Typoscript (doorslag van een getypte brief).
Origineel
Typoscript (doorslag van een getypte brief). 21 april 1943. De Directeur (vermoedelijk van de Centrale Markt of een aanverwante gemeentelijke dienst). [Rechtsboven, handgeschreven:] Hmuysen(?) [onleesbaar]
[Rechtsboven, getypt:] SV
[Linksboven, getypt:]
37/55/3 M.
1
[Rechts, getypt:] 21 April 1943.
[Adresblok:]
den Heer Wethouder
voor de Levensmiddelen,
A l h i e r.
In bijlage dezes heb ik de eer U te doen
geworden een contract in duplo betreffende de pak-
huisafdeeling no. 5 van pier A op de Centrale Markt.
Ik moge U beleefd verzoeken wel te willen be-
vorderen, dat dit contract door den heer Burgemeester
wordt geteekend. Daarna gelieve U het mij te doen
terugzenden, teneinde voor registratie te kunnen zorg-
dragen.
De Directeur, Deze brief is een formeel administratief schrijven uit de Tweede Wereldoorlog. De toon is uiterst beleefd en ambtelijk ("heb ik de eer U te doen geworden", "Ik moge U beleefd verzoeken"). De directeur van een niet nader genoemde dienst (zeer waarschijnlijk de Centrale Markt zelf of de overkoepelende marktdienst) stuurt een huur- of gebruikscontract in tweevoud (duplo) naar de wethouder.
Het betreft een specifieke locatie: pakhuisafdeling no. 5 van pier A op de Centrale Markt in Amsterdam. De procedure vereist dat de Burgemeester (in 1943 was dit de pro-Duitse Edward Voûte) het contract ondertekent, waarna het teruggestuurd moet worden voor de officiële registratie. De initialen "SV" rechtsboven duiden waarschijnlijk op de opsteller van de brief of de secretaresse. Het document dateert van april 1943, een periode waarin Nederland zuchtte onder de Duitse bezetting. De Centrale Markt in Amsterdam (gelegen aan de Jan van Galenstraat) speelde een cruciale rol in de voedselvoorziening van de stad. Tijdens de oorlogsjaren stond de voedseldistributie onder strikte controle van de overheid.
De "Wethouder voor de Levensmiddelen" was in deze periode een vitale functie, belast met de uiterst complexe taak om de stad van voedsel te voorzien te midden van schaarste, rantsoenering en vorderingen door de bezetter. Dit document toont aan dat, ondanks de oorlogsomstandigheden, de bureaucratische processen en het beheer van gemeentelijke eigendommen (zoals de pakhuizen op de markt) op een zeer formele en gestructureerde wijze werden voortgezet. Het contracteren van pakhuisruimte was essentieel voor de opslag en doorvoer van de schaarse goederen die de stad nog bereikten.