. Barmhartigheid niet aan een verzoek (vermoedelijk het inleveren of tonen van een vergunning) kan voldoen.
De reden hiervoor is aangrijpend: de heer Barmhartigheid bevindt zich op dat moment in de gevangenis van Scheveningen. Bovendien heeft hij zijn 'ventvergunning' (de vergunning om goederen op straat te verkopen) fysiek bij zich in de gevangenis, waardoor de familie er niet over kan beschikken. De brief is zakelijk van toon maar getuigt van de bureaucratische realiteit waarin vervolgde burgers zich bevonden. Dit document stamt uit de periode van de Duitse bezetting van Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog. De genoemde locatie, de "gevangenis te Scheveningen", stond in die tijd bekend als het Oranjehotel. Hier werden door de Duitse bezetter duizenden Nederlanders gevangen gezet voor verhoor en berechting, variërend van verzetsstrijders tot burgers die de anti-Joodse maatregelen hadden overtreden.
De heer in kwestie is zeer waarschijnlijk Levi Barmhartigheid (geboren 1893), een Joodse straatventer die op het adres Rapenburg 10-I in Amsterdam woonde. Uit archiefstukken blijkt dat hij inderdaad werd gearresteerd. Het feit dat hij zijn ventvergunning nog bij zich had in Scheveningen suggereert een plotselinge arrestatie. Levi Barmhartigheid is later via kamp Westerbork gedeporteerd en op 30 september 1942 vermoord in Auschwitz. Deze brief vormt een tastbaar bewijs van de administratieve nasleep van zijn arrestatie, terwijl zijn gezin probeerde de officiële zaken af te handelen. L. Barmhartigheid Marktwezen