Proces-verbaal (Politie-rapport)
Origineel
Proces-verbaal (Politie-rapport) April 1941 Gezien [handtekening/stempel]
PRO JUSTITIA.
Marktwezen No. 77/9/3 M.
POLITIE TE AMSTERDAM.
2e sectie 2e afdeeling.
PROCES-VERBAAL.
Proces-verbaal contra Karel August Ignatius Smit, oud 53 jaar, kleinhandelaar in groenten en fruit, wonende Admiraal de Ruyterweg 164 te Amsterdam-West, verdacht van diefstal van een ledige kist, gepleegd op de Centrale Markt alhier op Woensdag 2 April 1941 ten nadeele van Cornelis de Jong, oud 56 jaar, groothandelaar in groenten en fruit, gevestigd Centrale Markt en wonende Admiraal de Ruyterweg 25 58, alhier.
Ik, ondergeteekende, Ditrich Victor Heinrich Schiermeier, ambtenaar bij het Marktwezen te Amsterdam, tevens onbezoldigd veldwachter dezer Gemeente, dienstdoende aan de Centrale Markt aan de Jan van Galenstraat alhier, verklaar het navolgende.
"Op Woensdag 2 April 1941, des voormiddags omstreeks 8.30 uur bevond ik mij met toezicht belast aan de Westzijde van het Hoofdgebouw op het terrein van de Centrale Markt ter hoogte van pakhuis Hal 24, toen ik zag, dat een mij van aanzien bekend persoon, welke mij later desgevraagd opgaf te zijn genaamd: Karel August Ignatius Smit, geboren te Amsterdam, 10 April 1877, groentehandelaar en wonende Admiraal de Ruyterweg 164 te Amsterdam-West, van een stapel ledige kisten, welke achter pakhuis Hal 20 stond, een ledige kist wegnam, deze op een handkar, die op eenigen afstand van bedoelde stapel kisten stond, oplaadde en zich vervolgens wilde verwijderen. Waar het mij, verbalisant, bekend was, dat deze stapel kisten toebehoort aan den mij bekenden grossier C. de Jong, gevestigd in pakhuis Hal 20, heb ik Smit staande gehouden en gevraagd van wie hij toestemming had verkregen een ledige kist weg te nemen, waarop hij mij het volgende verklaarde:
"Hedenmorgen heb ik mij naar de Centrale Markt begeven om aldaar mijn inkoopen te doen. Zoo zou ik onder andere ook een partij aardappelen laden, doch kwam om deze te kunnen vervoeren, één zak te kort. Ten einde de aardappelen toch naar mijn zaak over te kunnen brengen heb ik toen van de stapel kisten, welke achter pakhuis Hal 20 staat, een ledige kist weggenomen. Het lag niet in mijn bedoeling om deze kist na gebruik weer op zijn plaats terug te brengen, doch wilde hem voor mijzelf behouden, temeer daar men onlangs ook van mij twee kisten had weggenomen. Wie de eigenaar van deze kist is, weet ik niet. Ik had van niemand toestemming verkregen de kist weg te nemen, noch daar op andere wijze over te beschikken. Ik weet, dat ik mij door deze handeling aan een strafbaar feit heb schuldig gemaakt, maar kan U verklaren, dat ik voordien nog nimmer met de Justitie in aanraking ben geweest."
Hierop heb ik, verbalisant, de door Smit weggenomen kist van hem inbeslaggenomen. Deze kist bleek te zijn gemerkt "M.Zetten". Vervolgens heb ik mij met Smit naar pakhuis Hal 20 begeven en heb aldaar gehoord: Cornelis de Jong, oud 56 jaar, grossier in groenten en fruit, gevestigd Centrale Markt Hal 20 en wonende Admiraal de Ruyterweg 25 58 alhier, die mij, nadat ik hem van het vorenstaande in kennis had gesteld, aangifte deed en als volgt verklaarde: "Ik heb van het Marktwezen Pakhuis Hal 20 van de Centrale Markt in huur voor de uitoefening van mijn bedrijf. Aan de achterzijde van dit pakhuis staat een partij ledige kisten, waarvoor ik aan betrokken veilingen, al naar gelang de waarde van elke kist, een bepaald bedrag aan statiegeld heb betaald. Aan den persoon, die U mij vertoont (ik, verbalisant, vertoon aan De Jong verdachte Smit) heb ik geen toestemming gegeven een van deze kisten weg te nemen, noch daar op andere wijze over te beschikken. De kist, welke U mij vertoont (ik, verbalisant, vertoon aan De Jong de door mij inbeslaggenomen kist) herken ik aan het merk "M.Zetten" als soortgelijk aan die, welke door mij worden gebruikt. Zou U niet hebben opgemerkt, dat deze persoon een kist wegnam, dan was ik hierdoor benadeeld voor een bedrag van ƒ 0,60. Ik verzoek U, indien hiertoe termen aanwezig zijn, tegen Smit een strafrechtelijke vervolging in te stellen. Na voorlezing volhard ik bij deze verklaring en teeken haar met U".
[handtekening Schiermeier] [handtekening C. de Jong]
De door mij inbeslaggenomen kist zal door mij op wettige wijze worden gedeponeerd ter Griffie van de Arrondissementsrechtbank te Amsterdam. Smit na voorloopig door mij te zijn gehoord, weer heengezonden.
En heb ik hiervan dit proces-verbaal op den door mij afgelegden ambtseed opgemaakt, geteekend en gesloten te Amsterdam, April 1941.
--- * Juridische context: Het document betreft een klassiek proces-verbaal van heterdaad. De verdachte, Smit, wordt beschuldigd van eenvoudige diefstal (artikel 310 Wetboek van Strafrecht). Opvallend is de gedetailleerde bekentenis van de verdachte, inclusief zijn motivering: hij had zelf kisten verloren door diefstal en meende dit op deze wijze te mogen "compenseren".
* Sociaal-economische waarde: De diefstal betreft een kist met een statiegeldwaarde van ƒ 0,60 (zestig cent). Hoewel dit naar huidige maatstaven een gering bedrag lijkt, was dit in 1941 voor een kleine handelaar een substantieel bedrag dat juridische vervolging rechtvaardigde.
* Topografie: De handeling vindt plaats op de Centrale Markt aan de Jan van Galenstraat in Amsterdam, een cruciaal logistiek knooppunt voor de voedselvoorziening. Zowel de verdachte als de benadeelde woonden aan de Admiraal de Ruyterweg, wat suggereert dat zij wellicht buren of bekenden van elkaar waren in dezelfde buurt.
* Taalgebruik: Het document hanteert de formele juridische taal van de vroege 20e eeuw ("des voormiddags", "in kennis gesteld", "termen aanwezig zijn"). Opmerkelijk is de correctie met pen van het huisnummer 25 naar 58 bij de getuige De Jong.
--- Dit document stamt uit april 1941, de periode van de Duitse bezetting van Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog. Hoewel de bezetting op dat moment al bijna een jaar duurde, vertoont dit proces-verbaal de normale continuïteit van de Nederlandse opsporingsinstanties. Er wordt geen melding gemaakt van oorlogsomstandigheden; de focus ligt puur op de handhaving van de openbare orde en eigendomsrechten op de markt.
De Centrale Markt was in die tijd de "buik van Amsterdam". Toezicht door ambtenaren van het Marktwezen (zoals verbalisant Schiermeier, die als 'onbezoldigd veldwachter' politiebevoegdheid had) was essentieel om de handel in goede banen te leiden. Diefstal van emballage (kisten) was een veelvoorkomend probleem dat de bedrijfsvoering van grossiers direct raakte. De strenge aanpak van een diefstal van slechts 60 cent illustreert de strikte handhaving op het marktterrein.