Dienstbrief van de gemeente Amsterdam.
Origineel
Dienstbrief van de gemeente Amsterdam. 22 juli 1940. Dienst van het Marktwezen, Amsterdam. [Linksboven logo: Stadswapen Amsterdam tussen twee Mercuriusstaven]
MARKTWEZEN
AMSTERDAM HG.
[Handschrift bovenin:] Verzonden 22/7
TELEFOONNUMMER 85151
VERZOEKE BIJ BEANTWOORDING DATUM EN NUMMER TE VERMELDEN
No. 28/54/3 M.
BIJLAGE _
ONDERWERP: _
AMSTERDAM (W.) 22 Juli 1940.
JAN VAN GALENSTRAAT 14
AAN
den Heer H.Frank,
Hemonylaan 18 I,
Amsterdam-Zuid.
Wijk 17.
Op grond van het feit, dat U geen gevolg hebt gegeven aan de aan U gerichte schriftelijke waarschuwing om Uw plaats op de markt Lindengracht regelmatig te bezetten, behoort Uw marktplaats ingevolge artikel 11 van het Reglement op de Markten te worden ingetrokken.
Alvorens hiertoe te besluiten roep ik U op om op 24 Juli a.s. om 9 uur v.m. te komen bij den Inspecteur van mijn dienst, Jan van Galenstraat 14, Amsterdam-West.
De Directeur,
[Onderaan:]
A.Z. MODEL NO. 8. 10.000-6-'38-1633.
--- * Administratieve procedure: De brief betreft een officiële waarschuwing en een oproep voor een hoorzitting. De houder van de marktplaats, de heer H. Frank, heeft zijn toegewezen plek op de Lindengrachtmarkt niet bezet, ondanks een eerdere schriftelijke waarschuwing. Volgens het marktreglement (artikel 11) is dit een grond voor intrekking van de vergunning.
* Tijdlijn: De brief is gedateerd op 22 juli 1940, slechts twee dagen voor de geplande afspraak op 24 juli. Dit duidt op een zeer korte termijn voor de geadresseerde om te reageren.
* Locatie: De afspraak vindt plaats aan de Jan van Galenstraat 14, het terrein van de toenmalige Centrale Markthallen in Amsterdam-West.
* Formulering: De toon is strikt zakelijk en dwingend, typerend voor ambtelijke correspondentie uit die periode.
--- Dit document stamt uit de vroege periode van de Duitse bezetting van Nederland (mei 1940 - mei 1945). Hoewel de brief op het eerste gezicht een routineuze administratieve kwestie lijkt over het niet nakomen van marktplatverplichtingen, is de datum (juli 1940) historisch significant. In deze periode begonnen de eerste anti-Joodse maatregelen vorm te krijgen, hoewel de systematische uitsluiting van Joden van de markten pas later in de oorlog (1941) officieel werd doorgevoerd.
Het adres Hemonylaan 18 I in Amsterdam-Zuid was in die tijd een bekende locatie waar veel Joodse gezinnen woonden. De geadresseerde, "den Heer H. Frank", roept vragen op over een mogelijke connectie met de familie Frank (van Anne Frank), maar nader genealogisch onderzoek zou moeten uitwijzen of het hier gaat om Herbert Frank (de broer van Otto Frank) of een andere naamgenoot. In de archieven van het Marktwezen zijn veel van dergelijke documenten bewaard gebleven die de bureaucratische druk op (vaak Joodse) marktkooplieden in de oorlogsjaren illustreren.