Handgeschreven briefkaart of dossiernotitie.
Origineel
Handgeschreven briefkaart of dossiernotitie. 15 november (jaar onbekend, vermoedelijk midden 20e eeuw). J.A.G. Rijshouwer. H. a. v. Buul (vermoedelijk). J. A. G. Rijshouwer.
H. a. v. Buul 15 November
j.l. moet ik U tot mijn spijt berichten,
dat in verband met de omvangrijkheid
van het werk het niet mogelijk is U de
gevraagde gegevens te verstrekken; enerzijds
is niet altijd bekend, dat veel van de
in Uw brief genoemde firma's via deze
Kantoor Wijherschenk wordt ingezonden.
[Handtekening/Initialen]
464875/2 * Inhoud: De schrijver (Rijshouwer) reageert op een verzoek om informatie van de ontvanger (Van Buul). Hij geeft aan dat het vanwege de grote hoeveelheid werk niet mogelijk is om de gevraagde gegevens te leveren.
* Opvallende details: Er wordt verwezen naar een eerdere brief ("j.l." - jongstleden) waarin firma's werden genoemd. De schrijver merkt op dat informatie over deze firma's blijkbaar via een ander kanaal ("Kantoor Wijherschenk") binnenkomt, wat de onmogelijkheid of overbodigheid van het verzoek deels verklaart.
* Stijl: Formeel en zakelijk ("tot mijn spijt berichten", "U").
* Administratieve sporen: Het rode nummer linksonder ("464875/2") is een klassiek archiefkenmerk, waarschijnlijk een dossier- of volgnummer van een centrale administratie. Dit document lijkt deel uit te maken van de administratieve correspondentie van een bedrijf of overheidsinstantie uit de periode 1940-1960, gezien het handschrift en de gehanteerde spelling (bijv. "omvangrijkheid", "firma's"). De aard van de gevraagde gegevens is waarschijnlijk statistisch of financieel, aangezien er sprake is van gegevensverstrekking over diverse firma's. Het kantoor "Wijherschenk" (mogelijk een eigennaam of een specifieke afdeling/tussenpersoon) fungeerde blijkbaar als een centraal punt voor de indiening van documenten, wat wijst op een gestructureerd bureaucratisch proces. De afwijzing van het verzoek wegens "omvangrijkheid van het werk" is een nog steeds veelvoorkomend motief in archiefstukken betreffende informatieverzoeken. G. Rijshouwer J.A.G. Rijshouwer