Archiefdocument
Origineel
19 October 1939 De Directeur van het Marktwezen (Logo met de drie kruisen van Amsterdam)
MARKTWEZEN AMSTERDAM vP/HG.
TELEFOONNUMMER 85151
VERZOEKE BIJ BEANTWOORDING DATUM EN NUMMER TE VERMELDEN
No. 5/60/2 M.
BIJLAGE
ONDERWERP: Aankoop consumptie-aardappelen door Regeering.
AMSTERDAM (W.) 19 October 1939.
JAN VAN GALENSTRAAT 14
AAN den Heer Wethouder voor de Levensmiddelen, A l h i e r .
Naar aanleiding van het feit, dat het Bestuur van de Amsterdamsche Vereeniging van Groothandelaren in Aardappelen (de heeren Du Maine en Van Es) zich tot U heeft gewend met het verzoek bij de Regeering stappen te doen tegen den aankoop van consumptie-aardappelen, heb ik mij, overeenkomstig Uw mondelinge opdracht, in verbinding gesteld met den heer Bekius, Voorzitter van de met den Levensmiddelenraad verbonden Commissie voor aardappelen, groenten en fruit. De heer Bekius heeft mij op 16 October jl. terzake een brief gezonden, waarvan ik in bijlage dezes een afschrift overleg.
Na ontvangst van dezen brief heb ik een bespreking gevoerd met het Bestuur der bovengenoemde Grossiersvereeniging. Dit Bestuur handhaaft zijn meening, dat, tengevolge van den Regeeringsmaatregel, overbodige prijsstijging van aardappelen te vreezen valt. Nochtans begrijpt het Bestuur, dat ten deze van Gemeentewege geen stappen kunnen worden ondernomen, nu het desbetreffende besluit der Regeering reeds vaststaat. Ik geef U mitsdien beleefd in overweging deze aangelegenheid als afgedaan te beschouwen.
[handgeschreven:] ter ampiëring te meer omdat m i ~~een afwachtende houding aan te nemen~~ op de door den Heer Bekius uiteengezette gronden ~~voorshands~~ geen prijsstijging van beteekenis voorshands is te verwachten.
De Directeur,
[ondertekening: wp..]
A.Z. MODEL NO. 8. 10.000-6-'38-1633. Deze ambtelijke brief van het Amsterdamse Marktwezen is gericht aan de wethouder voor Levensmiddelen. Het document legt een conflict vast tussen de Amsterdamse aardappelgroothandelaren en het nationale beleid. De handelaren vreesden dat de grootschalige aankoop van aardappelen door de overheid (om voorraden veilig te stellen) zou leiden tot ongewenste prijsstijgingen op de vrije markt.
De Directeur van het Marktwezen rapporteert dat hij na overleg met de voorzitter van de aardappelcommissie (de heer Bekius) en de groothandelaren tot de conclusie is gekomen dat de gemeente Amsterdam geen invloed kan uitoefenen op dit besluit van de Rijksoverheid. De handgeschreven toevoeging onderaan is een geruststelling aan de wethouder: op basis van de argumenten van de expert (Bekius) verwacht de directeur vooralsnog geen grote prijsstijgingen, waardoor het dossier gesloten kan worden. De brief is geschreven op 19 oktober 1939, anderhalve maand nadat de Tweede Wereldoorlog uitbrak met de Duitse inval in Polen. Hoewel Nederland op dat moment nog neutraal was, heerste er grote onzekerheid over de voedselvoorziening en was de mobilisatie in volle gang.
De "Regeeringsmaatregel" waarover gesproken wordt, maakt deel uit van de vroege distributie- en voorraadpolitiek van het kabinet-De Geer II. Om te voorkomen dat er tekorten zouden ontstaan of dat er met basisvoedsel zoals aardappelen gespeculeerd zou worden, greep de overheid direct in de markt in. Dit leidde, zoals uit de brief blijkt, tot onrust bij de commerciële groothandelaren die hun marktpositie zagen veranderen door staatsinterventie. Het document bevindt zich in de overgangsfase van een vrije markteconomie naar een door de overheid gestuurde oorlogseconomie.