Officieel extract uit het Boek der Besluiten van Burgemeester en Wethouders van Amsterdam.
Origineel
Officieel extract uit het Boek der Besluiten van Burgemeester en Wethouders van Amsterdam. 2 februari 1940. [Stempel linksboven:] № 24 / 1 / 7 M. 1940 20/2
[Stempel middenboven:] № 188 L.M. 1940 17/2
[Handgeschreven rechtsboven:] Marktwezen
[Getypt rechtsboven:] Aardappelenvoorziening.
E x t r a c t
uit het Boek der Besluiten van
Burgemeester en Wethouders van Amsterdam
Vrijdag, 2 Februari 1940.
Op verzoek van den Wethouder voor de Levensmiddelen, Wasch- en schoonmaak-, bad en zweminrichtingen leest de Gemeentesecretaris een schrijven voor van den Directeur van den Centralen Dienst voor de Levensmiddelenvoorziening en van den Directeur van het Marktwezen, die op 1 Februari j.l. een bespreking hebben gevoerd bij de Nederlandsche Akkerbouw Centrale, te 's-Gravenhage over de aardappelenvoorziening van Amsterdam. Bij dit onderhoud bleek, dat in Nederland een voorraad aardappelen aanwezig is, ten minste voldoende voor 1 1/2 maal het normale gebruik. Er is geen enkele reden tot ongerustheid over de aardappelenvoorziening van Amsterdam, doch de mogelijkheid is niet buitengesloten, dat bij aanhoudende vorst moeilijkheden in de voorziening zullen optreden, wijl de gladheid der buitenwegen het vervoer zeer bemoeilijkt en de kans bestaat, dat de aardappelen tijdens het vervoer bevriezen. Van de artikelen, die ter vervanging van aardappelen kunnen dienen, zijn groene erwten zeer overvloedig aanwezig; bruine en witte boonen worden gedistribueerd en de voorraden zijn niet groot; van rijst en gort zijn de voorraden echter zeer ruim. De Regeering zal de prijzen der aardappelen op peil houden; de tegenwoordige prijzen zijn, gelet op de groote transportmoeilijkheden, niet buitengewoon hoog.
De vergadering neemt den inhoud van dezen brief voor kennisgeving aan.
Afschrift hiervan zal worden gegeven aan de afdeeling Levensmiddelen, Wasch- en schoonmaak-, bad- en zweminrichtingen (2 stuks).
Voor eensluidend extract,
de Secretaris,
(get.) VAN LIER. Dit extract geeft een inkijk in het Amsterdamse crisisbeheer aan de vooravond van de Duitse inval. Hoewel er voldoende aardappelen op voorraad zijn (anderhalf keer de normale behoefte), maakt het stadsbestuur zich zorgen over de logistiek. De winter van 1939-1940 was extreem streng, wat blijkt uit de vrees voor bevroren aardappelen en onbegaanbare wegen door gladheid.
Interessant is de vermelding van vervangende middelen: groene erwten, rijst en gort zijn volop beschikbaar, terwijl peulvruchten zoals bruine en witte bonen reeds op de bon ("gedistribueerd") zijn. Dit duidt op een vroege fase van rantsoenering in Nederland, die al vóór de feitelijke bezetting begon als gevolg van de algemene oorlogsdreiging in Europa. In februari 1940 bevond Nederland zich in een staat van paraatheid (de Mobilisatie). Hoewel het land nog neutraal was, werden er door de overheid al maatregelen genomen om voedseltekorten te voorkomen. De 'Nederlandsche Akkerbouw Centrale' speelde hierin een sturende rol. De nadruk op het stabiel houden van de prijzen door de regering was bedoeld om sociale onrust en speculatie te voorkomen. De strenge winter van 1940, een van de koudste van de 20e eeuw, bemoeilijkte de voedselvoorziening in het hele land aanzienlijk door bevroren kanalen en gladde wegen.