Ambtsbericht of intern rapport betreffende de visdistributie.
Origineel
Ambtsbericht of intern rapport betreffende de visdistributie. 2e
1/7 2 18
Vervolg op C 12292 [handtekening]
547
de garnalen levert aan dezen die se altijd van hem
tot dan betrokken, en wier namen door hem aan
de Gem. Visafslag te Hoorn zijn opgegeven.
Op 1/7. '42 zijn 22 mandjes, elk inhoudende 25 kg,
door hem ontvangen te +/- 10 uur, waarvan
men 9 afnamen, waarvan 2 aan Thoonen,
9 aan Schuman ..., A Thijssen, en
C v d Horst te Groningen, allen te Hoorn.
Het bedrag per pond en het aantal van 22 stuks
is door de betreffende afd. Documentatie berekend.
De tijden van aflevering doen veronderstellen
ontvangers, die ook beweeren slechts 2 1/2 kg op deze
wijze garnalen te hebben ontvangen.
Door den Heer Stam, chef Visafslag te Hoorn,
werd bevestigd dat door Thoonen opgave
gedaan van afnemers, die in voorkomende gevallen
de garnalen worden geleverd.
Kan in voorkomende gevallen, met vergunning van den
Insp. v/h Marktwezen in een vervolg op deze wijze
gehandeld worden of moeten de garnalen blijven
staan voor een opslag met het risico van bederf?
Hoe te handelen wanneer de insp. v/h Marktw. niet
te bereiken is.
Ad 2. Kan in elk geval wel proeven gedaan.
[Handtekening, mogelijk J. Hoogewerf]
547
Aan de directie van het
Marktwezen te
Amsterdam.
[Stempel/Paraf:]
Gezien
6-7.42
de Dir. Het document is een ambtelijke verslaglegging over een onregelmatigheid bij de distributie van garnalen in de havenstad Hoorn in juli 1942. De kern van de zaak is een verschil tussen de officiële administratie (22 mandjes van 25 kg) en de beweringen van de afnemers, die stellen veel minder te hebben ontvangen (slechts 2 1/2 kg op een bepaalde wijze).
De schrijver van het rapport (waarschijnlijk een inspecteur of marktmeester) vraagt om beleidsrichtlijnen voor de toekomst. De centrale vraag is hoe te handelen bij bederfelijke waar zoals garnalen wanneer de hogere inspectie niet direct bereikbaar is: moet men de regels strikt volgen met het risico dat de waar bederft, of mag men afwijken van de procedure om de verkoop te bespoedigen? Dit document stamt uit het midden van de Tweede Wereldoorlog. Tijdens de bezetting stond de gehele voedselvoorziening in Nederland onder streng toezicht van de Rijksdienst voor de Voedselvoorziening en het Marktwezen. Alles was op de bon of werd via strikte distributiekanalen verdeeld om zwarte handel tegen te gaan en de bezetter (en de bevolking) van voedsel te voorzien.
Garnalen waren in die tijd een waardevolle maar riskante bron van voedsel vanwege de snelle bederfelijkheid, zeker in de zomermaanden (juli). De bureaucratische toon van de brief onderstreept de angst van ambtenaren om fouten te maken in een tijd waarin distributieovertredingen zwaar bestraft konden worden, terwijl de praktische noodzaak om voedselverspilling door bederf te voorkomen botste met de trage, ambtelijke procedures. J. Hoogewerf Marktwezen