Archief 745
Inventaris 745-418
Pagina 380
Dossier 2C
Jaar 1943
Stadsarchief

Circulaire (Nr. 43/'43)

2 april 1943 Van: Nederlandsche Groenten- en Fruitcentrale

Origineel

Circulaire (Nr. 43/'43) 2 april 1943 Nederlandsche Groenten- en Fruitcentrale - 3 - Circ.No.43/’43 dd. 2 April 1943.

VERDEELING VAN DEN AANVOER.

Export Binnenland
Industrie
---------
koolrabi (glas) 100 % ..
roode peen zonder lof,
schorseneeren, prei, koolrapen
A. en B., kropsla en spinazie 60 % ..
witte kool en raapstelen 70 % ..
radijs, roode- & savoye kool en
komkommers 50 % ..
kroten 30 % ..

De exportpercentages moeten worden genomen van de goedgekeurde op de exportlijst voorkomende producten. De bevoorrading voor de keukens kan eerst uit het voor het binnenland bestemde gedeelte plaats vinden.
Wanneer een voor het bin inland bestemd gedeelte niet door het binnenland wordt afgenomen of den exportprijs niet op-brengt, dan dient ook dit deel voor export te worden verladen.

UIEN.
Afgekeurde of stekuien mogen worden geveild tegen een prijs van ten hoogste fl. 4.50 per 100 kg.

KOOLRAPEN.
Slechts de A. en B. kwaliteit mag voor export en binnenland worden bestemd. Het afgekeurde product dient als veevoeder te worden geruimd.

APPELEN.
Voor de stipappelen van de sorteering IA, en A uit de groepen I t/m V, gelden de voor de "B" appelen van dezelfde groepen vastgestelde maximumprijzen, terwijl de maximumprijs van de stipappelen uit de B.- sorteering alsmede van alle stekappelen fl. 8.-- per 100 kg. bedraagt.

KROPSLA.
Gelichte sla: deze mag alleen ter veiling worden aangevoerd en voor export worden verladen wanneer het gewicht tenminste 18 kg. per 100 stuks bedraagt. De prijs van deze sla is gelijk aan dien van glas-sla sorteering I n.l. f. 10.-- per 100 stuks. Hiervan mag dus geen 2e sorteering geveild of geëxporteerd worden.

Glassla sorteering II.
Nu ook deze sorteering wederom voor export is toegelaten dienen de veilingen den aanvoer hiervan tot het noodzakelijke te beperken.

EXPORTVERPAKKING KROPSLA, RAAPSTELEN EN SPINAZIE.
Indien telers de producten kropsla, raapstelen en spinazie in exportverpakking aanvoeren, dan mag hiervoor f.0.50 per kist in rekening worden gebracht. De volgende hoeveelheden sla per kist zijn voorgeschreven:
Sla sorteering I 30 stuks en sorteering II 40 stuks.

NEDERLANDSCHE GROENTEN- EN FRUITCENTRALE.

(handtekening) Dit document is een officiële circulaire van de "Nederlandsche Groenten- en Fruitcentrale" (NGFC) uit de Tweede Wereldoorlog. Het bevat strikte instructies voor de verdeling van de oogst tussen export en binnenlands gebruik.

De kernpunten zijn:
* Exportquota: Voor elk type groente is een vast percentage bepaald dat geëxporteerd moet worden. Voor 'koolrabi (glas)' is dit zelfs 100%.
* Kwaliteitseisen: Alleen goedgekeurde producten van bepaalde kwaliteitsklassen (A en B) mogen worden verhandeld. Afgekeurde producten zoals koolrapen moeten worden gebruikt als veevoer.
* Prijsregulering: Er worden maximumprijzen vastgesteld voor specifieke categorieën zoals uien, appelen en kropsla.
* Logistiek: Er worden instructies gegeven over de verpakking en het aantal stuks per kist voor export. Tijdens de Duitse bezetting van Nederland (1940-1945) stond de economie onder streng toezicht van de bezetter. De NGFC was een overheidsorgaan dat de controle over de tuinbouwsector uitoefende.

De "export" waarnaar in dit document wordt verwezen, was in de praktijk grotendeels gericht op Duitsland om de Duitse oorlogseconomie en bevolking te voeden. Dit leidde tot schaarste op de Nederlandse binnenlandse markt. De tekst illustreert de systematische wijze waarop de Nederlandse landbouwproductie werd afgeroomd: de bevoorrading van de eigen bevolking ("voor de keukens") mocht pas plaatsvinden nadat aan de exportverplichtingen was voldaan, of als producten niet door de export werden opgenomen. De gedetailleerde voorschriften over kwaliteit en sortering tonen aan hoe strak de regie was om de meest hoogwaardige producten naar het Derde Rijk te sturen.

Samenvatting

Dit document is een officiële circulaire van de "Nederlandsche Groenten- en Fruitcentrale" (NGFC) uit de Tweede Wereldoorlog. Het bevat strikte instructies voor de verdeling van de oogst tussen export en binnenlands gebruik.

De kernpunten zijn:
* Exportquota: Voor elk type groente is een vast percentage bepaald dat geëxporteerd moet worden. Voor 'koolrabi (glas)' is dit zelfs 100%.
* Kwaliteitseisen: Alleen goedgekeurde producten van bepaalde kwaliteitsklassen (A en B) mogen worden verhandeld. Afgekeurde producten zoals koolrapen moeten worden gebruikt als veevoer.
* Prijsregulering: Er worden maximumprijzen vastgesteld voor specifieke categorieën zoals uien, appelen en kropsla.
* Logistiek: Er worden instructies gegeven over de verpakking en het aantal stuks per kist voor export.

Historische Context

Tijdens de Duitse bezetting van Nederland (1940-1945) stond de economie onder streng toezicht van de bezetter. De NGFC was een overheidsorgaan dat de controle over de tuinbouwsector uitoefende.

De "export" waarnaar in dit document wordt verwezen, was in de praktijk grotendeels gericht op Duitsland om de Duitse oorlogseconomie en bevolking te voeden. Dit leidde tot schaarste op de Nederlandse binnenlandse markt. De tekst illustreert de systematische wijze waarop de Nederlandse landbouwproductie werd afgeroomd: de bevoorrading van de eigen bevolking ("voor de keukens") mocht pas plaatsvinden nadat aan de exportverplichtingen was voldaan, of als producten niet door de export werden opgenomen. De gedetailleerde voorschriften over kwaliteit en sortering tonen aan hoe strak de regie was om de meest hoogwaardige producten naar het Derde Rijk te sturen.

Gerelateerde Documenten 1