Statistische overzichten uit een jaarverslag (waarschijnlijk van de gemeente Amsterdam, Dienst van het Marktwezen).
Origineel
Statistische overzichten uit een jaarverslag (waarschijnlijk van de gemeente Amsterdam, Dienst van het Marktwezen). [Pagina 8]
De totale hoeveelheid visch, in 1936, 1937 en 1938 door grossiers aangevoerd op het buitenterrein van de Vischmarkt, is vermeld in onderstaanden staat :
| Vischoorten | Aantal kg in de jaren 1936 | Aantal kg in de jaren 1937 | Aantal kg in de jaren 1938 |
|---|---|---|---|
| Aal en paling ........................ | 245.950 | 278.800 | 218.275 |
| Bot .................................. | 18.650 | 21.775 | 15.125 |
| Garnalen ............................. | 655.877 | 643.703 | 446.763 |
| Geep stuks : 3,33 = kg ............... | 8.678 | 510 | 12.270 |
| Griet ................................ | — | — | 25 |
| Kabeljauw ............................ | 43.100 | 23.375 | 41.350 |
| Koolvisch ............................ | — | 10.325 | 2.550 |
| Leng ................................. | — | — | 400 |
| Makreel .............................. | 40.925 | 43.125 | 43.400 |
| Poon ................................. | 150 | — | — |
| Schar ................................ | 25.175 | 20.525 | 25.300 |
| Schelvisch ........................... | 86.925 | 145.650 | 159.225 |
| Schol ................................ | 64.600 | 75.925 | 75.450 |
| Spiering ............................. | 44.325 | 25.000 | 19.025 |
| Tarbot ............................... | 350 | — | 375 |
| Tong ................................. | 250 | 25 | 25 |
| Tongschar ............................ | 650 | 225 | 900 |
| Wijting .............................. | 8.125 | 40.550 | 40.900 |
| Zalm ................................. | — | 23 | — |
| Overige soorten (zeevisch, zoetwatervisch) | 12.525 | 13.600 | 17.275 |
| 1.256.255 | 1.343.136 | 1.118.683 | |
| Panharing ................... in stuks | 3.225.600 | 702.200 | 64.400 |
| Bokking en haring ........... in fust | 170 | 272 | 161½ |
| Gerookte of gestoomde visch .. in kistjes | 225.108 | 215.337 | 193.609 |
| Aantal vaartuigen .................... | 158 | 149 | 103 |
| Markten | Aantal half-jaarplaatsen 1937 | Aantal half-jaarplaatsen 1938 | Aantal weekplaatsen 1937 | Aantal weekplaatsen 1938 | Aantal dagplaatsen 1937 | Aantal dagplaatsen 1938 |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Nieuwmarkt ........... | 36 | 53 | 6.887 | 5.978 | 4.614 | 4.960 |
| Waterlooplein ........ | 12 | 19 | 10.610 | 10.333 | 18.477 | 18.758 |
| Dapperstraat .......... | 58 | 66 | 8.330 | 7.956 | 7.692 | 8.115 |
| Albert Cuypstraat .... | 74 | 53 | 12.913 | 14.023 | 18.611 | 15.995 |
| Ten Katestraat ........ | 62 | 43 | 8.709 | 9.413 | 9.917 | 8.222 |
| Lindengracht ......... | 62 | 75 | 11.549 | 10.843 | 16.635 | 16.575 |
| Zwanenburgwal ........ | — | — | 2.200 | 2.283 | 4.395 | 3.799 |
| Totaal ........... | 304 | 309 | 61.198 | 60.829 | 80.341 | 76.424 |
8
[Pagina 9]
Algemeene dagmarkten.
De aanwijzing der tijdelijke hulpmarkten is tijdens het verslagjaar voor ten hoogste één jaar verlengd.
De opbrengst aan marktgeld bedroeg f 91.745,35 (v.j. f 81.291,50).
Het staatje op de vorige bladzijde geeft een overzicht van de in 1937 en 1938 ingenomen plaatsen.
III. Weekmarkten.
Boom- en bloemmarkt.
De opbrengst aan marktgeld bedroeg f 2025,90 (v.j. f 2012,23).
Uilenburgmarkt.
De opbrengst aan marktgeld bedroeg f 4235,85 (v.j. f 4293,30).
In het verslagjaar werden ingenomen 28.129 (v.j. 28.506) dagplaatsen. Halfjaarplaatsen en weekplaatsen werden niet ingenomen.
Algemeene weekmarkten.
De aanwijzing der tijdelijke hulpmarkten van deze markten is tijdens het verslagjaar voor ten hoogste één jaar verlengd.
De opbrengst aan marktgeld van de algemeene weekmarkten bedroeg f 12.621,45 (v.j. f 9330,65).
In het verslagjaar werden op de volgende markten de daarachter vermelde dagplaatsen ingenomen — de tusschen haakjes geplaatste getallen vermelden de overeenkomstige gegevens over 1937 — Westerstraat 17.552 (17.969), Sumatrastraat 3848 (4074), Jan Evertsenstraat 4045 (3851), Noordermarkt 12.076 (12.190), Amstelveld 10.871 (10.648), Mosplein 7358 (5652), Automarkt 5369 (3787), totaal 61.119 (v.j. 58.171). Halfjaarplaatsen en weekplaatsen werden ook hier niet ingenomen.
IV. Standplaatsen buiten de markten.
Hieronder volgt een overzicht van het aantal vergunningen, door Burgemeester en Wethouders in 1938 verleend voor het innemen van standplaatsen buiten de markten.
| Artikelen | bij het begin van het jaar | in den loop van het jaar: uitgereikt | in den loop van het jaar: ingetrokken | aan het einde van het jaar |
|---|---|---|---|---|
| Eet- of drinkwaren ................... | 441 | 74 | 68 | 447 |
| Bloemen .............................. | 195 | 50 | 44 | 201 |
| Diverse artikelen .................... | 8 | 3 | 3 | 8 |
| Totaal ........................... | 644 | 127 | 115 | 656 |
9 * Economische indicatoren: De tabellen tonen een daling in de totale visaanvoer in 1938 ten opzichte van 1937 (van ca. 1,34 miljoen kg naar 1,12 miljoen kg). Vooral de aanvoer van garnalen en panharing vertoont een forse daling.
* Marktactiviteit: De opbrengst aan marktgeld voor de algemene dagmarkten steeg echter aanzienlijk (van ruim 81.000 naar ruim 91.000 gulden).
* Locaties: De genoemde markten (Albert Cuyp, Waterlooplein, Dapperstraat) bevestigen dat dit document betrekking heeft op Amsterdam. De Albert Cuyp en het Waterlooplein waren destijds (en nu nog) de grootste markten qua aantal plaatsen.
* Sociale context: Het document geeft inzicht in de ambulante handel van voor de Tweede Wereldoorlog. Het systeem van half-jaar-, week- en dagplaatsen duidt op een strak gereguleerd marktwezen. Dit document is een typisch voorbeeld van gemeentelijke verslaglegging uit het interbellum. Het is vermoedelijk afkomstig uit een "Verslag van de Toestand der Gemeente Amsterdam". In deze periode was de controle op de voedselvoorziening en de openbare markten een kerntaak van de gemeente. De jaren 1936-1938 markeren de laatste jaren van relatieve vrede voor de Duitse bezetting; de economische schommelingen die in de cijfers te zien zijn, kunnen zowel te maken hebben met natuurlijke variaties in visvangst als met de bredere economische situatie in Nederland aan de vooravond van de oorlog. De specifieke vermelding van de "Automarkt" (waarschijnlijk de markt voor tweedehands auto's) getuigt van de opkomende modernisering van de stad.