Typschrift (doorslag/archiefkopie van een brief).
Origineel
Typschrift (doorslag/archiefkopie van een brief). 30 mei 1939. De Directeur (vermoedelijk van een gemeentelijke instantie in Amsterdam, gelet op de adressering). VP/HG.
2B/83/2 M.
1
[Handgeschreven: Verzonden 31/5]
30 Mei 1939.
den Heer H. Simons,
Vrolikstraat 112,
Amsterdam-Oost.
Wijk 20.
Onder terugzending van den door U overgelegden brief
van de Nederlandsche Groenten- en Fruitcentrale d.d. 10 dezer
bericht ik U, dat bij een dezerzijds ingesteld onderzoek niet
is aannemelijk gemaakt, dat U de laatste twee jaar als regel
den handel in versch fruit - met uitzondering van zuidvruch-
ten - hebt uitgeoefend.
De door U gewenschte verklaring kan U mitsdien niet
worden verstrekt.
De Directeur, Deze brief betreft de afwijzing van een aanvraag voor een officiële verklaring. De heer H. Simons had getracht aan te tonen dat hij de afgelopen twee jaar werkzaam was in de handel in vers fruit. Als bewijsstuk had hij een brief van de 'Nederlandsche Groenten- en Fruitcentrale' overlegd.
De instantie die de brief schrijft, heeft echter een eigen onderzoek ingesteld. De conclusie daarvan is dat Simons' bewering niet aannemelijk is: er is geen bewijs gevonden dat hij regelmatig in vers fruit handelde (met uitzondering van zuidvruchten). Op basis van deze bevinding wordt de gevraagde verklaring geweigerd. Het document is een doorslag, herkenbaar aan de paarse inkt, en bevat de handgeschreven notitie dat het origineel op 31 mei is verzonden. De brief dateert van mei 1939, vlak voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog. In de jaren dertig voerde de Nederlandse overheid steeds striktere regelgeving in voor het bedrijfsleven (zoals de Vestigingswet Bedrijven 1937) om de kwaliteit van de handel te waarborgen en concurrentie te reguleren.
Ondernemers moesten over de juiste papieren en verklaringen beschikken om hun beroep te mogen uitoefenen. De Vrolikstraat in Amsterdam-Oost was in die tijd een dichtbevolkte straat met veel kleine zelfstandigen en een aanzienlijke Joodse populatie. Voor marktkooplieden en kleine handelaren was het verkrijgen van dergelijke officiële verklaringen essentieel voor hun legaat bestaansrecht. De afwijzing in deze brief had dan ook directe gevolgen voor de legale beroepsuitoefening van de geadresseerde. H. Simons