Archief 745
Inventaris 745-403
Pagina 82
Dossier 100
Jaar 1943
Stadsarchief

Handgeschreven ambtelijk verslag/verhoor (mogelijk onderdeel van een intern onderzoek of politie-dossier).

Origineel

Handgeschreven ambtelijk verslag/verhoor (mogelijk onderdeel van een intern onderzoek of politie-dossier). (Pagina 2)

T. a. v. de voorrangskaarten van de N. V. D. deelde Wolff mede, dat hij den laatsten dag, dat hij met den vischverkoop op de Markt was belast, zelfs 60 kaartenhoudsters heeft geteld. Deze regeling gaf zeer veel reden tot klagen bij het in de rij staande publiek. De betr. vrouwen bleven nl. op een afstand staan wachten tot er een wagen met mooie zeevisch of aal naar binnen reed en meldden zich dan tegelijk bij den contr. ambtenaar! De ontevredenheid van het publiek uit de rij sproot dan ook mede voort uit de regeling met de voorrangskaarten.

Ten aanzien de mededeeling van Wolff, dat hij slechts overzicht had over den verkoop in één loods, hebben wij hem gevraagd, waarom hij hiervoor nimmer bezwaren bij zijn superieuren heeft ingebracht. Wolff antwoordde hierop, dat de Politie de regeling in handen had van het toelaten van het publiek tot de loodsen. Het was hem onmogelijk om hierop voldoende toezicht te houden. Bovendien was in een van de twee loodsen steeds een ambtenaar van de Econ. Politie aanwezig genaamd De Bak. Ook contr. Nouland van de C. C. D. was vaak aanwezig. Wanneer De Wolff in de ene loods controleerde, nam De Bak de andere voor zijn rekening. De Wolff deelde mede, dat hij nimmer aan dezen ambtenaar heeft gevraagd, naar de mening van Wolff kwam deze De Bak reeds, voordat de verkoop officieel in de loodsen plaatsvond; naar schatting wel een jaar lang en wel vrijwel dagelijks.

Deze mededeeling wordt telkens bevestigd door Sp. Bonarius van het Hoofdbureau v. Pol.

De Bak verrichtte dezelfde werkzaamheden als Wolff; hij turfde ook regelmatig. De Bak kocht nooit visch bij de markthoopluyden, wel heeft De Wolff enige keren gezien, dat hij bij Fl. en V., de hachouwer(?), visch kocht. Het publiek heeft hij hierover nooit aanmerkingen hooren maken.

De Wolff handhaafde zijn standpunt, dat er geen visch tusschen de De Ruyterkade en de Kpt. kon versnijden. Hij grondde dit hierop, dat de kooplui niet vooraf wisten, wanneer hij zou turven. Bij het turven is het vrijwel nooit voorgekomen, dat er hoeveelheden visch ontbraken. Vandaar zijn conclusie, dat er geen visch werd achtergehouden of langs omwegen verdween. Aangezien ook De Bak steeds turfde, zou ook deze hieromtrent kunnen worden gehoord.

De Wolff wijst er hierbij op, dat de verhouding tusschen hem en De Bak gedurende geruimen tijd zoodanig was, dat ze vijandig tegenover elkaar stonden. Hierin is pas 1 ½ maand geleden verandering gekomen. Naar Wolff’s mening sluit dit vanzelfsprekend "handje plak" tusschen hen beiden uit.

(Pagina 3)

Er was evenwel geen volledige werkverdeeling tusschen de Wolff en De Bak; dit kon er ook niet zijn, aangezien ze niet in hetzelfde dienstverband zaten. Wel verklaarde Wolff, dat hij van politiezijde een veel steun heeft gehad.

T. a. v. het koopen van visch hebben wij De Wolff medegedeeld, dat er vele en zeer ernstige klachten over hem waren. De Wolff verklaarde, dat er voor hem nooit visch door de markthoopluyden is achtergehouden; hij heeft nimmer bij deze koopluyden visch gekocht of gekregen. Wel kocht hij om de 3, 4 weken visch bij de halthouders. Wolff zeide, dat hij steeds vrij van alle koopluyden heeft gestaan; hij wenschte dit als ambtseedig ambtenaar en als veldwachter te verklaren.

Wolff wees er opnieuw op, dat het publiek in de Jordaan wel tot het lastigste behoort. Er is een man, die, nadat Wolff is overgeplaatst naar de J. Ezn., ook mee is overgegaan en nu weer dagelijks op de J. Ezn. aanwezig is om te trachten iets te ontdekken. De Wolff wijst een en ander aan zijn buren, die N.S.B. zijn en hem reeds zeer lang dwarsboomen. Eerst zou Wolff een clandestine houthandel hebben gedreven, toen werd hij beschuldigd van het luisteren naar de Eng. Radio en nu wordt van hem gezegd, dat hij in den zwarten vischhandel zit. Zijn buurvrouw brengt al deze praatjes in omloop. Hiervoor is reeds op het bureau gesproken, waar de vrouw over de hand(?) zou zijn genomen.

Wolff heeft nimmer gezien, dat politieambtenaren bij de koopluyden visch kochten; wel bij Fl. en V. Ten het begin van de vischregeling, verklaarde Wolff, heeft hij wel toegestaan, dat de agenten 2 pond visch per week kochten, doch sedert hij de kwestie heeft gehad met den agent Smit in de W’straat heeft hij hieraan radicaal een einde gemaakt. Dit is nu al wel een jaar geleden. Sedert eenige maanden verbeurt hij, in opdracht van den Insp., dat de agenten zelfs in de loods kwamen. De Insp. deelde in aansluiting hierop nog mede, dat de Brig. Maas hem de vorige week heeft gesproken. Deze verklaarde, dat hij in de 3 maanden, dat hij dienst doet op de Kpt. nog nimmer kans heeft gezien om 2 pond visch te koopen!

Ten slotte verklaarde Wolff, dat hij Fl. en V. meermalen heeft gevraagd om na afloop van den vischverkoop de deuren van de loodsen te sluiten, omdat anders het publiek niet naar huis ging. Het document is een getuigenverklaring van een ambtenaar genaamd De Wolff, die betrokken was bij de distributie en controle van vis op een Amsterdamse markt (mogelijk de vismarkt bij de De Ruyterkade of de Jan Ezn. [Jan van Galenstraat]).

Kernpunten uit de verklaring:
1. Corruptie en Voorrang: Er is sprake van onvrede bij het publiek over de voorrangskaarten van de N.V.D. (Nederlandse Volksdienst), waardoor bepaalde groepen vrouwen (NSB-gelieerden) de rij konden omzeilen wanneer er goede vis binnenkwam.
2. Onderlinge Verhoudingen: De Wolff ligt overhoop met zijn collega De Bak (van de Economische Politie). Hij ontkent elke vorm van samenwerking of corruptie ("handje plak") met hem.
3. Beschuldigingen: De Wolff wordt door zijn (NSB-gezinde) buren beschuldigd van diverse zaken: illegale houthandel, het luisteren naar de Engelse zender (Radio Oranje) en zwarte handel in vis.
4. Handhaving: Er wordt gesproken over de strikte regels voor agenten. Waar zij voorheen nog 2 pond vis mochten kopen, is dit na een incident met een agent Smit verboden. Dit document biedt een inkijk in de dagelijkse spanningen tijdens de Duitse bezetting in Nederland. De schaarste aan voedsel (in dit geval vis) leidde tot enorme rijen, sociale controle en diep wantrouwen jegens ambtenaren. De rol van de N.V.D. (een nationaalsocialistische hulporganisatie) was omstreden omdat hun leden privileges kregen, wat hier in de verklaring als bron van onrust wordt bevestigd. De beschuldigingen van "luisteren naar de Engelse radio" en "NSB-buren" typeren de vijandige sfeer tussen burgers onderling. De Economische Politie en de C.C.D. (Crisis Controle Dienst) waren in deze periode belast met de bestrijding van de zwarte markt. De Wolff De Bak agent Smit Fl. en V. (mogelijk initialen van handelaren). Hoofdbureau NSB Politie

Samenvatting

Het document is een getuigenverklaring van een ambtenaar genaamd De Wolff, die betrokken was bij de distributie en controle van vis op een Amsterdamse markt (mogelijk de vismarkt bij de De Ruyterkade of de Jan Ezn. [Jan van Galenstraat]).

Kernpunten uit de verklaring:
1. Corruptie en Voorrang: Er is sprake van onvrede bij het publiek over de voorrangskaarten van de N.V.D. (Nederlandse Volksdienst), waardoor bepaalde groepen vrouwen (NSB-gelieerden) de rij konden omzeilen wanneer er goede vis binnenkwam.
2. Onderlinge Verhoudingen: De Wolff ligt overhoop met zijn collega De Bak (van de Economische Politie). Hij ontkent elke vorm van samenwerking of corruptie ("handje plak") met hem.
3. Beschuldigingen: De Wolff wordt door zijn (NSB-gezinde) buren beschuldigd van diverse zaken: illegale houthandel, het luisteren naar de Engelse zender (Radio Oranje) en zwarte handel in vis.
4. Handhaving: Er wordt gesproken over de strikte regels voor agenten. Waar zij voorheen nog 2 pond vis mochten kopen, is dit na een incident met een agent Smit verboden.

Historische Context

Dit document biedt een inkijk in de dagelijkse spanningen tijdens de Duitse bezetting in Nederland. De schaarste aan voedsel (in dit geval vis) leidde tot enorme rijen, sociale controle en diep wantrouwen jegens ambtenaren. De rol van de N.V.D. (een nationaalsocialistische hulporganisatie) was omstreden omdat hun leden privileges kregen, wat hier in de verklaring als bron van onrust wordt bevestigd. De beschuldigingen van "luisteren naar de Engelse radio" en "NSB-buren" typeren de vijandige sfeer tussen burgers onderling. De Economische Politie en de C.C.D. (Crisis Controle Dienst) waren in deze periode belast met de bestrijding van de zwarte markt.

Genoemde Personen 4

Locaties

Centrale Markt

Producten

A.G.F. (Fruit): Fruit A.G.F. (Fruit): Peren A.G.F. (Groenten): Groente A.G.F. (Groenten): Sla Huishoudelijk: Brandstof Huishoudelijk: Pan Olie & Techniek: Lood Olie & Techniek: Olie Textiel & Kleding: Band Textiel & Kleding: Kleding Textiel & Kleding: Stof Textiel & Kleding: Textiel Vis & Zee: Aal Vis & Zee: Vis Vis & Zee: Visch Vis & Zee: Zeevis

Thema's

Jodenster/Maatregelen

Organisaties

Hoofdbureau NSB Politie

Gerelateerde Documenten 3