Archief 745
Inventaris 745-412
Pagina 577
Dossier 100
Jaar 1943
Stadsarchief

Handgeschreven ambtelijke notitie/conceptbrief.

Februari 1941 (betreft rapport van 9 februari over een incident op 6 februari).

Origineel

Handgeschreven ambtelijke notitie/conceptbrief. Februari 1941 (betreft rapport van 9 februari over een incident op 6 februari). onderwerp:
zaak W.H. Potter
Vischhandel

W. C. M.

In bijlage dezes heb ik de eer
u te doen toekomen afschrift van een
rapport d.d. 9 Februari j.l. van een ambtenaar
van den C. C. D., waaruit blijkt, dat de visch-
handelaar W.H. Potter, wonende Lijnbaans-
gracht 33 II-hoog alhier, op 6 Februari j.l. een
hem op dien dag te dezer stede toegewezen
partij snoek van 80 pond, niet in zijn
vischhal door zijn knecht aan de consu-
menten heeft verkocht, doch heeft doen
afleveren aan Restaurant Rempinski, alhier.

In verband met deze overtreding
van het Tweede uitvoeringsbesluit van het Visscherij-
besluit 1941, heb ik Potter voorgesteld met [doorhaling in rood] Dit handgeschreven document is een ambtelijke correspondentie over een economisch delict tijdens de vroege jaren van de Duitse bezetting in Nederland. De vishandelaar W.H. Potter wordt ervan beschuldigd tachtig pond snoek, die bedoeld was voor de reguliere verkoop aan consumenten (waarschijnlijk via het distributiestelsel), te hebben doorgesluisd naar het luxe Restaurant Rempinski.

Het handschrift is een typisch zakelijk Nederlands cursief uit de helft van de 20e eeuw. Er zijn correcties aangebracht (zoals de doorhalingen in de tekst en de rode kanttekening onderaan), wat suggereert dat dit een concept is voor een officiële brief of een dossierstuk. De afkorting "j.l." staat voor "jongstleden". De context van dit document is de schaarste en distributie tijdens de Tweede Wereldoorlog.
1. C.C.D. (Crisis Controle Dienst): Deze dienst was verantwoordelijk voor het opsporen van zwarte handel en het handhaven van de distributiewetten. Overtredingen zoals deze werden streng bestraft omdat ze de voedselvoorziening van de algemene bevolking in gevaar brachten.
2. Visscherijbesluit 1941: Dit was een van de vele verordeningen die door de bezetter en de Nederlandse bureaucreatie werden ingesteld om de grip op de voedselvoorraden te behouden.
3. Restaurant Rempinski: Destijds een bekend etablissement in Amsterdam. Het feit dat vis direct aan een restaurant werd geleverd in plaats van aan de "vischhal" voor het publiek, duidt op een poging om hogere winsten te behalen in het informele of zwarte circuit.
4. Locatie: De Lijnbaansgracht in Amsterdam was (en is) een plek waar veel kleine neringdoenden woonden en werkten.

Samenvatting

Dit handgeschreven document is een ambtelijke correspondentie over een economisch delict tijdens de vroege jaren van de Duitse bezetting in Nederland. De vishandelaar W.H. Potter wordt ervan beschuldigd tachtig pond snoek, die bedoeld was voor de reguliere verkoop aan consumenten (waarschijnlijk via het distributiestelsel), te hebben doorgesluisd naar het luxe Restaurant Rempinski.

Het handschrift is een typisch zakelijk Nederlands cursief uit de helft van de 20e eeuw. Er zijn correcties aangebracht (zoals de doorhalingen in de tekst en de rode kanttekening onderaan), wat suggereert dat dit een concept is voor een officiële brief of een dossierstuk. De afkorting "j.l." staat voor "jongstleden".

Historische Context

De context van dit document is de schaarste en distributie tijdens de Tweede Wereldoorlog.
1. C.C.D. (Crisis Controle Dienst): Deze dienst was verantwoordelijk voor het opsporen van zwarte handel en het handhaven van de distributiewetten. Overtredingen zoals deze werden streng bestraft omdat ze de voedselvoorziening van de algemene bevolking in gevaar brachten.
2. Visscherijbesluit 1941: Dit was een van de vele verordeningen die door de bezetter en de Nederlandse bureaucreatie werden ingesteld om de grip op de voedselvoorraden te behouden.
3. Restaurant Rempinski: Destijds een bekend etablissement in Amsterdam. Het feit dat vis direct aan een restaurant werd geleverd in plaats van aan de "vischhal" voor het publiek, duidt op een poging om hogere winsten te behalen in het informele of zwarte circuit.
4. Locatie: De Lijnbaansgracht in Amsterdam was (en is) een plek waar veel kleine neringdoenden woonden en werkten.

Locaties

Amsterdam (verwijzing naar Lijnbaansgracht en Restaurant Rempinski).

Gerelateerde Documenten 1