Archief 745
Inventaris 745-387
Pagina 19
Dossier 100
Jaar 1942
Stadsarchief

Ambtelijke correspondentie (brief/rapport).

20 november 1942.

Origineel

Ambtelijke correspondentie (brief/rapport). 20 november 1942. [Linkerbovenzijde - Stempels en kenmerken]
Centrale - Controle - dienst
Afd. Spijsvetten en Vruchten
No 46 A/845/3 M. 1942 23/11
Uw schrijven No: 46 A/845/2 M. dd 10-11-'42
aan CCD. afd. Controle G.J.F. Hirsch
Amsterdam.

[Rechterbovenzijde]
380
Amsterdam 20 November 1942
Aan de directie van het Marktbureau te Amsterdam.

[Onderwerp]
Betreffende B. Klok te Amsterdam.

[Inhoud]
Naar aanleiding van bovenvermeld schrijven werd door mij, ondergeteekende, een onderzoek ingesteld.
Hierbij is gebleken dat het zenden van 25 kg Wijting aan een Openl. Opslag, met de vermelding, — bestemd voor B. Klok, op een misverstand berust.
B. Klok deelde mij n.l. het volgende mede:
"Ik wist zelf tot niet hoe en waarom Suwerker er toe was gekomen die wijting in de hal te sturen en daarop te zetten — bestemd voor B Klok, en heb den boekhouder van Suwerker toen ik die eens sprak daarom opheldering gevraagd.
Deze heeft mij de volgende uitleg gegeven:
Voor eenige tijd heeft Suwerker controle gehad en bleek dat hij ook aan Amsterdam moest leveren.
Hij leverde toen al verplicht aan Utrecht, en te Utrecht is het regel dat aangevoerd wordt, althans van Texel, aan een Opslag, echter zonder de mededeeling — bestemd voor ......., omdat te Utrecht de aanvoer van Texel zoodanig is geregeld dat de opkoopers hun overgave afnemen, zij het dan via een Opslag blijven bedienen.
Suwerker nu was van meening dat dit te Amsterdam eveneens zoo geregeld was.
Mijns inziens moet dit geval als een misverstand worden beschouwd, omdat hier zeker geen sprake kan zijn van het leveren van visch buiten een Opslag om."
Dat geloof ik ook, anders had Suwerker het wel geadresseerd aan de Alb. Cuypstraat.

[Handtekening]
577

[Kantlijn links - verticaal geschreven]
m.i. als afgedaan beschouwen.
27-11-'42 [Paraaf]

--- * Taalgebruik: Het document is geschreven in ambtelijk Nederlands uit de oorlogsperiode, met gebruik van de destijds gangbare spelling (zoals "ondergeteekende", "zoo", "visch").
* Inhoudelijke kern: Er was onduidelijkheid ontstaan over een zending van 25 kilo wijting (vis). In de distributieketen was deze zending gelabeld voor een specifiek persoon (B. Klok) bij een openbare opslag. Dit was verdacht, omdat het kon wijzen op handel buiten de officiële kanalen (zwarte markt).
* Verdediging: De leverancier (Suwerker, vermoedelijk een visser of handelaar uit Texel) dacht dat het systeem in Amsterdam hetzelfde werkte als in Utrecht. In Utrecht werd vis centraal bij een opslag afgeleverd waar kopers het vervolgens ophaalden. De inspecteur concludeert dat er geen kwade opzet was, maar een verwarring over de lokale regels.
* Resultaat: In de kantlijn is genoteerd dat de zaak op 27 november 1942 als afgedaan wordt beschouwd.

--- Dit document stamt uit november 1942, midden in de Duitse bezetting van Nederland. De Centrale Controle-dienst (CCD) was in die tijd een cruciaal orgaan. Vanwege de toenemende schaarste was er een streng distributiestelsel voor voedsel ingesteld om de zwarte handel tegen te gaan. De CCD hield toezicht op de naleving van deze regels.

Het document illustreert de bureaucratische complexiteit van de voedselvoorziening tijdens de oorlog. Zelfs een relatief kleine hoeveelheid vis (25 kg) leidde tot een formeel onderzoek en briefwisseling tussen instanties. De vermelding van Texel en de Albert Cuypstraat (een bekende marktlocatie in Amsterdam) plaatst het incident in de dagelijkse logistiek van de vishandel tussen de Waddeneilanden en de hoofdstad.

Samenvatting

  • Taalgebruik: Het document is geschreven in ambtelijk Nederlands uit de oorlogsperiode, met gebruik van de destijds gangbare spelling (zoals "ondergeteekende", "zoo", "visch").
  • Inhoudelijke kern: Er was onduidelijkheid ontstaan over een zending van 25 kilo wijting (vis). In de distributieketen was deze zending gelabeld voor een specifiek persoon (B. Klok) bij een openbare opslag. Dit was verdacht, omdat het kon wijzen op handel buiten de officiële kanalen (zwarte markt).
  • Verdediging: De leverancier (Suwerker, vermoedelijk een visser of handelaar uit Texel) dacht dat het systeem in Amsterdam hetzelfde werkte als in Utrecht. In Utrecht werd vis centraal bij een opslag afgeleverd waar kopers het vervolgens ophaalden. De inspecteur concludeert dat er geen kwade opzet was, maar een verwarring over de lokale regels.
  • Resultaat: In de kantlijn is genoteerd dat de zaak op 27 november 1942 als afgedaan wordt beschouwd.

Historische Context

Dit document stamt uit november 1942, midden in de Duitse bezetting van Nederland. De Centrale Controle-dienst (CCD) was in die tijd een cruciaal orgaan. Vanwege de toenemende schaarste was er een streng distributiestelsel voor voedsel ingesteld om de zwarte handel tegen te gaan. De CCD hield toezicht op de naleving van deze regels.

Het document illustreert de bureaucratische complexiteit van de voedselvoorziening tijdens de oorlog. Zelfs een relatief kleine hoeveelheid vis (25 kg) leidde tot een formeel onderzoek en briefwisseling tussen instanties. De vermelding van Texel en de Albert Cuypstraat (een bekende marktlocatie in Amsterdam) plaatst het incident in de dagelijkse logistiek van de vishandel tussen de Waddeneilanden en de hoofdstad.

Locaties

Amsterdam.

Gerelateerde Documenten 2