Ambtelijk bijblad/notitie met diverse handgeschreven kanttekeningen en adviezen.
Origineel
Ambtelijk bijblad/notitie met diverse handgeschreven kanttekeningen en adviezen. [Linksboven in kader:]
B I J B L A D V A N :
M. No. 20/35/1 1940
DOORGEZONDEN : 15/4 - '40.
[Rechtsboven, handgeschreven:]
Th. Wolff 213
advies
17-4-40
[onleesbare paraaf/handtekening, mogelijk 'delaar']
[Midden, centraal advies:]
Tegen inwilliging van het verzoek
van Joh. Kok bestaat m.i. geen bezwaar
(Zie rapport Marktopzichter).
[Onder het centrale advies, handtekening:]
Th Wolff
de keurmeester [vermoedelijk]
[Monogram-stempel/paraaf: THW]
[Rechtsonder, in rood kader/stempel:]
Bergen 24/5 - '40
[Paraaf 'R']
[Rechtsonder, handgeschreven instructie:]
Insp.
Kunt U indeling noteeren
in administratie en
brengt U haar verder tot
stand? 4-5-'40 m.p.
[Paraaf 'VL']
[Linksonder, drukwerk:]
Alg. Zaken Model No. 14
10.000-10-1937-1016 Het document is een administratief dossierstuk (een "bijblad") waarin verschillende functionarissen reageren op een verzoek van een zekere Joh. Kok. Het centrale advies is afkomstig van Th. Wolff, die op basis van een rapport van de Marktopzichter concludeert dat er geen bezwaar is tegen het inwilligen van het verzoek.
De chronologie van de aantekeningen (april-mei 1940) toont de voortgang van de procedure:
1. 15 april: Het document wordt doorgezonden.
2. 17 april: Th. Wolff geeft zijn advies.
3. 4 mei: Een instructie aan de inspecteur om de "indeling" in de administratie te noteren.
4. 24 mei: Een definitieve aftekening of stempel vanuit (vermoedelijk de gemeente) Bergen.
De gebruikte terminologie ("Marktopzichter", "inwilliging verzoek") duidt op een gemeentelijke vergunningsaanvraag of een standplaatskwestie. Dit document stamt uit een turbulente periode in de Nederlandse geschiedenis: de aanloop naar en de eerste weken van de Duitse bezetting (mei 1940). Opvallend is dat de ambtelijke molen, ondanks de inval op 10 mei, lijkt door te draaien; de laatste aantekening in het rode kader is gedateerd op 24 mei 1940, kort na de capitulatie.
De verwijzing naar "Model No. 14" van "Algemene Zaken" wijst op een gestandaardiseerde werkwijze binnen het Nederlandse openbaar bestuur van die tijd. Het dossier geeft inzicht in de dagelijkse gang van zaken bij lokale overheden, waarbij zelfs tijdens nationale crises reguliere verzoeken (zoals die van Joh. Kok) werden afgehandeld.