Handgeschreven ambtelijke brief/notitie.
Origineel
Handgeschreven ambtelijke brief/notitie. 1 maart 1941. A’dam, 1/3 ’41
Com. v. Advies
Naar aanleiding
van uw brief dd. 27
Febr. jl. No. T/157/ML/kps.
heb ik de eer u in bijlage
dezes een afschrift te doen
toekomen van een door
een controleur van mijn
dienst opgemaakt
rapport dd. 27 Febr. jl.
waarin de door u ge-
stelde vragen worden
behandeld.
[Administratieve aantekeningen onderaan:]
In rood: 2B / 173 / 5-17
In potlood: 8/3/41 [gevolgd door paraaf]
In blauw/zwart potlood rechtsonder: [paraaf/teken] Het document is een formeel geleidebriefje van een niet nader genoemde overheidsdienst (mogelijk een gemeentelijke instelling in Amsterdam) gericht aan een "Commissie van Advies". De schrijver refereert aan een eerdere brief van 27 februari 1941 en stuurt als bijlage een kopie ("afschrift") van een inspectierapport door een controleur.
Het handschrift is een vlot, zakelijk lopend schrift (cursief), typerend voor de eerste helft van de 20e eeuw. De afkortingen "dd." (de dato / gedateerd op) en "jl." (jongstleden) zijn standaard voor ambtelijke correspondentie uit die tijd. De rode cijfers onderaan duiden op een archief- of dossierclassificatie. De brief is gedateerd op 1 maart 1941, tijdens de Duitse bezetting van Nederland in de Tweede Wereldoorlog. Hoewel de inhoud op het eerste gezicht louter administratief lijkt (beantwoording van vragen via een controleur), is de datum saillant: dit is slechts enkele dagen na de Februaristaking (25-26 februari 1941) in Amsterdam.
Veel ambtelijke diensten in Amsterdam waren in die periode intensief bezig met rapportages en controles naar aanleiding van de onlusten en de Duitse verordeningen. Zonder de bijlage is de exacte aard van de "gestelde vragen" niet vast te stellen, maar de strikt formele toon en de snelheid van handelen (een rapport opgesteld op 27 februari, verzonden op 1 maart) duiden op een actieve ambtelijke informatiestroom.
Samenvatting
Het document is een formeel geleidebriefje van een niet nader genoemde overheidsdienst (mogelijk een gemeentelijke instelling in Amsterdam) gericht aan een "Commissie van Advies". De schrijver refereert aan een eerdere brief van 27 februari 1941 en stuurt als bijlage een kopie ("afschrift") van een inspectierapport door een controleur.
Het handschrift is een vlot, zakelijk lopend schrift (cursief), typerend voor de eerste helft van de 20e eeuw. De afkortingen "dd." (de dato / gedateerd op) en "jl." (jongstleden) zijn standaard voor ambtelijke correspondentie uit die tijd. De rode cijfers onderaan duiden op een archief- of dossierclassificatie.
Historische Context
De brief is gedateerd op 1 maart 1941, tijdens de Duitse bezetting van Nederland in de Tweede Wereldoorlog. Hoewel de inhoud op het eerste gezicht louter administratief lijkt (beantwoording van vragen via een controleur), is de datum saillant: dit is slechts enkele dagen na de Februaristaking (25-26 februari 1941) in Amsterdam.
Veel ambtelijke diensten in Amsterdam waren in die periode intensief bezig met rapportages en controles naar aanleiding van de onlusten en de Duitse verordeningen. Zonder de bijlage is de exacte aard van de "gestelde vragen" niet vast te stellen, maar de strikt formele toon en de snelheid van handelen (een rapport opgesteld op 27 februari, verzonden op 1 maart) duiden op een actieve ambtelijke informatiestroom.