Getypte brief (doorslag of officieel afschrift).
Origineel
Getypte brief (doorslag of officieel afschrift). 14 februari 1939. De Directeur (vermoedelijk van de Gemeentelijke Marktdienst Amsterdam). [Linksboven:]
85/21/1 M
1
[Rechtsboven, handgeschreven:]
M. Müller
Verzonden 15/2
G.
[Midden-rechts:]
14 Februari 1939.
[Geadresseerde:]
den Heer M. van Beetz,
Marco Polostraat 242,
Amsterdam-West.
Wyk 26a.
[Inhoud:]
In bylage doe ik U een overzicht toekomen van door
U verschuldigd standplaatsgeld wegens het plaatsen van kra-
men. Indien U deze schuld, alsmede hetgeen U op den betaal-
dag verder aan kramengeld schuldig is, niet uiterlyk Donder-
dag 16 Februari a.s. betaalt by den kassier te mynen kantore,
Jan van Galenstraat 14, zal aan Burgemeester en Wethouders
worden voorgesteld, de U verleende vergunning tot het plaat-
sen van kramen in te trekken. Uw kramen enz. zullen dan niet
meer op de markten worden toegelaten; Uw huurders zullen dan
verplicht zyn hun kramen enz. elders te huren.
[Rechtsonder:]
De Directeur, * Onderwerp: Een formele aanmaning voor achterstallige betalingen van "standplaatsgeld" voor marktkramen.
* Kernboodschap: De geadresseerde, de heer Van Beetz, krijgt een zeer korte termijn (slechts twee dagen na dagtekening) om zijn schuld te voldoen.
* Sanctie: Indien er niet voor 16 februari wordt betaald, zal de directeur bij het College van Burgemeester en Wethouders (B&W) aandringen op het intrekken van de vergunning. Dit zou betekenen dat de kramen van Van Beetz niet meer op de Amsterdamse markten mogen staan, wat directe gevolgen heeft voor de marktkooplieden die bij hem huren.
* Locatie: De betaling moet geschieden aan de Jan van Galenstraat 14. Dit is het adres van de Centrale Markthallen in Amsterdam, die in 1934 werden geopend.
* Taalgebruik: Het document is opgesteld in de toen gangbare formele ambtelijke stijl, inclusief de verouderde spelling (bijv. "bylage", "uiterlyk", "mynen", "zyn"). Dit document stamt uit februari 1939, een periode van economische spanning vlak voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog. De heer M. van Beetz (waarschijnlijk Mozes van Beetz) was een ondernemer in de Amsterdamse marktsector die kramen verhuurde aan marktkooplieden.
In Amsterdam was de Joodse gemeenschap zeer sterk vertegenwoordigd in de markthandel. De strenge toon van de brief wijst op een strikt handhavingsbeleid van de Marktdienst. De Jan van Galenstraat was op dat moment het logistieke en administratieve hart van de Amsterdamse voedseldistributie. De handgeschreven notitie "Verzonden 15/2" bevestigt dat de brief pas één dag voor de gestelde deadline is verstuurd, wat de druk op de ontvanger aanzienlijk moet hebben vergroot.