Archief 745
Inventaris 745-395
Pagina 161
Dossier 48
Jaar 1942
Stadsarchief

Circulaire (instructie voor veilingen/distributie)

4 september 1942 Van: Rb.V.V.O. (Rijksbureau voor de Voedselvoorziening in Oorlogstijd) Dossier: 379, 405

Origineel

Circulaire (instructie voor veilingen/distributie) 4 september 1942 Rb.V.V.O. (Rijksbureau voor de Voedselvoorziening in Oorlogstijd) Rb.V.V.O.                            -4-  Circ.No.405/'42 dd. 4 Sept. 1942.

VERDEELING VAN DEN AANVOER.

Product Export Binnenland
Industrie Versch
Druiven (alicante) 90 % 10 %
Peren en appelen 80 % 20 %
Tomaten 80 % 10 % 10 %
Meloenen, komkommers en augurken 70 % 30 %
Sla 60 % 40 %
Koolrabi, bloemkool, boonen uitgezonderd pronkboonen, peen zonder lof, spitskool, roode- en savoyekool, uien B. 50 % 50 %
Witte kool 50 % 30 % 20 %
Andijvie 25 % 25 % 50 %
Pronkboonen 50 % 25 % 25 %
Tomaten (bonken) 100 %

De exportpercentages moeten worden genomen van den totalen aanvoer (eventueel van de vermelde sorteeringen) der op de exportlijst voorkomende producten. De bevoorrading voor de keukens kan eerst uit het voor het binnenland bestemde gedeelte plaatsvinden.
Wanneer de veiling in de onmogelijkheid verkeert hieraan op eenigerlei wijze te voldoen, dan dient onze Centrale hiervan tevoren in kennis te worden gesteld (toestel 32).
Wanneer een voor het binnenland bestemd gedeelte, uitgezonderd het product Andijvie, niet door het binnenland wordt afgenomen of den exportprijs niet opbrengt, dan dient ook dit deel voor export te worden verladen.

ANDIJVIE.
Wanneer de voor versche binnenlandsche consumptie bestemde 50 % niet geheel wordt afgenomen, komt het overblijvende gedeelte allereerst ten goede van de industrie; neemt ook de industrie niet meer op, dan moet tot verlading voor export worden overgegaan.

TOMATEN (kriel en gescheurde).
Deze komen niet meer ter beschikking van de industrie, maar dienen voor het binnenland verkocht te worden.

PRUIMEN.
Voor de verdeeling van den aanvoer van dit product verwijzen wij U naar circulaire No.379/'42 dd. 25 Augustus 1942 en 387 dd. 29 Augustus.

DRUIVEN.
Druiven, welke uitsluitend bestemd zijn voor de fabriek, mogen tegen een prijs van ten hoogste f.0.25 per kg. worden berekend. Indien fabrieksdruiven ter beschikking staan, dient hiervan opgave te worden gedaan aan onze Centrale, afdeeling Conserveering.

WITTE KOOL.
De voor de industrie bestemde 30 % dient te worden gemeld bij den Heer A.de Waal. Secretaris Sectie Zuurkool van de vakgroep groentenverwerkende industrie, Hofplein B.4 te Alkmaar, telephoon 2256.

PRONKBOONEN.
Bonte pronkboonen mogen niet worden geveild.

UIEN.
Het veilen van uien is tot nader order alleen toegestaan voor de afwijkende kwaliteit (B). De goede uien dienen derhalve bewaard te worden.

KOOLRAPEN.
Het veilen van koolrapen is verboden.

BREEKPEEN.
Het veilen van breekpeen is voor de provincie Zeeland en voor de Zuid-Hollandsche Eilanden alleen toegestaan voor de niet bewaarbare peen.

./.5. Dit document is een ambtelijke richtlijn die de verdeling van de Nederlandse landbouwopbrengst reguleert tijdens de Tweede Wereldoorlog. Het meest opvallende kenmerk is de extreme focus op export: voor luxere producten zoals druiven (90%), peren en appelen (80%) en tomaten (80%) is het overgrote deel van de oogst bestemd voor het buitenland (vrijwel uitsluitend nazi-Duitsland).

Enkele specifieke observaties:
* Hiërarchie in consumptie: Er is een strikte volgorde: eerst export, dan de binnenlandse industrie (voor conserven), en als laatste de verse binnenlandse markt ("Versch").
* Kwaliteitsbeheersing: Alleen de lagere kwaliteiten of beschadigde producten (zoals 'bonken' tomaten of 'uien B') blijven in grotere mate beschikbaar voor de lokale bevolking.
* Centrale aansturing: De bureaucratische controle is fijnmazig. Er wordt verwezen naar specifieke secties (zoals de "Sectie Zuurkool" in Alkmaar) en telefoonnummers voor direct overleg.
* Schaarsheidsbeheer: Het verbod op het veilen van goede uien en koolrapen wijst op het aanleggen van strategische voorraden voor de wintermaanden of voor militaire doeleinden. Dit document stamt uit september 1942, een periode waarin de Duitse bezetter de Nederlandse economie volledig had ingeschakeld voor de eigen oorlogsvoering (Kriegswirtschaft). Het Rijksbureau voor de Voedselvoorziening in Oorlogstijd (RBVVO) was het uitvoerende orgaan dat toezag op de productie en distributie.

Hoewel de officiële term "export" wordt gebruikt, was er in de praktijk sprake van grootschalige voedselonttrekking aan de Nederlandse markt om de Duitse steden en legers te voeden. Dit leidde tot de invoering van het bonnenstelsel en een gestage verslechtering van het dieet van de gemiddelde Nederlander, aangezien de beste producten het land verlieten. De circulaire toont aan hoe gedetailleerd de bezetter en de collaborerende instanties de voedselstroom controleerden om elke kilo product op de 'juiste' plek te krijgen. Rijksbureau Vakgroep

Samenvatting

Dit document is een ambtelijke richtlijn die de verdeling van de Nederlandse landbouwopbrengst reguleert tijdens de Tweede Wereldoorlog. Het meest opvallende kenmerk is de extreme focus op export: voor luxere producten zoals druiven (90%), peren en appelen (80%) en tomaten (80%) is het overgrote deel van de oogst bestemd voor het buitenland (vrijwel uitsluitend nazi-Duitsland).

Enkele specifieke observaties:
* Hiërarchie in consumptie: Er is een strikte volgorde: eerst export, dan de binnenlandse industrie (voor conserven), en als laatste de verse binnenlandse markt ("Versch").
* Kwaliteitsbeheersing: Alleen de lagere kwaliteiten of beschadigde producten (zoals 'bonken' tomaten of 'uien B') blijven in grotere mate beschikbaar voor de lokale bevolking.
* Centrale aansturing: De bureaucratische controle is fijnmazig. Er wordt verwezen naar specifieke secties (zoals de "Sectie Zuurkool" in Alkmaar) en telefoonnummers voor direct overleg.
* Schaarsheidsbeheer: Het verbod op het veilen van goede uien en koolrapen wijst op het aanleggen van strategische voorraden voor de wintermaanden of voor militaire doeleinden.

Historische Context

Dit document stamt uit september 1942, een periode waarin de Duitse bezetter de Nederlandse economie volledig had ingeschakeld voor de eigen oorlogsvoering (Kriegswirtschaft). Het Rijksbureau voor de Voedselvoorziening in Oorlogstijd (RBVVO) was het uitvoerende orgaan dat toezag op de productie en distributie.

Hoewel de officiële term "export" wordt gebruikt, was er in de praktijk sprake van grootschalige voedselonttrekking aan de Nederlandse markt om de Duitse steden en legers te voeden. Dit leidde tot de invoering van het bonnenstelsel en een gestage verslechtering van het dieet van de gemiddelde Nederlander, aangezien de beste producten het land verlieten. De circulaire toont aan hoe gedetailleerd de bezetter en de collaborerende instanties de voedselstroom controleerden om elke kilo product op de 'juiste' plek te krijgen.

Producten

A.G.F. (Aardappelen): Aardappel A.G.F. (Aardappelen): Kriel A.G.F. (Fruit): Appel A.G.F. (Fruit): Druiven A.G.F. (Fruit): Fruit A.G.F. (Fruit): Meloen A.G.F. (Fruit): Peren A.G.F. (Fruit): Pruim A.G.F. (Groenten): Andijvie A.G.F. (Groenten): Augurk A.G.F. (Groenten): Groente A.G.F. (Groenten): Komkommer A.G.F. (Groenten): Kool A.G.F. (Groenten): Peen A.G.F. (Groenten): Sla A.G.F. (Groenten): Tomaten A.G.F. (Groenten): Uien Kruidenier (Droog): Bloem Vis & Zee: Aal Vis & Zee: Vis Zuivel & Eieren: Eieren Zuivel & Eieren: Room Zuivel & Eieren: Zuivel

Thema's

Duitsland/Oosten Jodenster/Maatregelen

Organisaties

Rijksbureau Vakgroep