Archief 745
Inventaris 745-321
Pagina 138
Dossier 27
Jaar 1940
Stadsarchief

Handgeschreven brief (verzoekschrift).

Van: G.J. Visser, Anjelierstraat 202-II, Amsterdam.

Origineel

Handgeschreven brief (verzoekschrift). G.J. Visser, Anjelierstraat 202-II, Amsterdam. [Linksboven, handgeschreven notitie:] in Juni [?]

№ 28/47/2 M. 1940 18/6

Amsterdam 17-6-1940

Mijn heer ik heb verleden
week woensdag den 12 juni
een verzoek tot hulp op
den markt Lindegracht
tot u verricht om hulp
van mijn vader te mogen
ontvangen ik zou daar
niet over schrijven maar
de Markt meester wilde
mij niet geloven dat ik
een verzoek tot u gericht
heeft zoo wil ik u
vragen of u het voor
mij in orde wilt maken
dat mijn vader mij
mach helpen.

Hoogachtend
G.J. Visser
Anjelierstr 202 II
Marktplaats
Lindegracht 147 * Inhoud: De briefschrijver, G.J. Visser, heeft eerder (op 12 juni) een officieel verzoek ingediend om toestemming te krijgen voor hulp van zijn/haar vader bij de marktkraam op de Lindegracht. De marktmeester ter plaatse gelooft echter niet dat dit verzoek daadwerkelijk is ingediend. Visser vraagt de instantie nu om een formele bevestiging of afhandeling, zodat de vader mag meehelpen.
* Taalgebruik: Het schrijven is opgesteld in eenvoudig Nederlands met enkele grammaticale fouten ("verzoek... gericht heeft" in plaats van "heb") en archaïsche spelling ("mach" voor "mag"). Dit wijst op een schrijver uit de arbeidersklasse.
* Vormgeving: De brief is geschreven op gelinieerd papier. Bovenaan staan administratieve kenmerken die door de ontvangende instantie zijn toegevoegd, wat duidt op een formele archivering. Het adres "Anjelierstr 202 II" geeft aan dat de schrijver in de Jordaan woonde (2-hoog). * Historische context: De brief is gedateerd op 17 juni 1940, slechts een maand na de Nederlandse capitulatie aan nazi-Duitsland. Hoewel de bezetting net was begonnen, ging het dagelijks leven en de bureaucratie rondom de Amsterdamse markten gewoon door.
* Locatie: Zowel de woonplaats van de afzender (Anjelierstraat) als de werkplek (Lindegracht) bevinden zich in de Jordaan. De markt op de Lindegracht was indertijd een belangrijke plek voor de lokale economie.
* Regelgeving: Toestemming voor "hulp" op de markt was strikt gereguleerd. Men mocht niet zomaar familieleden laten bijspringen; hiervoor was officiële goedkeuring nodig van de marktautoriteiten, waarschijnlijk om zwartwerk te voorkomen of om toezicht te houden op het aantal personen achter een kraam. De marktmeester was de directe handhaver van deze regels op de werkvloer.

Samenvatting

  • Inhoud: De briefschrijver, G.J. Visser, heeft eerder (op 12 juni) een officieel verzoek ingediend om toestemming te krijgen voor hulp van zijn/haar vader bij de marktkraam op de Lindegracht. De marktmeester ter plaatse gelooft echter niet dat dit verzoek daadwerkelijk is ingediend. Visser vraagt de instantie nu om een formele bevestiging of afhandeling, zodat de vader mag meehelpen.
  • Taalgebruik: Het schrijven is opgesteld in eenvoudig Nederlands met enkele grammaticale fouten ("verzoek... gericht heeft" in plaats van "heb") en archaïsche spelling ("mach" voor "mag"). Dit wijst op een schrijver uit de arbeidersklasse.
  • Vormgeving: De brief is geschreven op gelinieerd papier. Bovenaan staan administratieve kenmerken die door de ontvangende instantie zijn toegevoegd, wat duidt op een formele archivering. Het adres "Anjelierstr 202 II" geeft aan dat de schrijver in de Jordaan woonde (2-hoog).

Historische Context

  • Historische context: De brief is gedateerd op 17 juni 1940, slechts een maand na de Nederlandse capitulatie aan nazi-Duitsland. Hoewel de bezetting net was begonnen, ging het dagelijks leven en de bureaucratie rondom de Amsterdamse markten gewoon door.
  • Locatie: Zowel de woonplaats van de afzender (Anjelierstraat) als de werkplek (Lindegracht) bevinden zich in de Jordaan. De markt op de Lindegracht was indertijd een belangrijke plek voor de lokale economie.
  • Regelgeving: Toestemming voor "hulp" op de markt was strikt gereguleerd. Men mocht niet zomaar familieleden laten bijspringen; hiervoor was officiële goedkeuring nodig van de marktautoriteiten, waarschijnlijk om zwartwerk te voorkomen of om toezicht te houden op het aantal personen achter een kraam. De marktmeester was de directe handhaver van deze regels op de werkvloer.

Locaties

Amsterdam.