Archief 745
Inventaris 745-424
Pagina 624
Dossier 100
Jaar 1944
Stadsarchief

Archiefdocument

6 mei 1944. Van: J. Scherpenzeel. Aan: Een onbekende ambtenaar (geadresseerd als "Wel. Edl. Heer", waarschijnlijk de marktmeester of een functionaris van de distributiedienst).

Origineel

6 mei 1944. J. Scherpenzeel. Een onbekende ambtenaar (geadresseerd als "Wel. Edl. Heer", waarschijnlijk de marktmeester of een functionaris van de distributiedienst). Adam 6-5-44
m. Nisp [?]

Wel: Edl: Heer

Bij deze deel ik U mede dat
gisteren om 2.45 uur de markt-
ambtenaar kwam om te loten en
dat wij toen tot 4 uur moesten
wachten tot er visch kwam en dat
er een kar visch is gekomen waarvan
toen 10 voorrangskaarten zijn ge-
holpen waarna de visch uitverkocht
was terwijl er niet een uit de rij
is geholpen. Zoo vraag ik U Edl.
beleefd daarnaar een onderzoek
te willen instellen. Want waarom
moet er geloot worden en zoolang
te staan als wij toch niets krijgen.
Hopend dat U van mijn schrijven
goede nota zult nemen teeken ik

Hoogachtend
J Scherpenzeel

[Links onderaan in potlood toegevoegd door een ambtenaar:]
Voor onderzoek
rapport
12-5-44

[Onder de handtekening:]
de Meyer

[Onderaan in rood potlood:]
geen adres? * Toon en Inhoud: De brief is formeel en beleefd van toon, maar spreekt een duidelijke frustratie uit. De schrijver beklaagt zich over de inefficiëntie en vermeende onrechtvaardigheid bij de visverkoop. Men moest eerst loten voor een plek in de rij, vervolgens ruim een uur wachten, om uiteindelijk te zien dat de gehele voorraad naar mensen met "voorrangskaarten" ging, waardoor de gewone burgers met lege handen achterbleven.
* Systeem van Distributie: De brief geeft inzicht in het lotingsysteem op markten tijdens de bezetting. Om chaos te voorkomen bij schaarse goederen, werd de volgorde van bediening vaak bepaald door loting. De "voorrangskaarten" waren bedoeld voor specifieke groepen (zoals grote gezinnen, zieken of bepaalde beroepsgroepen), maar dit zorgde, zoals uit de brief blijkt, voor grote sociale spanningen onder de rest van de wachtenden.
* Ambtelijke verwerking: De kanttekeningen op de brief laten zien hoe de klacht werd behandeld. Een ambtenaar (mogelijk de heer De Meyer) heeft genoteerd dat er een rapport voor onderzoek is opgesteld op 12 mei 1944. De opmerking in rood potlood "geen adres?" suggereert echter een bureaucratisch probleem: de afzender had zijn adres niet vermeld, waardoor een directe beantwoording of nader verhoor bemoeilijkt werd. Dit document stamt uit mei 1944, de periode van de Duitse bezetting van Nederland waarin de voedselschaarste nijpend begon te worden. Vis was een van de weinige eiwitbronnen die nog incidenteel beschikbaar waren buiten het strikte bonnensysteem om, maar de aanvoer was onregelmatig. Lange rijen (vaak urenlang) voor winkels en marktkramen waren dagelijkse realiteit. Dergelijke klachtenbrieven zijn kenmerkend voor de groeiende onrust onder de bevolking over de eerlijke verdeling van de schaarse middelen vlak voor de beruchte Hongerwinter.

Samenvatting

  • Toon en Inhoud: De brief is formeel en beleefd van toon, maar spreekt een duidelijke frustratie uit. De schrijver beklaagt zich over de inefficiëntie en vermeende onrechtvaardigheid bij de visverkoop. Men moest eerst loten voor een plek in de rij, vervolgens ruim een uur wachten, om uiteindelijk te zien dat de gehele voorraad naar mensen met "voorrangskaarten" ging, waardoor de gewone burgers met lege handen achterbleven.
  • Systeem van Distributie: De brief geeft inzicht in het lotingsysteem op markten tijdens de bezetting. Om chaos te voorkomen bij schaarse goederen, werd de volgorde van bediening vaak bepaald door loting. De "voorrangskaarten" waren bedoeld voor specifieke groepen (zoals grote gezinnen, zieken of bepaalde beroepsgroepen), maar dit zorgde, zoals uit de brief blijkt, voor grote sociale spanningen onder de rest van de wachtenden.
  • Ambtelijke verwerking: De kanttekeningen op de brief laten zien hoe de klacht werd behandeld. Een ambtenaar (mogelijk de heer De Meyer) heeft genoteerd dat er een rapport voor onderzoek is opgesteld op 12 mei 1944. De opmerking in rood potlood "geen adres?" suggereert echter een bureaucratisch probleem: de afzender had zijn adres niet vermeld, waardoor een directe beantwoording of nader verhoor bemoeilijkt werd.

Historische Context

Dit document stamt uit mei 1944, de periode van de Duitse bezetting van Nederland waarin de voedselschaarste nijpend begon te worden. Vis was een van de weinige eiwitbronnen die nog incidenteel beschikbaar waren buiten het strikte bonnensysteem om, maar de aanvoer was onregelmatig. Lange rijen (vaak urenlang) voor winkels en marktkramen waren dagelijkse realiteit. Dergelijke klachtenbrieven zijn kenmerkend voor de groeiende onrust onder de bevolking over de eerlijke verdeling van de schaarse middelen vlak voor de beruchte Hongerwinter.

Locaties

Amsterdam (afgekort als "Adam").

Gerelateerde Documenten 3