Archief 745
Inventaris 745-268
Pagina 58
Dossier 2A
Jaar 1939
Stadsarchief

Getypte ambtelijke brief/advies.

4 april 1939. Van: Onbekend (waarschijnlijk een afdelingshoofd of directeur van een gemeentelijke dienst, gezien de paraaf 'VP/G').

Origineel

Getypte ambtelijke brief/advies. 4 april 1939. Onbekend (waarschijnlijk een afdelingshoofd of directeur van een gemeentelijke dienst, gezien de paraaf 'VP/G'). (Pagina 1)

2A/3/2 M.
1

extra

VP/G.

4 April 1939.

Aardappelverbruik in
den afgeloopen winter.

den Heer Wethouder
voor de Levensmiddelen,
A l h i e r.

Onder terugzending van het met Uw kantbrief d.d. 23 Maart jl. om advies ontvangen stuk no.266 L.M.1939 heb ik de eer U, met betrekking tot hetgeen daarin met potlood is aangestreept, het navolgende te berichten. In het algemeen is het ongetwyfeld juist, dat, by hooge groentepryzen, niet alleen het groenteverbruik, maar ook het aardappelverbruik daalt, omdat het publiek dan meer peulvruchten (erwten, boonen, enz.) gaat consumeeren. Echter mogen uit deze bewering geen conclusies worden getrokken met betrekking tot den afgeloopen winter, omdat toen de feiten anders lagen.

In de eerste plaats waren niet alle groentepryzen hoog; met name de stapelgroente (koolsoorten, wortelen, enz.) waren niet byzonder duur en juist het gebruik van deze groente (als "stamppot") stimuleert het aardappelverbruik.

In de tweede plaats waren de peulvruchten (erwten, boonen, enz.) vry duur, zoodat de aantrekkelykheid om deze, in plaats van aardappelen, te koopen, niet groot was.

Het aardappelverbruik is dan ook den afgeloopen winter niet verminderd. Dit blykt uit de navolgende cyfers betreffende de aanvoeren van aardappelen ter Centrale Markt. Deze bedroegen in de jaren 1936, 1937 en 1938 respectievelyk 918.428 hl, 930.628 hl en 939.043 hl; (1 hl = 70 kg). In de maanden Januari, Februari en Maart 1938 bedroeg de aanvoer: 208.340 hl; in dezelfde maanden van 1939: 220.800 hl.

De statistiek toont voorts aan, dat de laatste jaren een belangryke verschuiving plaats vond in de quali- De kern van dit document is een weerlegging van een algemene economische aanname over consumentengedrag door middel van specifieke marktdata.

  • De stelling: De wethouder (of een door hem voorgelegd rapport) suggereerde dat hoge groenteprijzen leiden tot een lager aardappelverbruik, omdat consumenten overstappen op peulvruchten.
  • De weerlegging: De auteur voert twee redenen aan waarom dit de afgelopen winter (1938-1939) niet het geval was:
    1. Complementariteit: "Stapelgroenten" (kool, wortelen) waren goedkoop. Omdat deze vaak als stamppot gegeten worden, zorgen ze juist voor een hogere consumptie van aardappelen.
    2. Prijs van substituten: Peulvruchten, het alternatief voor aardappelen, waren juist duur, waardoor de overstap niet rendabel was voor de consument.
  • Kwantitatief bewijs: De auteur onderbouwt dit met aanvoercijfers van de Centrale Markt. De data tonen een gestage groei van de jaarlijkse aanvoer tussen 1936 en 1938. Bovendien laat een vergelijking van het eerste kwartaal van 1938 met 1939 een stijging zien van ongeveer 6% (van 208.340 naar 220.800 hectoliter). Dit document is geschreven in april 1939, een periode van grote internationale spanning, slechts vijf maanden voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog. In Nederland was de herinnering aan de voedselschaarste tijdens de Eerste Wereldoorlog nog vers.

De overheid hield de voedselvoorziening en de prijzen van basisbehoeften zoals aardappelen — destijds het absolute hoofdvoedsel van de Nederlandse bevolking — nauwgezet in de gaten. Het monitoren van consumptiepatronen was essentieel voor het sociale beleid en de economische planning. De brief getuigt van een degelijke, op data gebaseerde bureaucratie die probeert de volksvoeding te begrijpen en te sturen in een tijd waarin economische stabiliteit cruciaal was voor de nationale veiligheid. De vermelding van de "Centrale Markt" duidt zeer waarschijnlijk op Amsterdam, dat in 1934 een hypermoderne Centrale Markthal had geopend om de voedseldistributie voor de hoofdstad te stroomlijnen.

Samenvatting

De kern van dit document is een weerlegging van een algemene economische aanname over consumentengedrag door middel van specifieke marktdata.

  • De stelling: De wethouder (of een door hem voorgelegd rapport) suggereerde dat hoge groenteprijzen leiden tot een lager aardappelverbruik, omdat consumenten overstappen op peulvruchten.
  • De weerlegging: De auteur voert twee redenen aan waarom dit de afgelopen winter (1938-1939) niet het geval was:
    1. Complementariteit: "Stapelgroenten" (kool, wortelen) waren goedkoop. Omdat deze vaak als stamppot gegeten worden, zorgen ze juist voor een hogere consumptie van aardappelen.
    2. Prijs van substituten: Peulvruchten, het alternatief voor aardappelen, waren juist duur, waardoor de overstap niet rendabel was voor de consument.
  • Kwantitatief bewijs: De auteur onderbouwt dit met aanvoercijfers van de Centrale Markt. De data tonen een gestage groei van de jaarlijkse aanvoer tussen 1936 en 1938. Bovendien laat een vergelijking van het eerste kwartaal van 1938 met 1939 een stijging zien van ongeveer 6% (van 208.340 naar 220.800 hectoliter).

Historische Context

Dit document is geschreven in april 1939, een periode van grote internationale spanning, slechts vijf maanden voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog. In Nederland was de herinnering aan de voedselschaarste tijdens de Eerste Wereldoorlog nog vers.

De overheid hield de voedselvoorziening en de prijzen van basisbehoeften zoals aardappelen — destijds het absolute hoofdvoedsel van de Nederlandse bevolking — nauwgezet in de gaten. Het monitoren van consumptiepatronen was essentieel voor het sociale beleid en de economische planning. De brief getuigt van een degelijke, op data gebaseerde bureaucratie die probeert de volksvoeding te begrijpen en te sturen in een tijd waarin economische stabiliteit cruciaal was voor de nationale veiligheid. De vermelding van de "Centrale Markt" duidt zeer waarschijnlijk op Amsterdam, dat in 1934 een hypermoderne Centrale Markthal had geopend om de voedseldistributie voor de hoofdstad te stroomlijnen.

Kooplieden in dit dossier 3

Ewijk (kad.gem.Winssen)
Nieuwe Pekela
Oude Pekela