Circulaire / Oproep (Afschrift).
Origineel
Circulaire / Oproep (Afschrift). Februari 1940. No.1/21/1 M.1940 9/4 AFSCHRIFT.
No.72 K.1940
No.347 L.M.1940 4/4
GENOOTSCHAP "NEDERLANDSCH LANDBOUW MUSEUM" te WAGENINGEN.
Wageningen, Februari 1940.
Aan Gemeente-Besturen.
Het Ned. Landbouw Museum bestaat 5 jaren.
De bedoeling van deze stichting is: voorwerpen, welke voor den
Nederlandschen Landbouw, in den meest uitgebreiden zin, historische waarde
hebben of deze kunnen krijgen, te bewaren.
Voor de bestudeering van een zoo belangrijk onderdeel van het
Nederlandsche Volksleven, als de landbouw is, is de band met het verleden
een onmisbaar element.
In de afgeloopen vijf jaren heeft het Museum reeds de noodzakelijk-
heid van zijn bestaan bewezen.
De Regeering, de Landbouw Hoogeschool, Landbouwvereenigingen, Zuivel-
fabrieken en Particulieren, brachten in groote getale voorwerpen van his-
torische waarde voor Land-, Tuin-, Boschbouw en Zuivel in het Museum ter
bewaring en ter expositie, zoodat nu geheel Nederland hiervan kennis kan
nemen.
Als studiemateriaal voor onze aanstaande Landbouwers, o.a. de studen-
ten aan de Landbouw Hoogeschool te Wageningen is deze verzameling nu reeds
van het grootste belang. Maar de verzameling moet steeds worden uitgebreid.
En dat is juist nu mogelijk. Vele oude voorwerpen komen thans bij het ont-
ruimen van gebouwen of zolders voor den dag, die thuisbehooren in het Ned.
Landbouw Museum.
Bezit Uwe Gemeente nog voor de landbouw-historie belangrijke docu-
menten, afbeeldingen van waag- en beursgebouwen, oude hallen of markten,
beschilderde wagenschotten, oude zuivelwerktuigen, ploegen, eggen, schilde-
rijen op landbouwgebied, enz.enz., dan is het wenschelijk deze voor verloren
gaan te behoeden en ze in eigendom of bruikleen af te staan aan het Ned.
Landbouw Museum.
Ook een jaarlijksche geldelijke bijdrage is welkom.
In afwachting.
Voor het Bestuur,
De Secretaris,
Bestuur Ned. Landbouw Museum:
Dr. F.E. Posthuma, oud-Minister, Voorzitter. z.o.z. * Doel van de correspondentie: Het document is een actieve wervingsbrief gericht aan Nederlandse gemeenten. Het doel is tweeledig: het verwerven van historisch materiaal (voorwerpen, documenten) voor de collectie en het vragen om financiële steun (jaarlijkse bijdragen).
* Argumentatie: Het museum positioneert zich als een onmisbaar instituut voor het behoud van het agrarisch erfgoed, dat als essentieel wordt beschouwd voor zowel het "Nederlandsche Volksleven" als voor het onderwijs aan de Landbouw Hoogeschool.
* Taalgebruik: De brief is geschreven in formeel, ambtelijk Nederlands met de destijds gebruikelijke spelling (bijv. "Nederlandschen", "bestudeering", "zoo").
* Inhoudelijke details: Er wordt een brede lijst van gewenste objecten genoemd, van zwaar landbouwmaterieel (ploegen, eggen) tot architecturale elementen (wagenschotten) en documentatie (afbeeldingen van wagen en markten). * Tijdsbeeld: De brief is gedateerd februari 1940, slechts drie maanden voor de Duitse inval in Nederland. De opmerking dat voorwerpen "thans bij het ontruimen van gebouwen of zolders voor den dag" komen, zou kunnen wijzen op de algemene mobilisatie en de voorbereidingen op oorlogsdreiging, waarbij panden werden leeggemaakt of opnieuw ingericht.
* Het Museum: Het Nederlands Landbouw Museum werd opgericht in 1934. Het was nauw verbonden met Wageningen, destijds al het academische hart van de Nederlandse landbouw.
* Sleutelfiguur: De genoemde voorzitter, Dr. F.E. (Folkert) Posthuma, was een zeer invloedrijk figuur. Hij was Minister van Landbouw, Nijverheid en Handel tijdens de Eerste Wereldoorlog (1914-1918) en was verantwoordelijk voor de voedselvoorziening in die moeilijke periode. Zijn naam gaf de oproep een aanzienlijk gewicht en autoriteit. Posthuma zou later tijdens de bezetting een omstreden rol spelen als adviseur van de NSB, wat leidde tot zijn liquidatie door het verzet in 1943. F.E. Posthuma NSB