Handgeschreven ambtelijk rapport/notitie.
Origineel
Handgeschreven ambtelijk rapport/notitie. 29 november 1943. Mittelmeyer geeft toe, de in het rapport
van den Ambtenaar gebezigde woorden te
hebben geuit. Hij deelt mede met Mevr.
v. Herwerden samen in bloemen te hebben
gehandeld en zich voldoende met de
zaak te hebben bemoeid. Hij was even
met Mevr. Herwerden weg geweest en
de jongen van Mevr Herwerden had toen
even de plaats ingenomen. De behande-
ling van Wolff vond hij onbillijk.
Wolff laat aan den een alles toe, ter-
wijl hij de ander niets toestaat.
29-11-'43.
Mevr. ~~Mittelman~~ Herwerden door
mij gehoord geeft toe, dat zij het
woord "echtgenoot" op de voor-
keurskaart door "oom" heeft ver-
vangen.
Ik geef U in overweging de in
het rapport van den heer Wolff genoem-
de marktkooplieden te straffen
door ze het recht te ontzeggen
om gedurende 14 dagen een plaats
op een der markten in te
nemen!
29-11-'43
Metten Dit document is een verslag van een hoorzitting naar aanleiding van een incident op een markt. Het bestaat uit drie delen:
1. De verklaring van Mittelmeyer: Hij geeft toe de ambtenaar (Wolff) te hebben beledigd, maar voert als verzachtende omstandigheid aan dat Wolff partijdig zou zijn ("laat aan den een alles toe, terwijl hij de ander niets toestaat"). Hij verklaart ook waarom hun standplaats tijdelijk door een jongen werd bemand.
2. De bekentenis van Mevr. v. Herwerden: Zij geeft toe dat ze fraude heeft gepleegd met haar "voorkeurskaart" door de relatie van een mede-exploitant te vervalsen van "echtgenoot" naar "oom". Dit was waarschijnlijk bedoeld om de regelgeving omtrent wie er op de markt mocht staan te omzeilen.
3. Het advies: De opsteller (Metten) adviseert een disciplinaire straf: een marktverbod van 14 dagen voor de betrokkenen. Het document dateert uit november 1943, midden in de Duitse bezetting van Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog. In deze periode was de handel op markten strikt gereguleerd door middel van vergunningen en "voorkeurskaarten" (distributiestelsel en schaarste speelden hierbij een grote rol). Ambtenaren zoals Wolff hielden streng toezicht op de naleving van deze regels. De spanning tussen de marktkooplieden en het gezag was vaak hoog, wat in dit document tot uiting komt in de beschuldiging van onbillijke behandeling door de inspecteur en het gebruik van beledigende taal. Het vervalsen van een voorkeurskaart was in die tijd een serieus vergrijp, omdat deze kaarten bepaalden wie in aanmerking kwam voor schaarse handelsplaatsen of goederen.